Labour neemt een groot risico

Vier maanden nadat de Britse kiezers in meerderheid voor rechts kozen, heeft de Labourpartij besloten nog een flink stuk verder naar links op te schuiven. De verkiezing van de radicaal linkse Jeremy Corbyn tot partijleider markeert een breuk: met de politieke koers die de partij de afgelopen twee decennia heeft gevaren, én met tal van prominente politici in de partij die er een fundamenteel andere visie op na houden dan hun nieuwe voorman, die tot voor kort een dissident in de eigen gelederen was.

De overtuigende zege van Corbyn, die met bijna zestig procent van de stemmen zijn rivalen ver achter zich liet, toont aan dat er bij de achterban van Labour grote behoefte bestaat aan verandering. En aan een politicus die klassiek linkse idealen met verve uitdraagt en zich verzet tegen het bezuinigingsbeleid van de afgelopen jaren. Wat ook de kwaliteiten waren van zijn meer gematigde, directe voorgangers, ze hebben noch bij het Britse electoraat noch binnen hun eigen partij voldoende enthousiasme weten te wekken.

Een groot deel van de stemmen op Corbyn was afkomstig van mensen die zich speciaal, tegen betaling van drie pond, bij Labour hadden aangemeld om te kunnen meestemmen. Die mogelijkheid was eerder dit jaar geschapen om een breder publiek bij de partij te betrekken. Over de wijsheid van deze nieuwe procedure valt te twisten. Maar wie achteraf klaagt dat Corbyn eigenlijk geen écht mandaat heeft, laat alleen zien dat hij slecht tegen zijn verlies kan. In een democratie is het goed als onvrede onder de bevolking een duidelijke stem heeft in het parlement, en als tegenover een regering een kritische oppositie staat.

Toch zijn er goede redenen zich zorgen te maken over de gevolgen van Corbyns zege. Een partij moet zelf weten of ze door de keuze van een radicale leider kiezers van zich vervreemdt en de kans verspeelt om weer aan de macht te komen. Maar Labour is sinds jaar en dag een van de pijlers van de Britse politiek – als de partij door onderlinge verdeeldheid of radicalisering voor langere tijd als machtsfactor zou verdwijnen, is dat een zorgelijke ontwikkeling.

Sommige ideeën van Corbyn lijken uit een andere tijd afkomstig, andere uit de propagandamachine van het Kremlin. Zo pleit hij voor hernationalisering van de posterijen en energiemaatschappijen. En de geestverwant die hij benoemde tot schaduwminister van Financiën is zelfs een verklaard tegenstander van het kapitalisme. Zelf gelooft Corbyn in de mythe dat de NAVO bezig is Rusland te omsingelen, zoals hij schreef na de Russische annexatie van de Krim. Zijn houding ten opzichte van de Europese Unie is onduidelijk. Labour neemt met deze leider een groot risico.