Linkse partijen in Europa zijn blij met de radicale Brit

De nieuwe Labourleider Jeremy Corbyn is voor radicaal links elders ook een ‘opsteker’. Maar of die ‘hoop’ beklijft, is de vraag.

Jeremy Corbyn, afgelopen weekend gekozen tot leider van de Britse Labourpartij. Foto Kirsty Wigglesworth/AP

De Britse Labourpartij heeft een zeer linkse leider. Afgelopen zaterdag koos de partij de 66-jarige outsider Jeremy Corbyn tot aanvoerder van de partij.

Hij sluit op een aantal punten aan bij de opstand van linkse kiezers elders in Europa. Een opstand tegen de partijtijgers, tegen de bezuinigingen, tegen ‘verkwanseling’ van traditionele idealen als gelijkheid en solidariteit.

Het aantreden van Corbyn „is een belangrijke opsteker voor het pan-Europese front tegen bezuinigingen, een boodschap van hoop”, zei de radicaal-linkse Griekse regeringspartij Syriza, die de socialistische Pasok vrijwel heeft weggevaagd.

In Madrid noemde Pablo Iglesias, die met zijn partij Podemos een modern alternatief wil vormen voor de socialistische partij PSOE, het aantreden van Corbyn „een stap vooruit in de richting van verandering in Europa ten voordele van de mensen”. Ook op het jaarlijkse feest van de communistische krant l’Humanité in Parijs klonk een ongebruikelijk applaus voor de keuze van Labour. Yanis Varoufakis, de Griekse ex-minister van Financiën, te gast in Parijs, zag hier een extra stimulans in om door te gaan met zijn plan voor een Europabrede beweging tegen het bezuinigingsbeleid.

Het is de vraag of dit enthousiasme anderen aansteekt. Iglesias bijvoorbeeld streeft naar een radicale breuk met het oude politieke bestel in Spanje. Daarvoor klinkt Corbyn misschien net iets te nostalgisch en is de gemobiliseerde vakbondsmacht achter hem misschien net iets te klassiek sociaal-democratisch. Dat geldt in Italië in zekere zin ook voor de protestbeweging van Beppe Grillo, die zijn mensen toch liever via internet bereikt.

Bovendien hebben de grote linkse partijen in Europa na Tony Blair niet direct inspiratie gezocht bij Labour.

Kater na de campagneretoriek

De Franse president François Hollande klonk in zijn campagne ook radicaal, maar de day after won het realisme. Samen met zijn Italiaanse geestverwant Mario Renzi pleit Hollande weliswaar voor een minder rigide bezuinigingsbeleid. Maar ook dan zal hij liever samen op de foto gaan met de realistische Duitse SPD-leider Sigmar Gabriel dan met de utopische Corbyn.

Renzi zelf kiest eigenlijk de omgekeerde weg van Corbyn. Hij wil juist afstand nemen van de oude rituelen van links en schuift op naar het midden, om zo zijn Democratische Partij ook voor centrumkiezers aantrekkelijk te maken. In de Italiaanse context is dát de grote vernieuwing op links.

Corbyn legt wel een vraag op tafel waar de traditionele sociaal-democratische partijen al decennia mee worstelen. Wat staan we voor? De financiële en schuldencrisis had kunnen leiden tot vernieuwing, maar vrijwel nergens zag de kiezer hun programma’s als een herkenbaar eigen recept. Het bleef vaak neoliberaal beleid met een rood of, vaker, roze sausje.

Het feest van l’Humanité

Corbyn, Grillo, Syriza en de gasten op het feest van l’Humanité willen dat links afstand neemt van dat neoliberalisme. Maar zij vertegenwoordigen meer een protest dan een uitgewerkt alternatief. Het protest van de slachtoffers van globalisering: mensen die ongelijkheid zien toenemen en laaggeschoold werk zien verdwijnen, voor wie ook de partijbestuurders zakkenvullers zijn geworden.

Op rechts zijn vergelijkbare protesten zichtbaar, onder aanhangers van het Front National in Frankrijk en de Lega Nord in Italië. Of, in extremere vorm, bij aanhangers van de neonazistische Gouden Dageraad in Griekenland.

Syriza in Griekenland is daar een voorbeeld van. Die partij is vooral sterk geworden door de behoefte van Griekse kiezers om ‘nee’ te zeggen tegen het oude politieke bestel en tegen wat wordt gezien als een Europees dictaat van bezuinigingen. Premier Tsipras probeert in de vervroegde verkiezingen van zondag steun te krijgen voor zijn ‘realisme-onder-protest’. Daar zit echter eerder onmacht achter dan een rijkdom aan ideeën.

    • Marc Leijendekker