Oh nee hè, alweer een nieuwe tv-serie

Foto Showtime

Wie alle nieuwe tv-series zou willen kijken die dit jaar in de VS zijn gemaakt, moet pakweg zeven maanden 24 uur per dag televisie kijken. Tel de series uit Europa mee, en je hebt aan een jaar niet genoeg. Hoe komt dat, en is het een probleem?

1. Steeds meer bedrijven bieden series aan

In de VS zijn nu meer dan zestig grote, rijke kopers van kwaliteitsdrama. Dat zijn niet alleen de traditionele netwerken en kabelzenders, maar ook technologieconcerns en telecombedrijven die ‘videocontent’ willen aanbieden. In Nederland zou Ziggo overwegen een eigen sportkanaal te beginnen, KPN bestelt zelf bij producent Endemol de dramaserie Brussel, exclusief voor zijn abonnees.

2. Kijkers hebben niet meer tijd of geld…

Het aantal aanbieders mag dan wel toenemen, net als de Amerikaanse bedrijven die stappen zetten buiten de VS, de tijd die kijkers hebben blijft beperkt. Die paar ‘bingewatchers’ die in één weekend de nieuwe Game of Thrones kijken daargelaten, heeft de ‘gewone’ consument de afgelopen jaren niet meer tijd gekregen om tv te kijken.

Bovendien heeft die kijker geen geld om bij al die nieuwe aanbieders zo maar een abonnement af te sluiten. In Nederland hebben kabelklanten er vaak een Netflix-abonnement bij, bleek uit recent onderzoek van bureau Telecompaper, maar om dan ook nog abonnee te worden van RTL’s Videoland Unlimited of NLziet is te veel voor de kostenbewuste kijkers.

3. …maar producenten moeten hun enorme investering terugverdienen

Je moet behoorlijke aantallen abonnees werven om uit de (altijd ver vooraf gemaakte) kosten te geraken. Een nieuwe serie produceren van de hoge kwaliteit die kijkers verwachten, kost veel tijd en geld. Amazon-baas Jeff Bezos heeft over het aantrekken van het Top Gear-team gezegd dat dat “heel, heel, heel duur” was.

Partijen als Discovery Networks en Netflix zijn in het voordeel, omdat zij een internationaal netwerk hebben van eigen zenders. Zij kunnen snel een groot publiek bereiken en zo sneller dan partijen als Amazon, die nog moeten bouwen aan hun internationale aanwezigheid, hun investeringen terugverdienen.

Welke series moet je de komende tijd in ieder geval in de gaten houden?

“Onze shows worden mogelijk gemaakt door [de verkoop op] internationale markten”, stelt ook Paul Buccieri van A+E Networks, in Nederland bekend van de History Channel en series als Pawn Stars. Een eigen video-on-demanddienst opzetten voor kijkers buiten de VS, is echter lastig voor een partij als A+E. Bestaande buitenlandse verplichtingen belemmeren dat. Lokale zenders, neem Veronica in Nederland, zitten niet te wachten op een videodienst van A+E met hetzelfde aanbod.

4. Gevolg: overaanbod van series

“We moeten ons serieus afvragen of er voldoende vraag blijft naar alle series die nu worden gemaakt”, aldus Buccieri. Hij gaf meteen zelf het antwoord: “Er is te veel dramatic content.” Volgens Buccieri blijft er alleen ruimte voor de allerbeste series en voor goedkope, snel gemaakte producties. “Het middensegment verdwijnt.”

Is dat groeiende (buitenlandse) aanbod aan televisieseries nou goed nieuws voor de Nederlandse kijker? Ja en nee. Uiteindelijk vinden de beste series zich wel een weg naar Nederland. Via Netflix, via de publieke omroep (hoewel die ’s avonds laat worden getoond) en soms ook via de commerciëlen.

Tegelijkertijd vindt de concurrentie die zorgt voor dat enorme aanbod niet plaats in Nederland. Tot frustratie van veel Nederlandse seriefans. Videodienst Hulu is hier niet te zien. Wanneer Apple TV begint (in Europa) is onduidelijk. En het is onbekend of Amazons tv-dienst naar Nederland komt.