Een koning-lobbyist heeft ook zijn beperkingen

Lobbyen bevalt de koning, stellen royaltykenners. Kan hij Nederland in de Veiligheidsraad krijgen?

„De koning ontwikkelt zich tot een overal inzetbaar reclamebord voor Nederland”, zegt Dorine Hermans. „Een chic reclamebord, dat wel.” Volgens de historica en koningshuisexpert krijgt Willem-Alexander steeds meer de rol van belangenbehartiger en lobbyist voor Nederland. „Daar kleven risico’s aan, zo weten we sinds het Lockheed-schandaal rond prins Bernhard.”

Hermans reageert op een mededeling van de Rijksvoorlichtingsdienst. Die maakte dinsdag bekend dat de vorst een rol gaat spelen bij de poging voor Nederland een tijdelijke zetel (voor 2017 en 2018) te bemachtigen in de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties. Nederland aast al langer op die VN-plek. Daar heb je betere toegang tot informatie uit het diplomatieke circuit en kun je een rol te spelen bij het oplossen van internationale conflicten. Dat levert weer prestige op.

Prominente plek

Om de positie van Nederland in de slag om de zetel te versterken (Zweden en Italië azen er ook op) zal Willem-Alexander eind deze maand de jaarvergadering van de VN toespreken over vrede en veiligheid. Door de koninklijke presentie krijgt Nederland een prominente plek op de sprekerslijst. De bijeenkomst wordt bezocht door tal van staatshoofden en regeringsleiders.

Koningshuiskenners als Dorine Hermans en Coos Huijsen vinden de aankondiging passen in de koers van de nieuwe koning. Al langer profileert hij zich als boegbeeld voor Nederland in het buitenland, vooral voor het bedrijfsleven. Daarbij aarzelt hij niet om te lobbyen voor Nederlandse producten. Zo drong de vorst oktober vorig jaar bij de Japanse premier Abe aan op het openen van de Japanse markt voor producten uit het Westland.

„Het is duidelijk een nieuwe richting die het koningschap van Willem-Alexander is ingeslagen”, zegt Hermans. Ze schreef boeken over onder anderen Willem-Alexander, Pieter van Vollenhoven en de hofhouding van de Oranjes. „Weliswaar denk ik dat ook Beatrix met plezier de uitnodiging zou hebben aanvaard om de VN toe te spreken, maar dan meer vanuit een idealistische bevlogenheid”, zegt Hermans. „Beatrix zou zich, anders dan haar zoon, verre hebben gehouden van het lobbydeel. De koningin zag zich nooit als lobbyist. Dat tekende ook haar houding tegenover handelsmissies. Ze zag met lede ogen hoe handel steeds belangrijker werd bij haar buitenlandse reizen. Haar zoon werkt er juist enthousiast aan mee.”

Koningin Máxima is daarbij belangrijk, zegt Hermans. „Máxima geeft de lobby in de VN dubbele kracht. Zij is een van de bekendste en populairste royals ter wereld. Doordat zij bij de VN werkt, wordt de schijn gewekt dat zij haar man heeft gepousseerd.”

Historicus en koningshuiskenner Coos Huijsen vindt de internationale activiteiten passen bij de voorkeuren die Willem-Alexander al als kroonprins aan de dag legde. Zo was hij lid van het Internationaal Olympisch Comité. Die post wilde Willem-Alexander heel graag bekleden, ondanks sterke reserves van toenmalig premier Wim Kok. Diens terughoudendheid hield verband met de magneetwerking van het IOC op de internationale jetset en allerlei corruptiezaken. „Ook daar moest Willem-Alexander leren zorgvuldig met Nederlandse belangen in een internationale omgeving om te springen”, aldus Huijsen.

Hij is minder bang voor affaires rond de koning dan Hermans. „De Lockheed-kwestie heeft lang verlammend gewerkt op de Oranjes”, zegt Huijsen. Al te directe omgang met het bedrijfsleven werd daarna taboe. „Ik ben blij dat Willem-Alexander er ontspannener mee omgaat”, zegt Huijsen. „Tegelijkertijd denk ik dat hij zich bewust blijft van de risico’s die aan belangenbehartiging kleven.”

Cees Fasseur, biograaf van onder anderen koningin Wilhelmina, vindt kritische opmerkingen over het lobbywerk van de koning „wat zuur” en „gezeur”. Wat is er mis mee als het staatshoofd een handje helpt in het internationale circuit, zegt hij. „Dat doen andere staatshoofden toch ook? En misschien gaat Zweden, dat klaarblijkelijk ook in de race is voor een zetel bij de VN, ook het koningshuis in de strijd werpen.” Maar risico’s zijn er ook, weet Fasseur. De lobby kan mislukken. En wat als de koning de VN toespreekt voor een half lege zaal?

Historicus Jeroen Koch, die in 2013 een biografie van ‘koning-koopman’ Willem I publiceerde, relativeert het belang van een lobbyrol voor de koning binnen de VN. „Het echte lobbywerk moet komen van de premier en de minister van Buitenlandse Zaken.”

Koch relativeert ook het belang van een vorstelijke speech voor de VN. „Zeker sinds we mensen met gezag in VN-kringen als Max van der Stoel en Jan Pronk moeten missen, komt het niet aan op woorden, maar op onze daden”, zegt hij. „Welke rol speelt Nederland bij grote internationale problemen, zoals het opvangen van de vluchtelingenstroom? Dat beïnvloedt onze kans op een zetel veel meer dan een koninklijk optreden.”