De economie groeit, maar waarom daalt de werkloosheid nog maar langzaam?

foto iStock

Op Prinsjesdag vierde het kabinet een feestje: de economie groeit, en steeds sneller ook. Dat vertelde het kabinet op gezag van ramingen van het Centraal Planbureau (CPB). Maar die groei is nog nauwelijks zichtbaar in het aantal werklozen, zo blijkt óók uit die CPB-cijfers.

De economie is terug op het niveau van voor de crisis, maar de werkloosheid daalt nauwelijks: van 6,9 procent dit jaar naar 6,7 procent volgend jaar. Dat is historisch een hoog percentage – in de jaren voor de crisis lag de werkloosheid tussen de 3 en de 6 procent.

Vier oorzaken voor het hoog blijven van de werkloosheid:

1. De arbeidsmarkt loopt achter op de economie

De economische groei is wel fors (volgend jaar 2,4 procent, verwacht het CPB), maar ook nog pril. De economie groeit pas sinds halverwege 2014, na de ‘dubbele dip’, de twee opeenvolgende recessies die tussen 2009 en 2013 honderdduizenden banen kostten. Andere Europese landen groeien al langer.

Bij een verbeterd economisch klimaat kijken bedrijven eerst of ze extra werk kunnen opvangen met het huidige personeel. Dat leidt dit jaar tot 2 procent meer arbeidsproductiviteit (de productie per werknemer). Het CPB denkt dat de rek er pas in 2016 uit is, hoewel het daarvan niet helemaal zeker is.

Pas als het bestaande personeel volledig is belast, worden nieuwe mensen aangenomen. De voorzichtige werkgever belt dan eerst een uitzendbureau. Eerst een hogere arbeidsproductiviteit, dan meer uitzendkrachten, en dan meer reguliere banen. Het is een bekend patroon, maar het herstel gaat wel “trager dan verwacht”, zegt de Tilburgse hoogleraar Arbeidsmarkt Ton Wilthagen.

“Trager ook dan in andere Europese landen. Je kunt je afvragen of de problemen in Nederland niet structureel zijn.”

2. Flexmarkt biedt geen soelaas

Eén typisch Nederlandse karaktertrek is de razendsnelle flexibilisering van de arbeidsmarkt. Het aantal flexwerkers is sinds 2008 gedaald, het aantal mensen met flexibele contracten nam in dezelfde periode juist toe. Ongeveer 35 procent van de werkende Nederlanders is flexwerker of zzp’er. “Weinig andere landen kennen een dergelijk hoog percentage”, aldus het CPB.

Het verlies aan 600.000 vaste banen wordt maar heel gedeeltelijk opgevangen door de nieuwe ‘flexmarkt’. Deze zomer hadden 63.000 meer jongeren werk dan een jaar geleden, zo meldde het CBS onlangs, maar dat zijn hoofdzakelijk deeltijdbanen tot twaalf uur per week. Wilthagen:

“Zij verdwijnen uit de werkloosheidsstatistieken, maar willen vast meer werken. In het Engels heeft zoiets underemployment. Het wordt tijd om een Nederlandse term te vinden.”

3. Meer mensen komen de arbeidsmarkt op

Het aantal beschikbare banen stijgt weliswaar, maar ook het aantal werkzoekenden neemt toe. Het zijn vooral vrouwen en vijftigplussers, schrijft het CPB. Beide groepen worden al jaren actiever op de arbeidsmarkt; de vrouwenemancipatie is nog steeds gaande en ouderen zien zich door overheidsbeleid gedwongen om langer te werken. VUT-regelingen zijn afgebouwd, de AOW-leeftijd is verhoogd en de WW versoberd.

Veel werkloze ouderen en vrouwen die zich tijdens de crisis ‘ontmoedigd’ voelden om werk te zoeken, zullen volgend jaar weer als werkzoekende melden, denkt het CPB. Want als er meer goed nieuws is over de economie, wagen meer mensen weer de stap naar de arbeidsmarkt.

Voor lang niet alle ‘ontmoedigde’ herintreders zal plek zijn. Wilthagen:

“Ouderen zijn vaak niet populair bij werkgevers. Ze zijn duur, vaker ziek en hebben meer behoefte aan vaste contracten. Val je eenmaal uit als oudere, dan kom je ook niet meer terug.”

Ook het kabinet maakt werken aantrekkelijker: het verhoogt de arbeidskorting (het belastingvoordeel voor werkenden) en subsidieert kinderopvang weer wat meer.

4. Minder banen in de zorg en bij de overheid

Door bezuinigingen is er minder werk bij de overheid en in de zorg – de “banenmotoren van voor de crisis”, zegt Wilthagen. De werkgelegenheid in de zorg daalt sinds 2013. Dit is “een van de verklaringen voor het feit dat de werkloosheid langzamer terugloopt dan na eerdere perioden van lage of negatieve groei”, stelt het CPB.

Minister Edith Schippers (Volksgezondheid, VVD) wil de kosten in de zorg beheersen, maar dat pakt negatief uit voor een ander doel dat het kabinet nastreeft: werkloosheidsbestrijding. Uit CBS-cijfers blijkt dat de afgelopen twee jaar 65.000 banen in de zorg verloren gingen. Wilthagen:

“Mensen die in de zorg werkten, vaak vrouwen, zien zichzelf niet gauw ergens anders werken. Soms in andere ‘service’-beroepen, zoals in de detailhandel. Maar nu winkels verdwijnen door de internethandel, is daar ook niet veel plek.”

    • Mark Beunderman