Handige jongens waren het

Wie: Ginaro

Waar: Rotterdam

Kwestie: bedreiging, inbraak, overval, wapenbezit

Ik geloof er niks van, mevrouw. Als ik nu aan deze tafel kom, zit mijn DNA erop. En dan zal er geen DNA op de kluis hebben gezeten? Het is het enige wat Ginaro zegt, in het uurtje dat hij in de rechtszaal doorbrengt. De officier vraagt om uitstel. De advocaat dient een waslijst onderzoekswensen in.

De zaak ligt al stil sinds 2011. Ginaro was namelijk verdwenen, naar de Dominicaanse Republiek, waar hij vandaan komt. Dat hij onlangs toch is gearresteerd, noemt de officier van justitie puur geluk. Hij wilde op familiebezoek, in Rotterdam, en dacht via België onopgemerkt Nederland te bereiken. Nee dus. En nu zit hij alweer een paar maanden vast. Een andere verdachte werd eerder veroordeeld, tot vier jaar cel.

Justitie brengt Ginaro in verband met vijf overvallen op banken, postkantoren en een Lidl-supermarkt, tussen 2005 en 2011. Het personeel werd steeds bedreigd met een vuurwapen en/of een mes, vastgebonden met tiewraps. Daarna werd de kluis geleegd – ze haalden ongeveer 2,5 ton binnen.

Vaak braken ze heel vroeg in, via de kruipruimte, een plafond of een naburig pand. Zodra het personeel binnen was, de alarminstallatie uit en het tijdslot de kluis deblokkeerde, kwamen ze tevoorschijn. Handige jongens waren het, die constructies van balken en spanbanden aanlegden om hun doel te bereiken. Een keer bouwden ze van het ene pand naar het andere een loopbrug.

De politie vond Ginaro’s DNA op spanbanden, tiewraps, schoenveters, een zonnebril (in een vluchtauto), een pruik, een panty, en een helm. Die zat in een achtergelaten tas waarin met ballpoint een naam stond – die van een neefje van een ex van Ginaro. Verder is er niks. Geen telefoonverkeer, geen herkenning door getuigen, geen camerabeelden. Sterker, de signalementen lijken niet op Ginaro te slaan. Een „grote neger met dikke lippen” was er gezien. Of „twee Marokkanen die goed Nederlands spreken”. Ginaro is klein van stuk, spreekt slecht Nederlands en is hooguit licht getint.

De officier wil de DNA-sporen met de modernste technieken opnieuw onderzoeken. De advocaat betwist alle DNA-sporen. Het zijn óf „verplaatsbare sporendragers”, die dus overal geweest kunnen zijn, of het zijn „biologische contactsporen” die niet aan het delict verbonden kunnen worden. Hij herinnert eraan dat eerder de rechtbank Zutphen vrijspraak gaf omdat het enige bewijs een zwak DNA-spoor op een verplaatsbaar object was. DNA op de tiewraps en de spanbanden kunnen daar zijn verzeild omdat Ginaro als klusser werkte, in de woning van de medeverdachte.

Ook wil de advocaat weten of de forensische opsporing wel handschoenen, mondkapjes, beschermende kleding en schoenhoesjes droeg. En zou de verdediging de verbalisanten mogen verhoren? En over welk type DNA-spoor hebben we het: bloed, huid, speeksel? En dat spoor in de pruik: volgens een getuige droeg de grootste van de twee daders de pruik. En Ginaro is een klein mannetje. De advocaat wil ieder DNA-spoor door een onafhankelijk deskundige laten beoordelen.

De officier schampert dat de verdediging aan een „visexpeditie” bezig is. Wel van alles suggereren, maar niets onderbouwen. En moeten er nu echt politiemensen ondervraagd worden over een zaak uit 2005? Sindsdien waren ze op honderden ‘plaatsen delict’ actief. Wie weet nog of hij toen een kapje droeg? Nergens blijkt dat de normen destijds niet zijn gevolgd.

De rechtbank zegt aan een korte schorsing genoeg te hebben en blijft een uur weg. Dan worden alle verzoeken van de verdediging afgewezen, op wat kleinere punten na. De zaak wordt geschorst tot het OM met nader onderzoek klaar is.

    • Folkert Jensma