Column

Vandaar dat opgewonden wijzen naar zeden overzee

Je kunt van de Amerikaanse presidentskandidaten zeggen wat je wilt, maar ze zetten wel aan tot onderzoek en analyse. Neem Jeb Bush. Deze zomer ontspon zich een intellectueel debat rondom een oud boek van hem waarin hij adviseerde schoolkinderen te slaan. Lijfstraffen zijn erg effectief, schreef hij. Ze veroorzaken niet alleen pijn, maar ook schaamte, en dat is goed. De wereld is „in dire need of sense of shame”.

Bush voegde zich in een traditie. Terugbladerend naar de Washington Post van 25 december 1904 kwam ik het bericht tegen dat president Roosevelt had gepleit voor het oprichten van een geselpaal in Washington. Mannen die hun vrouw hadden geslagen moesten daar publiekelijk gegeseld worden. De bisschop van Washington vond het een geweldig idee. „De bruut die zijn vrouw slaat zou ik behandelen als een stoute jongen – geef hem met de zweep.”

Het idee dat je schaamte erin kon slaan: het werd lange tijd vooral toepasselijk geacht op schoolkinderen en mishandelaars van vrouwen. Feministen denken wel eens dat aandacht voor huiselijk geweld iets is van de laatste decennia, maar dan hebben ze de afgelopen eeuwen de kranten niet gelezen. ‘Wife-beaters’ en ‘wife-kickers’ werden eind negentiende eeuw door voorbijgangers in elkaar geschopt en door rechters eigenhandig met riemen afgetuigd.

In 1907 adviseerde Rechter Tuthille vrouwen hun man dood te slaan als hij hun mishandelde. De Chicago Tribune van 2 mei 1921 citeerde rechter William R. Fetzer: „Wife-kickers moeten in hun gezicht worden getrapt met stalen schoenen.” Magistraat Edward Burke sloeg in 1922 na de aanklacht – „wacht even, ik heb er genoeg van, ik vraag me af hoe leuk hij dit vindt” – de beklaagde twee blauwe ogen. Nee, feministen hebben over lauwheid niets te klagen.

Goed. Jeb Bush miste dus in zijn eigen tijd de schaamte die in voorafgaande eeuwen door lijfstraffen levendig was gehouden. Niet iedereen viel hem hierin bij. In een tijd waarin slaan wordt beschouwd als schending van de mensenrechten en internationale verontwaardiging opklinkt over straffen in Azië, viel zijn pleidooi niet overal goed. Toch was de winst van de discussie dat je weer eens werd herinnerd aan de praktijk in het Westen.

Met toestemming van de wetgever worden in de Verenigde Staten nog dagelijks 838 kinderen op school geslagen, zo berekende het Children’s Defense Fund vorig jaar. In Engeland werden lijfstraffen op school later verboden dan in de Verenigde Arabische Emiraten. In de Amerikaanse staat Delaware werd in 1952 een wife-beater gegeseld ten overstaan van twintig getuigen. Dat laatste mag dan misschien een vrouwvriendelijk beeld geven van het Westen in die dagen, maar wettelijke handelingsbevoegdheid hadden vrouwen in ons eigen land toen bijvoorbeeld nog niet.

Het gaat me vandaag niet om een oordeel; ik wil gewoon wijzen op een paar zeden waarover je doorgaans niet zoveel hoort. Als dat slaan met riemen en rottingen de schaamte moest brengen waaraan de wereld zo dringend behoefte heeft, is het interessant te bedenken dat jongens op de Amerikaanse scholen tot ver in de twintigste eeuw naakt moesten zwemmen. „Vandaag de dag zou je worden gelyncht als je het voorstelde”, zeggen de commentatoren. Maar indertijd heette het goed voor de discipline en de gemeenschapszin.

Er waren hier en daar ook wel experimenten met naakt schoolzwemmen voor meisjes, maar die werden snel beëindigd na protest van de ouders. De jongens echter moesten vooral op aandringen van hun moeders naakt zwemmen tot in de jaren tachtig van de twintigste eeuw. Vervolgens werd deze heroïsche geschiedenis verdrongen en toen het verhaal onlangs weer aan de orde kwam, deden sommige Amerikanen het beschaamd af als een broodje aap.

In onze eenentwintigste eeuw is de westerse mens voor naakt schoolzwemmen tegelijk te preuts en te doortrapt geworden, voor gescheiden zwemmen te geëmancipeerd, voor slaan op school te beschaafd – behalve de Engelstaligen – en voor het schoppen van vrouwenmishandelaars te voorzichtig. En daarnaast ook nog te lafhartig om de eigen geschiedenis te erkennen, vandaar dat opgewonden wijzen naar de zeden van anderen.

Nou kan ik daar natuurlijk van alles van vinden. Maar ik kan ook eenvoudigweg Jeb Bush dankbaar zijn dat hij me heeft geleid naar berichten die een onverwacht licht op de geschiedenis werpen. Naar een gravure bijvoorbeeld uit een krant van 1878. ‘The Whipping Post in Virginia.’ Je ziet een halfnaakte, jonge witte vrouw die schoenen heeft gestolen en een jonge zwarte politieagent die haar slaat met een karwats. Wat leuk; wat een frisse, moderne verhoudingen, denk je dan even. Totdat je weer sentimenteel wordt en aan de mensenrechten gaat denken.