Moeten de Koerden in Cizre sterven?

De Koerden in Turkije hebben besloten dat de slag om de stad Cizre bepalend is voor de uitkomst van hun conflict met de staat. Er komen huiveringwekkende verhalen uit de stad naar buiten.

Een pro-Koerdische parlementariër strijdt met de oproerpolitie terwijl hij met zijn partijgenoten naar Cizre probeert te marcheren. Foto Sertac Kayar/Reuters

Halverwege de middag moeten knopen worden doorgehakt. De groep van ongeveer honderd Koerdische juristen en parlementariërs die proberen de stad Cizre te bereiken is op een eerste blokkade van het Turkse leger gestuit. Dwars over de doorgaande weg bij de stad Midyat staan pantserwagens. De kanonnen bovenop zijn bemand en draaien dreigend rond met de loop richting de activisten. Ze willen door. Maar ze mogen niet.

Cizre is een kleine Turkse stad op het drielandenpunt met Irak en Syrië die al ruim een week van de buitenwereld is afgesloten. Cizre is de stad waar de gewapende jongerentak van de Koerdische guerrillabeweging PKK zich het diepst heeft ingegraven. En waar het Turkse leger de grootste moeite heeft om de controle terug te krijgen. Inmiddels is Cizre ook de stad waar de meest huiveringwekkende verhalen vandaan komen over hoge humanitaire nood.

De Koerden in Turkije hebben besloten dat de slag om Cizre bepalend zal zijn voor de uitkomst van het deze zomer heropgelaaide conflict tussen de Turkse staat en de Koerdische minderheid in Turkije. „Cizre is het Kobani van Turkije”, zegt de leider van de pro-Koerdische politieke partij HDP, Selahattin Demirtas. Als de Turkse regering de mensen in de stad laat sterven – zoals ze volgens de Koerden met de inwoners van Kobani in Syrië deed – is de kans op een nieuwe wapenstilstand verkeken. Als het lukt een vreedzame oplossing voor Cizre te vinden, is er nog hoop dat de hele Koerdische kwestie via politieke weg wordt opgelost.

Sinds woensdag probeert Demirtas, in gezelschap van HDP-parlementariërs en twee ministers uit de Turkse interimregering, de stad te bereiken. Ook zij zijn bij Midyat, 90 kilometer van Cizre, gestopt en vervolgens te voet verder gegaan met behulp van dorpelingen onderweg. De groep groeide uit tot honderden mensen en een geslaagde publiciteitsactie. Cizre zijn ze ook na twee dagen proberen vooralsnog niet ingekomen.

Pantserwagens

„De geheime dienst maakt daar de dienst uit, wetten gelden niet. We willen met eigen ogen zien wat er gebeurt”, zegt advocaat Mehmet Öner uit Diyarbakir, die vrijdag met collega’s per bus zo dicht mogelijk bij Cizre probeert te komen. Koerdische juristen uit het hele land hebben gehoor gegeven aan een oproep van hun vakbonden en zijn naar het oosten van het land gereisd. Als belletjes naar de gouverneur van de provincie en vervolgens een korte sit in in toga niets uithalen, loopt Öner met collega’s de velden in om de pantserwagens heen.

„Het enige wat we zeker weten is dat er een oorlog woedt tussen de PKK en de regering en dat we willen dat die zo snel mogelijk stopt”, zegt hij. „Er moet weer een wapenstilstand komen en ze moeten terug om tafel.”

Naarmate de omsingeling van Cizre door het leger langer duurt, groeit onder Koerden de wanhoop over het lot van de burgers in de stad, die voor de strijd 130.000 inwoners had. Betrouwbare berichtgeving over wat zich er afspeelt ontbreekt. Telefoon- en internetverbindingen zijn uitgeschakeld.

Meisje in een vrieskist

Er zou te kort zijn aan stromend water, aan elektriciteit. Er vallen burgerslachtoffers door sluipschutters die vanuit scholen en andere overheidsgebouwen schieten. Met doeken tussen appartementsgebouwen wordt geprobeerd hen het zicht te ontnemen. Mensen zouden hun doden niet mogen begraven. Iedereen kent inmiddels het verhaal over het lichaam van het tienjarige meisje Cemile dat door haar familie in hun vrieskist wordt bewaard tot ze haar kunnen begraven.

Het is echter juist die parallel met de Syrische stad Kobani die maakt dat ook de Turkse regering de strijd verbeten voert. In Kobani hebben aan de Syrische Koerden zichzelf georganiseerd in kantons met zelfbestuur. Aan de PKK gelieerde jongeren die zich YDG-H noemen en die soms in Kobani mee hebben gevochten, proberen in Cizre ook zo’n systeem op te zetten. Ze hebben in delen van de stad politieke autonomie uitgeroepen en zich er de afgelopen maanden op voorbereid dat ze die autonomie op leven en dood zullen moeten verdedigen. Dat komt een eind in de richting van een afscheiding van Turkije en aansluiting bij de Koerdische regio’s in Syrië en Irak, een van de diepste angsten van Turkse bestuurders.

„Jongeren hebben ‘vuur in hun hart’, ze willen vechten”, zucht Öner. „Ze laten zich daar door het leger toe uitlokken. Dat is een slimme manier om de Koerdische politieke beweging in diskrediet te brengen.” De PKK speelt volgens hem al net zo’n kwalijke rol bij het kapotmaken van het verzoeningsproces in Turkije. Zowel de regering als de PKK gebruiken Cizre om een voorbeeld te stellen. De vernietiging moet stoppen het is zinloos, verzucht Öner, die er vrienden heeft wonen. Hij zet een witte pet op en vouwt zijn toga op voor de voettocht. „We gaan kijken.”