De Tour wacht wel op Tom

Ondanks dat hij uiteindelijk terugviel naar een teleurstellende zesde plaats heeft Tom Dumoulin iedereen verrast tijdens de Ronde van Spanje. En nu vol inzetten op de Tour de France? „Pas als hij er echt klaar voor is.”

Eindwinnaar Fabio Aru passeert omringd door ploeggenoten in de rode leiderstrui het stadhuis tijdens de laatste rit in Madrid. Rechts Tom Dumoulin na zijn inzinking in de voorlaatste etappe. Foto’s Francisco Seco/AP, Jaime Raina/AFP

Hoe heerlijk is het voor een sporter om na een grote overwinning de verslagen concurrent te kunnen prijzen. „Tom Dumoulin heeft bewezen dat hij een enorm sterke en complete renner is,” sprak Fabio Aru nadat hij de Nederlandse revelatie van de Ronde van Spanje zaterdag in de laatste bergrit op schitterende wijze alsnog uit de leiderstrui had gereden. Ook de Spaanse routinier Joaquim Rodriguez, die met een tweede plaats zijn beste klassering in de Vuelta behaalde, kwam lof tekort voor de op de valreep onttroonde leider. „Hij is nog jong en heeft spectaculaire dingen laten zien. Ik ben er vrijwel zeker van dat hij nog een keer een grote ronde gaat winnen.”

Of Dumoulin een grote wielerronde kan winnen? „Ja,” concludeerden de 24-jarige Limburger en het begeleidingsteam van zijn ploeg Giant-Alpecin afgelopen winter al. Nog niet direct dit seizoen, wel binnen vijf jaar. Tot hij deze Vuelta ‘zomaar ineens’ Tourwinnaar Chris Froome versloeg op een steile klim, domineerde in de tijdrit en ook bergop imponeerde in zijn rode leiderstrui. Flinke domper om zaterdag, op de voorlaatste klim in de voorlaatste etappe, toch nog te breken en terug te vallen van plaats één naar zes. Maar wie bijna drie weken lang zo ongegeneerd schittert, roept verwachtingen over zich af. Opvolger van Jan Janssen en Joop Zoetemelk?

Onderbuikgevoelens

„Ik snap de onderbuikgevoelens”, zegt teambaas Iwan Spekenbrink. „Dit zijn unieke prestaties voor een Nederlandse renner en volgend jaar juli is er weer een wedstrijd.” Maar belangrijker dan snel succes is in zijn ploeg een gezonde ontwikkeling van renners. „We moeten eerst de resultaten van deze Vuelta analyseren. Hoe was het niveau van de toppers ten opzichte van de Tour? En we weten dat Tom pas over drie tot zes jaar fysiek op zijn best zal zijn. We moeten in dat proces geen stappen overslaan. Pas als hij er echt klaar voor is, moeten we alles opzij zetten om met Tom een traject te bepalen richting Tour.”

De toppers van de Tour waren deze Vuelta niet op hun best. Nibali ging opzichtig aan een auto hangen en werd uit koers gezet, Froome viel uit met een blessure, Quintana en Valverde oogden vermoeid. Aru bleek wel uitgerust na zijn tweede plaats in de Giro. De kopman van het sterke Astana heeft als ronderenner meer ervaring dan generatiegenoot Dumoulin, die nooit eerder drie weken lang voor het klassement reed. In Spanje startte hij alleen om na zijn vroege opgave in Tour toch ergens zijn topvorm te verzilveren. Had hij zonder val al in de Tour gescoord? „Vijfde tot tiende,” zou volgens trainer Adriaan Helmantel dit jaar de maximaal haalbare eindklassering zijn geweest in Parijs.

Dumoulin verraste in Spanje vooral door zijn grote vermogen als tijdrijder dag in dag uit ook bergop uit te spelen. In eigen tempo handhaafde de 1.86 meter lange en krap 70 kilo zware allrounder zich tot de voorlaatste dag bij de beste klimmers, die soms wel tien kilo lichter zijn. „Een grote buffel” noemde hij zichzelf gekscherend. Afvallen geldt als ‘geheim’ om snel progressie te boeken als ronderenner. Volgens Helmantel was Dumoulin deze Vuelta hooguit „één tot anderhalve kilo” lichter dan normaal. Door meer af te vallen loopt hij het risico om vermogen in te leveren op de tijdrit, het onderdeel waarop hij wereldtop is en waar volgend jaar olympisch goud lonkt. „En bij één, twee kilo houdt het wel op.”

Volgens zijn Limburgse ploeggenoot en trainingsmaat Roy Curvers komt Dumoulin eigenlijk beter tot zijn recht in kortere rittenkoersen als Parijs-Nice of de Ronde van Zwitserland. „Met zijn uitzonderlijke klasse als tijdrijder kan hij die winnen. Zoals hij dat ook kan in klassiekers als de Amstel Goldrace, Luik-Bastenaken-Luik of de Ronde van Lombardije. In de Tour sla ik Froome of Contador nog iets hoger aan. Tom zal zich als klimmer verder moeten ontwikkelen. Maar wegen al die andere koersen en het tijdrijden op tegen een plaats tussen vijf en tien in de Tour? Die vraag zal hij zich stellen.”

Toch liep de groeicurve van klassementsrenner Dumoulin in deze Vuelta zo steil omhoog dat het verleidelijk lijkt om volgend jaar al alles te zetten op de Tour, die qua publiciteit en geld ver boven alle andere wedstrijden staat. Trainer Helmantel constateert verheugd dat zijn pupil dit jaar over meer inhoud en stabiliteit beschikt. Een drieweekse ronde blijkt voor hem qua eten,drinken en rusten weinig geheimen meer te kennen. En in zijn rode leiderstrui stuurde Dumoulin gedecideerd volgmotoren weg, gaf hij vrijdag geroutineerd een schouderklopje aan gevallen concurrent Aru. Zelfs in het aanvaarden van zijn nederlaag toonde hij zich een kampioen, door een dag later in Madrid ploeggenoot John Degenkolb aan de ritzege te helpen.

Is dit wel de goede ploeg voor ‘m?

Is zijn ploeg een probleem bij de ontwikkeling als klassementsrenner? Giant-Alpecin kwam naar Spanje met een sprintteam rond Degenkolb, met als gevolg dat Dumoulin in bergritten zonder helpers kostbare meters ‘in de wind’ moest rijden. Het geeft zijn prestaties extra reliëf. Wordt de succesvolle sprinters- en klassiekerploeg nu omgebouwd tot rondeploeg? „Daar zijn we al langer mee bezig,” stelt Spekenbrink, die naast Dumoulin ook de Fransman Warren Barguil heeft als klassementstroef.

Dumoulin hoeft niet naar een andere ploeg om de Tour te winnen, vindt Spekenbrink. „Daar ga ik niet vanuit. Hij werkt goed samen met onze experts, voelt zich thuis. Het moment dat hij zich richt op het Tourklassement komt dichterbij. Maar niet voordat Tom er klaar voor is.”

    • Maarten Scholten