Vliegenvanger

De vliegenmeppertentoonstelling, die komend weekend afloopt (haast u!), heeft behalve enthousiaste bezoekers ook een bijzondere aanwinst voor het Natuurhistorisch Museum opgeleverd: een vliegenvangmachine. Hajo en Trijntje Vleming kondigden de schenking per brief aan: „Hij is rond 1920 door mijn oom gekocht om de steekvliegen in zijn paardenstal in Indië mee te vangen. Hij is sadistisch doordacht – dat zou hem tot museumstuk kunnen maken.”

Het eikenhouten kistje meet 24×24×15 centimeter en is met koper beslagen. Een veermechanisme drijft een tergend langzaam ronddraaiende klos aan. Besmeerd met leverpastei transporteert dit klosje de gelokte vliegen ongemerkt naar het binnenste van het kistje, waar een sprankje licht de insecten via een fuik naar een uitneembaar opvangkooitje van horrengaas dirigeert.

Dit wonder van vernuft is gefabriceerd door de Japanse klokkenmaker Owari Tokei in Nagoya. Dankzij de patentnummers 23359 en 27748 die op een bronzen schildje staan, kom ik achter het hogere doel van het apparaat. De gevangen vliegen dienen als levend voer voor koikarpers.

Het echtpaar Vleming gebruikte het museumstuk voor wat anders: „De vangst, soms honderden wespen na een mooie middag, werd na de afwas in het hete sop gedood door het hele kooitje onder te dompelen.”

    • Kees Moeliker