De Politiecolumn: Wordt de burgemeester straks Hoofdwijkagent?

Wie wil weten wat de vorming van de Nationale Politie betekent kan alvast in Kennemerland terecht. Van de twaalf politiebureaus zullen er acht sluiten. Is de politie straks nog zichtbaar, bereikbaar en aanwezig? In de Politiecolumn zet Kees van der Vijver vraagtekens, ook bij het internetaangifteformulier dat de kloof straks moet dichten.

De plannen van de politiereorganisatie worden langzaamaan geconcretiseerd. Daarmee begint pas echt duidelijk te worden hoe ingrijpend de reorganisatie gaat worden. Als voorbeeld Haarlem en omgeving, Kennemerland. Uit in december 2014 gepubliceerde plannen werd duidelijk dat er van de twaalf politiebureaus in dit gebied acht zullen sluiten. Dat betekent onder meer dat IJmuiden en de daaromheen liggende plaatsen (zo’n 60 duizend inwoners) geen politiebureau meer zal hebben waar burgers terecht kunnen. Het huidige bureau (waar decennialang ruim 100 politiemensen werkten) wordt een ‘nevenvestiging’. Wat dat precies is, is nog niet helder. Het kan een bureau worden waar burgers helemaal niet terecht kunnen (het wordt alleen een verblijfplaats voor bijvoorbeeld wijkagenten), maar ook kan het zo worden dat er de mogelijkheid is om internetaangifte te doen. De IJmuider Courant van 18 december 2014 meldde dat de toenmalige burgemeester Weerwind van Velsen ‘er nog iets had weten uit de slepen’: een baliemedewerker die burgers die aan het bureau komen te woord staat. Dat wil zeggen door te verwijzen naar Haarlem of Beverwijk waar wel gewone politiebureaus blijven bestaan. Als je tenminste iets anders wilt dan internetaangifte.

Dit betekent een enorme terugval in de zichtbaarheid, de aanwezigheid, de bereikbaarheid en de beschikbaarheid van de politie voor contacten met burgers in een groot en divers gebied (strand, havens, industrie). En voor gewone alledaagse toezichttaken. Je vraagt ook nogal wat van bijvoorbeeld ouderen die met een probleem zitten dat iets ingewikkelder is dan internetaangifte, als zij al de beschikking hebben over een computer. Overigens zijn veel aangiften vaak zo gecompliceerd dat je geen kant uit kunt met zo’n geautomatiseerd formulier. En wat nog belangrijker is: een groot deel van politiewerk heeft helemaal geen betrekking op criminaliteit maar op tal van andere maatschappelijke problemen die leiden tot onveiligheid of overlast. Bijvoorbeeld het verkeer of overlastproblemen van jongeren.

Van de lokale kennis zal, buiten de wijkagenten, weinig overblijven. Van surveillance te voet of op de fiets evenmin. En je moet wel een grote optimist zijn om te denken dat de politie nog enige substantiële rol zal spelen in de samenwerking met andere private en bestuurlijke partijen die van belang zijn voor een meer integrale aanpak van de misdaad.

In deze plannen wordt dus gekozen voor een fundamenteel andere wijze van politiezorg dan wij in Nederland tot dusverre gewend zijn geweest. Er zijn natuurlijk best redenen om die stap te zetten. Bijvoorbeeld de noodzakelijke aandacht voor georganiseerde misdaad, de terreurdreiging, de wens om criminaliteits- of ordeproblemen grootschaliger aan te pakken. Maar heel veel onveiligheid speelt nog steeds op wijk- of lokaal niveau, en daarvan komt de politie veel verder af te staan. Dat zal leiden tot ongenoegen bij de bevolking.

Wat ook duidelijk blijkt is dat de burgemeester geen enkele rol speelt bij de vormgeving van de plannen. Hij is gedegradeerd tot een beklagenswaardige randfiguur. Dat betekent weinig goeds voor de toekomst. Hoe kan hij zijn wettelijk verankerde verantwoordelijkheid voor de openbare orde in zijn gemeente waarmaken als hij zelfs geen enkele invloed heeft op dergelijke fundamentele veranderingen? Hoe moet hij een politie aansturen die er niet is? Wordt hij de Hoofdwijkagent? Moet hij steeds aan de regiochef van de politie vragen om taken uitgevoerd te krijgen? Als hij nog iets aan invloed wil kunnen uitoefenen, dan rest niets anders dan het lokale toezicht meer taken en verantwoordelijkheden te geven waarmee het zal uitgroeien tot een nieuwe gemeentepolitie. Maar willen we dat echt?

Minister Van der Steur heeft een heroriëntatie op de plannen aangekondigd. Daar is alle reden voor.

De Politiecolumn wordt afwisselend geschreven door deskundigen uit wetenschap, bestuur en politie. Kees van der Vijver is  emeritus hoogleraar Politie- en Veiligheidsstudies aan de Universiteit Twente.

    • Kees van der Vijver