Pers jaagt graag op de Miljoenennota

Het vroegtijdig onthullen van de Miljoenennota is een spel geworden. Lekken is nu „communicatiestrategie”.

„Het is een sport om te jagen op de Miljoenennota, een journalistiek spel”, zegt Frits Wester van RTL Nieuws over het voortijdig publiceren van de Miljoenennota. „Je wilt de eerste zijn. Niet voor het aanzien, daar ben ik niet mee bezig, maar je wilt de andere journalisten wel de loef afsteken. En ja, wij zijn altijd vroeg.”

Waarschijnlijk brak RTL Nieuws dit jaar een record: op 28 augustus, achttien dagen voor Prinsjesdag kwam de tv-rubriek al met details uit de Miljoenennota. Dat is vroeg, maar het lekken gebeurt bijna ieder jaar. Meestal wint RTL Nieuws de wedstrijd, maar de landelijke dagbladen spelen van harte mee. Politici tonen zich traditioneel verbolgen. Voorheen reageerden ze met steeds meer beperkende maatregelen. Maar even goed lekken ze zelf gegevens. Omdat ze daar belang bij hebben: je kunt extra aandacht krijgen voor goed nieuws, of slecht nieuws in ieder geval met een gunstige draai (een ‘spin’) de wereld in sturen.

Wat is het nut van die jacht? Wat worden we er wijzer van dat we een paar dagen eerder weten wat het kabinet volgend jaar gaat doen met ons geld?

„Het is een uit de hand gelopen grap”, zegt Pieter Klein, adjunct-hoofdredacteur van RTL Nieuws. „Maar zo snel mogelijk publiceren is ook een wezenskenmerk van de journalistiek. Je wilt vandaag weten hoe het zit, niet pas over een week.” De Miljoenennota onthullen is vooral aan andere journalisten laten zien dat je het ambacht goed beheerst, dat je Haagse netwerk goed is.

Nooit wordt er iemand aan het Binnenhof betrapt. Behalve in 2009, toen PvdA’er Paul Tang, toenmalig woordvoerder Financiën, toegaf naar RTL Nieuws te hebben gelekt. GeenStijl onthulde eerder dat die gelekte documenten het watermerk van de PvdA droegen. Tang mocht voor straf een maand lang niet het woord voeren en verdween een jaar later uit de Kamer, om vorig jaar weer op te duiken in het Europese Parlement.

Ook aardig was de editie 2011. Twitteraar Bram Talman onthulde dat de Miljoenennota gewoon al online stond. Hij typte het webadres in van het jaar daarvoor, en veranderde het jaartal. Vervolgens kon hij er gewoon in, zonder wachtwoord of andere beveiliging. De ‘schuldige’ was dit keer het kleine ICT-bedrijf Facetbase, dat eigenlijk een testversie online had moeten zetten. Facetbase zei sorry.

„Ja , ik heb ook gelekt”, zegt oud-Kamerlid Jan Schinkelshoek, „dat is onderdeel van het vak.” Schinkelshoek was parlementair verslaggever van de Haagsche Courant én voorlichter van het CDA en het ministerie van Justitie, dus hij kent het spel van drie kanten. De strijd om als eerste de Miljoenennota te bemachtigen noemt hij „Kuifje op het Binnenhof’, een praktijk die „bar weinig” oplevert. „Een oud Haags grapje luidt: het schip van staat is het enige vaartuig dat van boven lekt.”

Vroeger werd er ook gelekt, zegt Schinkelshoek, maar het was volgens hem beheersbaar door het embargo. Journalisten kregen de Miljoenennota op de vrijdag voor Prinsjesdag, als ze schriftelijk beloofden om er niet over te publiceren tot de presentatie vier dagen later. Het werkte, in die vier dagen hield iedereen zijn mond. Voordeel: de pers kon in alle rust Prinsjesdag voorbereiden. Vooral mooi voor NRC Handelsblad, dat op dinsdagmiddag, vlak na de bekendmaking, een veelgelezen bijlage kon plaatsen.

NRC was echter ook de krant die de stekker uit het embargo trok. In 2008 weigerde deze krant de overeenkomst te tekenen, omdat je daarin moest beloven ook niet te publiceren als je de nota uit andere bron kreeg. Of als het al elders was uitgelekt. „Knevelarij” vond de hoofdredactie. Bovendien onhoudbaar, omdat sommigen konden lekken, en anderen vervolgens hun mond moesten houden. NRC tekende niet meer en publiceerde de gelekte nota op de zaterdag voor Prinsjesdag.

De politiek sloeg terug. Toenmalig premier Balkenende besloot dat de pers de Miljoenennota voortaan niet meer vooraf kreeg. Nu krijgen alleen de fractievoorzitters de Miljoenennota op vrijdag, op een usb-stick die beveiligd is tegen kopiëren. Journalisten moeten gewoon wachten tot dinsdag, kwart over drie. Of zelf op zoek gaan. Maar dat hoeft niet moeilijk te zijn: fractievoorzitters tekenen dit jaar niet meer voor geheimhouding. Dus die kunnen rustig lekken dit weekeinde.

Schinkelshoek betreurt dit: „Dat embargo is te ruw aan de kant geschoven. De nadelen wogen niet op tegen de voordelen. Nu is de gelekte informatie vaak onsamenhangend, of wordt verkeerd begrepen. Je kunt je afvragen of de journalistieke onafhankelijkheid hiermee een dienst is bewezen.”

Na de embargotijd kwam volgens hem „de wild-westtijd”, waarin iedereen stukjes Miljoenennota publiceerde en de politiek zijn greep verloor. Inmiddels hebben de politici dat omgebogen tot „gecomponeerd” lekken. Ze zorgen ervoor dat de hun welgevallige gedeeltes met de juiste spin naar de pers lekken: „Lekken is onderdeel geworden van de communicatiestrategie van het kabinet.”

    • Wilfred Takken