Ondergang A-Film verrast vooral kleine schuldeisers

Een van de grootste filmdistri-buteurs van Nederland heeft vandaag uitstel van betaling aangevraagd. Niet onverwacht.

Frank Lammers als Michiel de Ruyter in de gelijknamige film die dit jaar door A-Film werd uitgebracht. Opname uit de film Michiel de Ruyter

De bioscoopfilms Michiel de Ruyter en Bloed, Zweet en Tranen hebben distributeur A-Film niet meer kunnen redden. Vandaag heeft het bedrijf uitstel van betaling aangevraagd bij de rechtbank van Amsterdam. De mogelijkheden van een doorstart worden onderzocht.

De laatste jaren was A-Film al verlieslijdend, blijkt uit gedeponeerde jaarverslagen. Door verliezen van 22,4 miljoen euro in 2013 en 1,4 miljoen in 2012 waren de reserves van het bedrijf uitgeput. Eind 2013 had A-Film al een negatief eigen vermogen van 18,5 miljoen euro.

Dat het bedrijf nu surséance van betaling heeft aangevraagd, is in de Nederlandse filmwereld niet als een verrassing gekomen. Hoewel op de kernactiviteiten nog een kleine winst werd behaald, waren de schulden in de afgelopen jaren te hoog geworden. Afschrijvingen op deelnemingen drongen het bedrijf diep in de rode cijfers.

A-Film is een van de belangrijkste distributeurs van films naar bioscopen, onlinediensten en vroeger ook videotheken. Het bedrijf werd in 1999 opgericht door Daan Fu Su Maltha en Pim Hermeling. Zij maakten een klapper door voor een prikkie de rechten op de succesvolle Lord of the Rings-trilogie te kopen. Ook met Nederlandse producties als Costa! en Phileine zegt Sorry, boekten zij succes.

Fu Su Maltha trok zich in 2006 terug uit het bedrijf en richtte zijn eigen filmproductiebedrijf op. Hermeling deed dat een jaar later en is nu bezig met een bioscoopcomplex in Utrecht. Zij verkochten ook hun aandelen. De laatste jaren heeft A-Film niet meer de grote klappers uit het verleden kunnen maken.

Ook leed het onder het verdwijnen van de huurvideo- en halveren van de koopvideomarkt. Piraterij op internet scheelt de filmdistributeurs ook veel inkomsten, net als de opmars van nieuwe partijen als de online-videodiensten Netflix en HBO.

Hoewel de problemen van A-Film in de Nederlandse filmwereld wijd bekend waren, kwam de surséance-aanvraag voor kleine schuldeisers als een verrassing. Een van hen, Maarten Roelofs van marketingbureau Depascor, probeert deze week een groep van kleine schuldeisers te verenigingen om een faillissement te voorkomen.

„Ik probeer al bijna een jaar in gesprek te komen met A-Film en Rabobank, de belangrijkste schuldeiser, om een oplossing te vinden”, zegt Roelofs. „Wij hebben aangeboden om te kijken naar mogelijkheden om een deel van de schulden af te schrijven of te converteren in aandelen. A-Film is zó belangrijk, dat veel partijen baat hebben bij het voortbestaan en daar ook aan mee willen werken. Maar de andere crediteuren hebben nooit wat gehoord van A-Film of Rabo. Daar zijn we gepikeerd over. De surséance-aanvraag is voor ons totaal onaangekondigd gekomen. We willen nu voorkomen dat voorbarige stappen worden genomen.”