‘Ik rijd schoon. Mensen moeten mij maar op mijn woord geloven’

Nederlandse verrassing in de Vuelta reageert op critici. „Ik ben fel tegen gebruik van doping.”

Van een favorietenrol in de Ronde van Spanje wil Tom Dumoulin niets weten. „Nee, dat past mij niet zo. Al die aandacht, daar zit ik niet op te wachten.” Foto Javier Lizon/EPA

Het wielerleven van Tom Dumoulin is in tweeënhalve week Ronde van Spanje volledig veranderd. De 24-jarige kopman van Giant-Alpecin moet nu al bij zichzelf te rade gaan. Is hij nog een tijdritspecialist? Behoort hij tot de beste klimmers van het peloton? Of moet hij zich gaan richten op het rijden van grote rondes? „Ik weet het eerlijk gezegd nog niet. Voor een etappewinst gaan is wel relaxter. Dan kun je een keer lossen als je dat wilt. Maar wat ik nu aan het doen ben in de Vuelta geeft wel enorm veel voldoening.”

De Nederlandse wielrenner is dé verrassing tijdens de zeventigste editie van de Vuelta. Hij staat vierde in het klassement, met uitzicht op meer: vanmiddag is de tijdrit, zijn sterkste onderdeel. Tijdens de rustdag, gisteren in Burgos, staat hij een tiental buitenlandse journalisten op kalme toon te woord. Daarna volgt in het hotel een tafelgesprek met Nederlandse media. Dumoulin blikt eerst nog even terug op de mislukte Tour de France die hij met een schouderblessure moest verlaten. „Daar was ik echt ziek van. Ik kon een week lang alleen op de bank zitten. Naar de Tour kijken. Ik was a pain in the ass voor mijn vriendin. Daarna ging het snel beter. De Vuelta kwam al snel weer in het zicht.”

Terwijl de toppers reden voor een klassement in de Tour, bereidde Dumoulin zich al trainend voor op de laatste grote ronde van het jaar. „Achteraf gezien is dat een voordeel gebleken. Ik denk dat ik nu zelf iets beter ben dan twee maanden geleden. Ik ben ook iets lichter nu. Dat heeft me geholpen tijdens het klimmen in de bergen. Maar dat het zo zou gaan had niemand verwacht. Ik kwam om een etappe te winnen en het veroveren van een rode trui zat ergens ver weg in mijn achterhoofd. In de eerste week had ik mijn doelen al bereikt.”

Eigen coach

Verrassend is dat hij zich deze Vuelta staande houdt in de bergen. Dumoulin heeft zichzelf tijdens de zware bergetappes nog beter leren kennen. „Lossen in de bergen is het makkelijkste. Dan laat je het gewoon lopen. Maar als dat door mijn hoofd spookte probeerde ik mezelf te corrigeren. Niet opgeven. Altijd doorgaan. Wat dat betreft ben ik ook een beetje mijn eigen coach. Ik leer hier van mijn eigen fouten. Ik ga niet om advies vragen bij andere grote ronderenners. Uiteindelijk moet je het toch op de belangrijke momenten zelf doen.”

Op Dumoulin stond voor de Vuelta geen grote druk. Van een favorietenrol wil hij niets weten. „Nee, dat past mij niet zo. Al die aandacht, daar zit ik niet op te wachten. Maar ik merk wel dat ik er goed mee om kan gaan. Op mijn prestaties heeft het geen invloed gehad. Dat wil ik graag zo houden. Ik hoor wel dat het losgaat op Twitter enzo. Mijn familie blijft zo rustig mogelijk. Mijn vriendin houdt me met beide benen op de grond. Zondag komt ze naar Madrid. Als ik daar als honderdste eindig houdt ze nog evenveel van me.”

Toch is de buitenwereld wel anders tegen Dumoulin aan gaan kijken. In Spanje heeft hij op verbluffende wijze naam gemaakt. En Nederlandse wielerfans zien in hem opeens een renner die voor het eerst sinds Jan Janssen (won in 1967 de Vuelta, in 1968 de Tour) en Joop Zoetemelk (1979 Vuelta, 1980 Tour) weer een grote ronde kan winnen. „Zo zie ik mezelf niet hoor”, zegt de nuchtere Limburger. „Ik denk dat wij als vlak kikkerlandje genoeg goede renners hebben die een goed klassement kunnen rijden. Ik ben er niet uit wat ik wil. Ik zou in ieder geval mijn tijdritspecialisme niet willen verliezen. Dat blijft een wapen voor mij.”

Goud op de Spelen?

De grootste droom van Dumoulin is niet het winnen van de Vuelta of de Tour, maar het veroveren van een gouden medaille volgend jaar op de Olympische Spelen van Rio de Janeiro. „Misschien dat dat niet voor de meeste renners geldt, maar wel voor mij. Van jongs af aan keek ik altijd naar de Spelen. Fantastisch. De tijdrit in Rio is voor 2016 mijn grote doel. Die is mij bovendien op het lijf geschreven. De Tour en de Vuelta worden ieder jaar verreden. Al besef ik nu wel dat ik hier aan iets bijzonders bezig ben.”

De plotselinge opmars roept bij critici ook vragen op. Het woord doping valt. Dumoulin valt alles behalve stil. „Wat zal ik zeggen? Ik ben gaan wielrennen omdat ik het een leuke sport vind. Maar ik weet ook dat wielrenners de beste leugenaars zijn gebleken. Ik ben fel tegen gebruik van doping. Ik snap renners niet die met vals spel willen winnen. Je kunt dat doen om in korte tijd veel geld te verdienen. Dat vind ik niet interessant. Maar het is voor wielrenners moeilijk geworden om zich te verdedigen. Ik snap ook dat mijn prestaties verdacht zijn. De mensen moeten mij maar op mijn woord geloven. Of niet. Voor mezelf weet ik dat ik schoon ben en is het een bevestiging dat het zonder doping kan.”