Leger Assad verdreven uit noordelijke provincie Idlib

\Rebellen in gevecht met regeringstroepen van Assad in de noordelijke provincie Idlib op 1 september. Foto AFP/Omar Haj Kadour

Rebellengroeperingen hebben de luchtmachtbasis Abu Zuhour in het noordwesten van Syrië ingenomen op de regeringstroepen van Assad. Daarmee is nu de hele noordelijke provincie Idlib in handen van rebellen.

Dat meldt het in Londen gevestigde Syrische Observatorium voor de Mensenrechten. Ook Syrische staatsmedia melden het nieuws. Het militaire vliegveld is na een belegering van twee jaar ingenomen door een coalitie van rebellengroepen genaamd ‘leger van de verovering’, bestaande uit het aan al-Qaeda gelieerde al-Nusra en andere islamitische milities.

Gesteund door Turkije, Qatar, Saoedi-Arabië

De verdrijving van Assad’s regeringstroepen uit Idlib zat er aan te komen. Eind maart nam de gelegenheidscoalitie van rebellen de provinciale hoofdstad Idlib in en het veroverde in april de strategische gelegen stad Jisr al-Shughour. Het is langer bekend dat dit ‘leger’ militaire en strategische steun ontvangen van Turkije, Qatar en Saoedi-Arabië.

Het is een nieuwe tegenslag voor Assad, wiens leger kampt met een gebrek aan manschappen. Idlib ligt naast Lakatia waar veel alawieten wonen, de gelovige minderheid waartoe Assad behoort. Ook grenst Idlib aan Turkije waardoor de rebellen nu nog eenvoudiger bevoorraad kunnen worden. Bijkomend probleem leek dat de belangrijke bondgenoot Rusland zich steeds verder verwijderde van het conflict. De afgelopen dagen staken echter berichten over grotere Russische inmenging in Syrië de kop op. Zo belde de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken John Kerry met zijn Russische collega Lavrov om zijn zorgen uit te spreken over de Russische aanwezigheid in Syrië.

Naast Idlib is het noordelijke gelegen Raqqa de enige van de veertien provincies waar troepen van Assad niet meer te vinden zijn. Raqqa wordt grotendeels gecontroleerd door Islamitische Staat (IS).