Oeigoerse connectie in Bangkok alarmeert China

Turkstalige moslimactivisten in China lijken de sprong te maken naar het buitenland. Beijing heeft een probleem.

Verspreiding van de Oeigoeren

De aanslag op het Erawan-heiligdom in het hartje van Bangkok vorige maand is gepleegd door Oeigoeren, die behoren tot de islamitische, Turks sprekende minderheid in de Chinese provincie Xinjiang. De Thaise politie lijkt overtuigd van een verband tussen de aanslag, waarbij 22 doden vielen, en de strijd die radicale Oeigoeren voeren tegen de Han-Chinese autoriteiten.

Dat blijkt uit het verzoek van de Thaise politie aan Interpol, waarvan China ook lid is, om de 27-jarige Abu Dustar Abdulrahman op de opsporingslijst te zetten. Hij wordt wisselend omschreven als het brein en als de coördinator van de aanslag. Hij zou op 30 augustus met een Chinees paspoort naar Beijing zijn gevlogen. Of hij deel uit maakt van de terreurorganisatie Eastern Turkestan Islamic Movement (ETIM) is niet duidelijk.

Eerder werd op de Thais-Cambodjaanse grens Yusufu Mieraili gearresteerd, ook in het bezit van een Chinees paspoort waarop Xinjiang vermeld stond als geboorteprovincie. Na lange ondervragingen heeft Mieraili bekend samen te hebben gewerkt met Abdulrahman. In een appartement waar de twee verbleven trof de Thaise politie explosieven aan. Mieraili erkende ook dat hij een rugzak, met drie kilo springstof, aan de gezochte ‘man in het geel’ heeft gegeven. Op beelden van een beveiligingscamera was te zien hoe deze man pal voor de aanslag een rugzak achterliet in de tempel.

De Thaise politie onderzoekt of de aanslagpleger via Zuid-Thailand naar Maleisië is gevlucht. Of hij ook een Oeigoer is, is niet bekend gemaakt. Als uiteindelijk bewezen wordt dat de gezochte Oeigoeren bij de aanslag waren betrokken, dan is dat voor China een pijnlijke zaak.

Het is voor het eerst dat Oeigoeren ook buiten China tegen Han-Chinezen aanslagen uitvoeren. Daar is in de afgelopen jaren wel over gespeculeerd, maar ETIM, dat strijdt voor de afsplitsing van Xinjiang van China, werd daartoe niet in staat geacht.

In China zelfs vinden er met regelmaat grote en kleine aanslagen plaats, doorgaans met messen, geweren en brandbommen. Het motief van de aanslag in Bangkok zou vergelding zijn voor de deportatie in juli van 109 Oeigoeren van Thailand naar China. Oeigoeren, die zich in China onderdrukt voelen, proberen via Thailand in Turkije te komen. Jaarlijks zou het om honderden, mogelijk zelfs duizend Oeigoeren gaan.

De Thaise juntaleider Prayuth Chan-ocha toonde zich in juli niet bezorgd om het lot van de geporteerde Oeigoeren. „Als wij hen terugsturen en er zijn problemen is dat niet onze schuld”, zei Prayuth zei hij een maand voor de aanslag.

Het terugsturen van Oeigoeren past bij de warmer wordende banden tussen de Thaise junta en de Chinese regering. Een jaar geleden tekende juntaleider Prayuth nog een akkoord om voor circa 20 miljard euro Chinese hogesnelheidstreinen te kopen. In 2021 moet de spoorlijn af zijn die Thailand met China verbindt. Beide landen tekenden in februari dit jaar ook wapen- en technologieakkoorden.

De Chinese media mochten tot dit weekeinde niet berichten over de betrokkenheid van Oeigoeren bij de aanslag. Wel is de bewaking de afgelopen weken op treinstations en vliegvelden nog verder opgevoerd. Enkele „verspreiders van geruchten” op sociale media zijn aangehouden.

Als bevestigd wordt dat Oeigoeren het in Bangkok speciaal hadden gemunt op Chinese toeristen is dat voor de autoriteiten in Beijing en voor de Thaise regering een nog serieuzer probleem. De staat werpt zich op als beschermer van Chinezen waar ook ter wereld, en in het bijzonder de groeiende stroom aan toeristen die naar het buitenland gaan, vooral naar Thailand, gevolgd door het makkelijk toegankelijke Bali.

De winkelcentra, de tropische stranden en de massagesalons in Thailand vormen een van de populairste bestemmingen: 4,6 miljoen Chinezen bezochten dit jaar Thailand, goed voor 19 procent van alle toeristen. Daarmee was China de belangrijkste bron van toeristen voor Thailand. Prayuth krijgt de Thaise economie niet op gang. Als ook de toeristenindustrie inzakt door het wegblijven van Chinezen zal de kritiek op Prayuth verder aanzwellen.