Opinie

    • Frits Abrahams

De kat Taki

In een Amsterdams winkeltje kocht ik onlangs een zwart-witfoto van Raymond Chandler (1888-1959), een van de grootste misdaadschrijvers van de vorige eeuw. Voor een misdaadschrijver zit hij er tamelijk braaf bij: tevreden pijprokend en met een grote zwarte kat over zijn arm. Ik kende meer foto’s van hem met kat, maar deze was het innigst. De foto dateert van 1945 en werd gemaakt door John Engstead voor Harper’s Bazaar.

Zo’n foto verwacht je niet bij een schrijver die vooral fameus werd dankzij zijn hardboiled, directe proza. „I was neat, clean, shaved and sober, and I didn’t care who knew it. I was everything the well-dressed private detective ought to be.” Zo introduceert hij zijn cynische held Philip Marlowe in The Big Sleep, een van zijn bekendste romans.

Chandler trouwde in 1924 een achttien jaar oudere vrouw, Cissy, en werd na haar dood nog depressiever en alcoholischer dan hij toch al vaak was geweest. Op die foto met kat moet hij 57 jaar zijn geweest. Ik heb het nagezocht in de biografie The Life of Raymond Chandler door Frank MacShane: de kat is een zwarte Pers, genaamd Taki, afgeleid van het Japanse woord take (bamboe). De Chandlers hadden het dier sinds 1930 in huis. In een brief aan een vriend noemt hij Taki zijn secretaresse, „omdat ze bij me is sinds ik begon te schrijven, gewoonlijk zittend op het papier dat ik wilde gebruiken”.

Chandlers agent in Hollywood, H. Swanson, heeft eens gezegd dat die kat „meer van Chandler wist dan wie ook”. „Chandler was een loner, een verlegen man en hij kon kil en lomp overkomen. Hij was goed voor zijn kat en voor zijn vrouw toen ze ziek en stervend was.”

Het kinderloze echtpaar leidde in La Jolla (Californië) een geïsoleerd leven waarin Taki als een menselijk wezen behandeld werd. Voor Chandler werd ze een plaatsvervangend kind, constateert MacShane, een uitbreiding van zijn persoonlijkheid. „Taki trekt zich van niemand iets aan, daarom houd ik van haar”, zei Chandler tegen een interviewer.

Hij zei haar humor te bewonderen en „haar volkomen evenwichtigheid, een zeldzame kwaliteit, zowel bij dieren als bij mensen. En ze is niet wreed, wat nog zeldzamer is bij katten.”

Wel kon ze nogal tiranniek zijn, zoals hij aan een vriend schreef. „Als ze zich alleen voelt, kan ze bloedstollende kreten slaken tot iemand zich naar haar toe haast.” Chandler vond katten geen sentimentele beesten, zoals honden, „maar dat betekent niet dat ze geen affectie kennen”.

Op 15 december 1950 schrijft hij bedroefd aan Swanson: „Onze kleine zwarte kat moesten we gistermorgen laten inslapen. We zijn er behoorlijk kapot van. Ze was bijna 20 jaar. We zagen het natuurlijk aankomen, maar we hoopten dat ze nog zou aansterken. Maar toen ze te zwak werd om op te staan en bijna met eten ophield, restte ons niets anders.”

De Chandlers namen een nieuwe zwarte Pers die zoveel op de vorige leek dat ze haar ook maar Taki noemden. Hielden ze ook zoveel van deze opvolger? Dat staat nergens.

Cissy Chandler stierf in 1955 tot grote droefenis van haar man, die zich op de avond na de begrafenis met vrienden bedronk en een poging deed Taki de Tweede aan een vriend te schenken. Een kattenvriend die zijn kat wil wegdoen, is ernstig in de war. Niet lang daarna deed Chandler een zelfmoordpoging, maar hij schoot in het plafond. Vier jaar later stierf hij aan een longontsteking.

    • Frits Abrahams