Mijn familie zocht wat iedereen toekomt: geluk

Dat je in een beschaafd land leeft, maakt jou niet automatisch tot een beschaafd mens, schrijft Tahmina Akefi.

Syrische migranten lopen over het spoor, nabij Roszke in Hongarije. Foto Reuters / Laszlo Balogh. Beeldbewerking nrc

Ik kijk er niet meer van op. Van de nare reacties, scheldkanonnades en beledigingen aan het adres van vluchtelingen. Een tijdje geleden durfde ik bepaalde berichten niet te openen, bang dat mijn oog op die harteloze reacties zou vallen. Reacties van mensen zonder enig begrip en empathie voor anderen. Inmiddels heeft de angst plaatsgemaakt voor medelijden.

Ik vraag me af wat er in het leven van die mensen is gebeurd waardoor ze nu al – vaak zijn de reaguurders jonge mensen – verbitterd zijn geraakt en hoe zwaar het moet zijn als je met zoveel haat jegens anderen door het leven gaat. Zelfs om hartverscheurende foto’s van verdronken kinderen wordt gejuicht. Waar is de menselijkheid gebleven?

Pijnlijk wordt het pas als je leest dat die reaguurders de komst van vluchtlingen als een gevaar zien voor ‘hun beschaving’. Beschaving is een groot goed dat niet iedereen is toebedeeld. En het feit dat je in een beschaafd land leeft, maakt jou niet automatisch tot een beschaafd mens. Een simpel feit, maar voor sommigen lastig te begrijpen.

Tussen al die reacties valt regelmatig het woord ‘gelukzoeker’. Dat roept dan weer boze reacties op bij een andere groep. Niet bij mij, want vluchtelingen zijn gelukzoekers en daar is helemaal niets mis mee! Geluk is namelijk niet voorbehouden aan bepaalde mensen, iets waar anderen geen recht op hebben. Iedereen op deze aardkloot heeft evenveel recht om te zoeken naar geluk! Zeker als alles wat jou lief is, is afgenomen door een oorlog waar je niet om gevraagd hebt.

Ik was twaalf jaar toen ik samen met mijn ouders op vlucht sloeg voor de burgeroorlog in Afghanistan. Als kind heb ik meegemaakt hoe mijn ouders de pijnlijkste belissing van hun leven namen om alles achter te laten en weg te gaan. Het was het jaar 1995, drie jaar na het uitbreken van de burgeroorlog. Regelmatig werd erover gepraat, maar het daadwerkelijke besluit om weg te gaan, werd steeds uitgesteld.

‘Het komt goed,’ zei mijn vader elke keer, terwijl het land in puin lag en de oorlog steeds heviger werd. Een oorlog waar wij niet om gevraagd hadden! Een oorlog die gevoerd werd door de moedjahedien. Een groepering, in het leven geroepen door Amerika om te vechten tegen de Russen. Deze extremisische groepering, die weinig verschilt van de Talibaan en IS, werd tot de tanden toe bewapend door Amerika, met steun van het Westen.

Als die monsters niet waren gecreëerd, dan woonde ik en nog ruim een miljoen andere Afghanen die toen op de vlucht sloeg, nu nog in Afghanistan. Vóór deze oorlog was er voor ons geen reden om te vluchten. We waren blij met wat we hadden en leefden in relatieve vrede en veiligheid. Als ons motief puur datgene was waar steeds meer vluchtelingen van verdacht lijken te worden, dan waren we voor de oorlog weggegaan. Mijn ouders hadden de mogelijkheid om vanuit Kabul het vliegtuig te pakken en daar te gaan waar ze het meest konden profiteren. Maar waarom zouden ze dat gedaan hebben als er geen reden was om het land te verlaten? Is er iemand die stilstaat bij deze vraag?

Toen er wel een reden was om te vluchten, toen het leven ophield en wij gedurende drie jaar dag en nacht moesten overleven, besloten we om weg te gaan. Op zoek naar geluk.

Maar geluk betekende voor ons niet uw portemonnee, uw baan, uw leven. We zochten naar geluk dat ons, net als ieder ander mens op aarde, toekomt! Er is niemand die meer recht heeft op een goed leven dan een ander. En iedereen heeft het recht, nee, de plicht, om er alles aan te doen om geluk te vinden. In geval van een vluchteling betekent geluk niet meer dan veiligheid en geborgenheid. Het betekent dat je weer kunt leven in plaats van overleven, dat je niet bang hoeft te zijn dat je het einde van de dag niet haalt door bommen en raketten die gemaakt zijn om ten koste van jou, geld te verdienen.

Is er trouwens iemand die zich afvraagt waar die wapens gemaakt worden en wie de investeerders zijn? Alleen al Nederland, een van de kleinste landen ter wereld, investeert jaarlijks miljarden pensioen- en verzekeringsgeld in de Amerikaanse wapenindustrie. Waar worden die kruisrakketten en clusterbommen ingezet? Niet in Amerika zelf. Ook niet in Europa of Saoedi-Arabië. Die gaan regelrecht naar landen als Afghanistan, Syrië en Irak, waar het einde van de oorlog en ellende nog lang niet in zicht is.

Tegen al die mensen die zich boos maken over de komst van de vluchtelingen zou ik willen zeggen: neem je verzekering en pensioenfonds onder de loep en zorg dat jouw geld niet in wapens wordt geïnvesteerd die het geluk van mensen die nu aan jouw deur kloppen, met de grond gelijk maken. Gebruik vervolgens je stem om te zorgen dat er voortaan geen partijen aan de macht komen die oorlogen steunen en extremisten aan de macht helpen. Partijen die afblijven van landen waar ze niets te zoeken hebben. Dan is er voor mensen die jij ver bij je uit de buurt wil houden, geen reden om hun land te verlaten.

Om terug te komen op mijn eigen verhaal: ik heb mijn geluk in Nederland gevonden.

Vanaf het eerste moment dat ik hier kwam, heb ik fantastische mensen ontmoet die mij hebben geholpen om mijn dromen waar te maken. Ik ben dankbaar voor de kansen die ik hier heb gekregen en toch denk ik regelmatig: was er maar nooit een oorlog geweest in Afghanistan zodat wij ons geluk niet ergens anders hoefden te zoeken.

    • Tahmina Akefi