Het eindpunt van LIJN 25: Dáár wil je wonen. Niet hier

‘Realiseer uw droom!’ staat op een billboard in een blubberveld tegenover een rij identieke witte blokwoningen. Een paar haltes verder is de eindhalte van tram 25 in Barendrecht Carnisselande: wat nieuwbouwwoningen, een autoweg, een rotonde en krijsende meeuwen onder een potdichte grijze lucht. Het heet hier Waterkant. Mijn vriendin Anne merkt op: „Het contrast tussen de naam en de werkelijkheid is frappant.”

Voor een van de huizen staat een man op sloffen, een sigaartje te roken. Hij heet George, zijn vrouw heeft binnen roken verboden. Ze kwamen hier 16 jaar geleden, waren de eerste bewoners van deze nieuwe buurt. Het stomste hier? De tramhalte. Mensen die in het centrum van Rotterdam gaan shoppen en voor zijn deur hun auto’s parkeren. Het leukst? De natuur. George wijst en dan zien we hem pas, in de verte, achter de rotonde: een berg.

De berg ligt aan het einde van een lang, smal wandelpad, onder laaghangende dreigende wolken. Een Maya-tempel, daar lijkt hij op. Anne zegt: „Als dit Zuid-Amerika was wachtte er bovenop een geheim op ons.”

Bovenop ontmoeten we Teun, een jagershondje, en Stanley, zijn baas. Teun is een weekendhondje. Stanleys vriendin heeft het net uitgemaakt. Stanley heeft een cabrio gekocht en doet aan bungee jumpen. Zijn huis staat te koop. „Natuurlijk”, zegt hij, „midden in een midlifecrisis is Barendrecht de laatste plek waar je wilt wonen.”

Met zijn drieën bekijken we het uitzicht. Barendrecht met daarachter, veelbelovend, de uitstekende torens van Rotterdam. „Dáár wil je wonen”, zegt Stanley. „In het topje van de Montevideo.” Aan de andere kant van de berg zie je water en natuur. „Letterlijk het einde van de stad en het begin van het universum”, zegt Anne.

Voor we teruggaan, lopen we een rondje door het wilgenbos aan de voet van de berg. Anne hoopt een klavertje vier te vinden. In plaats daarvan ziet ze een geheim paadje. We volgen het de wildernis in en vinden een door boobytraps omsingeld geheim basiskamp. „Stay out!!!” staat er op een bord. We determineren de bewijsstukken: een hut van blauw zijl, sporen van vuur, twee Poolse bierblikken, een Albert Heijn Freek Vonk dierenplaatje en een bord met daarop in graffitiletters: „Pis hier!” Geen mensen, wel een horde scholeksters en atalantavlinders. De lucht is opgeklaard en we horen een leeuwerik.

    • Raoul de Jong