Oostenrijk is meer dan land van FPÖ en kinderlokkers

Eindelijk ben ik weer trots om Oostenrijker te zijn, zegt een vrouw op het station van Wenen als ze alle hulp ziet voor migranten.

Een vrouw deelt op het station in Wenen water uit aan migranten die zijn aangekomen uit Boedapest. Foto Patrick Domingo, AFP

A fgelopen dagen ben ik meermalen naar het Weense Westbahnhof gegaan, waar al duizenden vluchtelingen zijn aangekomen en vertrokken. Wat opvalt, is dat zoveel gewone Oostenrijkers langskomen om hulp te bieden. Ze doneren geld voor treinkaartjes, delen speelgoed uit en komen met schalen lamsvlees aanzetten. Zaterdagavond bouwden ze een feestje op een perron. Sommigen hebben met de auto Syrische vluchtelingen in Hongarije opgehaald en zetten ze op de trein naar Duitsland. Vorige week demonstreerden spontaan 20.000 mensen uit solidariteit met vluchtelingen. De media besteden veel aandacht aan deze do-gooders. Terecht. Dit spontane, gastvrije onthaal is een van de verbazende aspecten van een immens vluchtelingenverhaal dat Europa ingrijpend kan veranderen.

Drag queens

Zeker in Oostenrijk. Zo kom ik op weg naar het station altijd langs een plein waar de extreemrechtse FPÖ billboards heeft opgehangen. Midden oktober worden hier lokale verkiezingen gehouden. Op alle billboards staat groot het gebruinde gezicht van partijleider Heinz-Christian Strache, met de tekst ‘Respect voor onze cultuur!’ erbij, of de slogan ‘Oktoberrevolutie!’.

De socialistische burgemeester van de stad is over zijn houdbaarheid heen. De conservatieve partij lijkt in Wenen in haar eigen bureaucratie weg te zakken. Strache ruikt zijn kans. Hij heeft laatst voorgesteld een hek om Oostenrijk te bouwen, om vreemdelingen te weren.

De FPÖ is in Wenen niet erg groot. De vorige keer haalde ze 10 procent. Landelijk krijgt ze ongeveer eenderde van de stemmen. Velen denken dat de partij in de hoofdstad ditmaal stevig kan gaan scoren. De FPÖ is flink tekeer gegaan tegen parades van drag queens tijdens het Eurovisie Songfestival in mei en heeft aangekondigd dat nieuwe stoplichten met overstekende homo- en heterostelletjes worden gesloopt als zij het voor het zeggen krijgt.

In het parlement gebruikt Strache de Europese vluchtelingenchaos om de regering „gebrek aan leiderschap” in te wrijven: „Waar is het leiderschap? U doet helemaal niets!”, enz. Veel kiezers hebben zo genoeg van de socialisten en conservatieven, die het land al decennialang regeren (en baantjes onderling verdelen), dat ze de anti-politiek omarmen. Parallellen met de jaren dertig worden weleens getrokken.

Steeds als ik op het station aankom, ben ik daarom enigszins op mijn hoede. Hoe lang gaat de liefdadigheid duren? Wanneer beginnen mensen die tot nu toe stil zijn geweest hun bedenkingen tegen deze influx hardop uit te spreken? Maar veel vrijwilligers en burgers die spontaan komen helpen zijn zich hiervan bewust. Sterker, dit is waarom ze zijn gekomen. Toen er zondag weer een trein met vluchtelingen het station binnenrolde, applaudisseerden ze luid.

Eindelijk iets positiefs

Ook Gertrud, een huisvrouw van midden veertig met een bos roodkrullend haar. Ze had vorige week de solidariteitsmars gemist en had zich toen, met hulp van haar kinderen, voor het eerst op Facebook begeven om op de hoogte te blijven van hulpacties. Ze liep naar een vrijwilliger van Caritas die in een rood T-shirt een kar bananen door de meute loodste. Gertrud vroeg of ze kon helpen. „Och mevrouw”, zei de vrijwilliger, „we zijn al met zovelen”. Waarop Gertrud uitriep: „God wat doet me dat plezier! We halen altijd maar het nieuws met negatieve dingen: extreem-rechts, corruptie, kinderlokkers. Eindelijk iets positiefs! Eindelijk ben ik weer trots om Oostenrijker te zijn.” Een oudere man hoort het en zegt: „Goed gezegd. Daarom ben ik hier ook. En ik blijf komen.”

Hebben politici dit gehoord? Je zou het bijna denken. In socialistische gelederen gaan plotseling stemmen op de baas van de Spoorwegen, die de vluchtelingenstroom in goede banen leidde met extra treinen, vrijwilligers en humanitaire voorzieningen, tot partijleider te maken.

    • Caroline de Gruyter in Wenen