Slaagt Europa voor deze test?

de EU-bijeenkomst van vandaag Worden de landen van de Europese Unie het eens om 160.000 vluchtelingen te verdelen? Ministers komen vandaag in Brussel bijeen.

Vandaag gaan EU-lidstaten, tijdens een ministeriële bijeenkomst in Brussel, proberen om de regie over de uit de hand gelopen vluchtelingencrisis te herwinnen. De Europese Commissie heeft voorstellen gedaan, het Europees Parlement steunt die, maar lidstaten zijn zwaar verdeeld over wat intussen een test voor de EU zelf is geworden. Als ze er vandaag niet uit komen, volgt snel een extra top van regeringsleiders.

1 Waar gaat het vandaag over?

Te midden van de ruzies valt er ook een concreet besluit: over de herverdeling van 40.000 vluchtelingen die in Italië en Griekenland voet aan wal hebben gezet en de asielsystemen daar overbelasten. In juni werd hierover een politiek akkoord bereikt, vandaag wordt dit afgehamerd en kan de ‘relocatie’ ook echt beginnen. Het struikelblok is een voorstel van de Commissie om nog eens 120.000 vluchtelingen op te nemen, ditmaal ook ten gunste van Hongarije. Hierover moet vandaag een principe-akkoord worden bereikt. Of dat lukt is onzeker: er is veel verzet tegen de bindende quota per EU-land die de Commissie bepleit. Voor de eerste 40.000 ‘relocaties’ zijn die nog vrijwillig, maar al voor de zomer werd duidelijk dat Oost-Europese landen, maar ook Oostenrijk en Spanje, minder vluchtelingen willen opnemen dan gevraagd.

2 Blijft het bij die 160.000?

Bij de twee huidige relocatie-plannen beroept de Commissie zich op een nooit eerder toegepast ‘noodartikel’ van het Verdrag van Lissabon (78 lid 3), dat sneller handelen mogelijk maakt, buiten de gewone wetgevende procedure om. Op termijn wil Brussel dat er een permanent, in de wet verankerd mechanisme komt dat bij duidelijk omschreven noodsituaties in werking treedt. De vraag is: wie beslist? In de voorstellen van de Commissie is dat de Commissie zelf: lidstaten kunnen binnen twee weken bezwaar aantekenen. Zo’n hoofdrol voor Brussel ligt gevoelig. Mede daarom is Hongarije tegen, ook al zou het er nu zelf baat bij hebben. Premier Viktor Orbán kwam zaterdag met een tegenvoorstel: lidstaten moeten landen rondom Syrië (Turkije, Libanon, Jordanië) geld geven om vluchtelingen op te vangen, om te beginnen 3 miljard euro, net zo lang „totdat de vluchtelingenstroom opdroogt”.

3 Wie worden er geherhuisvest?

Het mechanisme is voor kansrijke asielzoekers, die in minstens 75 procent van de gevallen ook echt asiel krijgen. In 2014 voldeden Syrië en Eritrea aan dit criterium, intussen ook Irak. Alleen vluchtelingen die na 15 augustus zijn aangekomen, komen voor relocatie in aanmerking. Voor de rest geldt de Dublin-verordening: zij moeten in het land blijven waar ze het eerst zijn geregistreerd en daar de procedure doorlopen.

4 Hoe werkt het concreet?

De EU wil, in eerste instantie in Griekenland en Italië, zogenoemde hotspots inrichten waar vluchtelingen uitgebreid worden geïdentificeerd en geregistreerd, ook met vingerafdrukken. Dat gebeurt onder leiding van het Europees Ondersteuningsbureau voor Asielzaken (EASO) en Frontex, het EU-agentschap dat de buitengrenzen helpt bewaken. Lidstaten kunnen helpen. Na een besluit, waarbij rekening gehouden wordt met talenkennis en familiebanden, moet de herhuisvesting binnen twee maanden zijn voltooid. Een lidstaat krijgt 6.000 euro voor elke opgenomen persoon. Italië en Griekenland krijgen 500 euro om de kosten van elke overdracht te dekken. Wie geherhuisvest is, heeft nog geen asiel. Daar besluit het bestemmingsland over.

5 Wanneer wordt hiermee begonnen?

Zodra het besluit is afgedrukt in het Publicatieblad van de EU, vrijwel meteen dus. Vervolgens worden de hotspots ingericht en kunnen al vrij snel, het streven is na een maand, de eerste vluchtelingen worden geherhuisvest. Overigens heeft het mechanisme een looptijd van twee jaar.

6 Kan de EU niet sneller reageren op de crisis?

Snel handelen is, met 28 lidstaten, nooit het sterke punt van de EU. Maar de lidstaten vinden zelf dat hen ditmaal niet veel te verwijten valt. Over de 40.000 vluchtelingen bereikten zij in juni al een principe-akkoord. Daarna moest op het Europees Parlement worden gewacht. Dat sprak zich pas vorige week uit. Wat de besluitvorming ook vertraagt, is het streven naar unanimiteit. Formeel is die niet nodig, een (gekwalificeerde) meerderheid volstaat, maar gezien de vele gevoeligheden heeft het vooralsnog de voorkeur.