‘Duikers vinden nieuwe diersoorten in Noordzee’

Dat schreef Nu.nl maandag

illustratie nrc next

De aanleiding

Er zijn bijna acht miljoen diersoorten op aarde, schatten Hawaiiaanse wetenschappers in 2011. Volgens diezelfde geleerden zijn er daar pas grofweg een miljoen van ontdekt. Geen wonder dus dat er om de haverklap nieuwe beesten worden waargenomen. Vooral in de zee; daar komt de mens immers niet zo vaak. Zo was het ook raak vorige week in onze eigen Noordzee. Een groot team van duikers vond drie nieuwe diersoorten, waarvan de Favorinus Blianus – een zeenaaktslak – het meest in het oog springend was. Maar is het beestje, amper drie centimeter groot, ook ‘een nieuwe diersoort’, zoals Nu.nl schrijft?

Waar is het op gebaseerd?

We bellen met de redactie van Nu.nl. De redacteur van dienst zegt zich bij het tikken van het bericht te hebben gebaseerd op het persbericht dat stichting Duik de Noordzee Schoon een dag eerder publiceerde. In dat persbericht staat het inderdaad: bij een negendaagse duikexpeditie zijn ‘spectaculaire resultaten’ geboekt: net over de Britse grens werd een Duitse duikboot ontdekt en op de Doggersbank, een gebied in Nederlandse territoriale wateren ter hoogte van de Deense kust, vond een team van 28 duikers liefst drie nieuwe diersoorten.

En, klopt het?

Voor we bellen met de stichting zoeken we de Latijnse naam na die een van de diertjes volgens het bericht in Nu.nl kreeg. De Favorinus Blianus, de zeenaaktslak dus, blijkt al in het World Register of Marine Species te staan sinds de natuurkundigen Henning Lemche en T.E. Thompson het beestje in 1974 voor de Britse kust vonden en het beschreven. En van de andere twee ‘nieuwe’ diersoorten die we halen uit het persbericht van de stichting, de Ophiocomina Nigra (een zeester) en de Strongylocentrotus droebachiensis (een zee-egel), is al sinds respectievelijk 1789 en 1776 bekend dat ze bestaan, lezen we online in datzelfde World Register of Marine Species.

Een telefoontje met Klaudie Bartelink, bestuurslid van de genoemde stichting, helpt ons het verhaal te begrijpen. Zij legt uit dat het niet gaat om wereldwijd ontdekte diersoorten, maar om diertjes voor het eerst gezien in Nederland. Dat blijkt overigens in de laatste zin van het persbericht te staan. Vandaar dus ook de niet-Latijnse namen in het bericht, want in Nederland waargenomen betekent een Nederlandse naam: de naaktslak gaat in de Noordzee voortaan als kristalwitte eiereter door het leven, de zeester als het zwarte sterretje, en de zee-egel als witpunt zee-egel.

Op deze manier ‘ontdekt’ de stichting jaarlijks, dit was de negende duikexpeditie in de Noordzee, vijf diersoorten. Dat tikt dus lekker aan, vindt ook taxonoom (volgens de definitie iemand die met gangbare criteria planten en dieren probeert in te delen) Arjan Gittenberger. Hij dook de voorbije weken vijftien keer de Noordzee in op zoek naar diertjes die hij nooit eerder zag, in Nederlandse wateren dus. In het stuk ondiep (maximaal 50 meter) water rondom de Doggersbank wordt pas sinds 2011 gedoken. De drie genoemde beestjes, die voornamelijk op en rondom scheepswrakken zaten, had hij eerder net over de grens in Groot-Brittannië al eens gezien.

Eigenlijk had Gittenberger ook nog wel met twee nieuwe vissoorten op de proppen kunnen komen, maar dat durfde hij nog niet aan. Daarvoor moet hij er nog eens de maritieme databases en de Molluskenatlas voor niet gewervelde dieren op naslaan. Het zou zomaar kunnen dat de beesten, hoe exotisch ze ook ogen, al eerder in de Noordzee zijn gespot.

Conclusie

De drie nieuwe diersoorten die volgens Nu.nl de afgelopen weken ‘door duikers in de Noordzee werden ontdekt’, zijn niet nieuw. Twee van de drie werden al in de achttiende eeuw voor het eerst beschreven en de zeenaaktslak staat sinds 1974 in de maritieme literatuur. De diertjes, in Nederland voortaan aangeduid als de kristalwitte eiereter, het zwarte sterretje en de witpunt zee-egel, werden wel voor het eerst in Nederlandse wateren gezien. Maar dat stond aanvankelijk niet in het betreffende nieuwsbericht (Nu.nl paste het bericht na ons telefoontje aan). We beoordelen de stelling daarom als onwaar.

    • Dennis Meinema