The Visit is niet de grote comeback van M. Night Shyamalan

In de beoogde comeback van regisseur-scenarist M. Night Shyamalan maken een broer en zus een documentaire over hun logeerpartij bij hun zich steeds vreemder gedragende grootouders. Het is de film die wij zien, een vermoeide variant op de found footage-horror die al lang over zijn hoogtepunt heen is. Shyamalan speelt hier ook behoorlijk vals, want zelden zullen amateurbeelden er zo goed uitgelicht uitzien als hier, met ook nog eens een indrukwekkende scherptediepte.

Het vroegwijze meisje Becca is overduidelijk de stand-in van de pedante regisseur. Ze gebruikt graag woorden als mise-en-scène en dénouement en net als Shyamalans vorige films is haar verslag van ‘the visit’ naar opa en oma op metaniveau ook op te vatten als een grimmig sprookje waarin reële emoties uit de werkelijkheid verstopt zitten. Zowel Becca als haar alleenstaande moeder en irritante broertje moeten in het reine zien te komen met traumatische gebeurtenissen uit het verleden. Als dat eenmaal onthuld is, vrijwel tegelijk met een ander Groot Geheim, wordt The Visit eventjes heel erg wee – een terugkerend probleem van Shyamalan. Ook zijn film kun je weer duiden, zo spreekt uit zijn wat exploitatieve portrettering van de griezelige grootouders een enorme angst voor aftakeling en ouder worden. Klinkt allemaal vele malen interessanter dan de daadwerkelijke uitvoering, want Shyamalan dient het oudbakken scenario zo slap en saai op dat zijn comeback nog wel even op zich zal laten wachten.

    • André Waardenburg