Jihadisten? Ze zijn vooral activisten

Antropoloog Martijn de Koning werd als getuige-deskundige verhoord. Maar was hij door zijn nabijheid wel kritisch genoeg?

Antropoloog Martijn de Koning weet heel veel van de Haagse groep radicale moslims. Hij volgde hen jarenlang: las hun discussies op sociale media, trof hen bij lezingen en demonstraties en sprak ook daarbuiten veelvuldig met hen.

Dat maakt De Koning waardevol als getuige-deskundige in het grote jihadproces dat gisteren begon in de beveiligde bunker in Amsterdam-Osdorp.

Het Openbaar Ministerie wil negen mannen en een vrouw vervolgen als terroristische organisatie. De groep zou haat hebben verspreid en jongeren hebben geronseld voor de gewapende jihad. Drie van hen bevinden zich in Syrië of zijn gesneuveld.

Het feit dat De Koning zijn onderzoeksobjecten zo dicht op de huid zat, maakt hem behalve waardevol ook kwetsbaar. Had hij voldoende afstand tot de mannen om zijn rol als wetenschapper onafhankelijk te kunnen vervullen, wil de rechter weten. De Koning vindt van wel. Het is de manier waarop een antropoloog werkt, legt hij uit: „Niet alleen kijken naar wat mensen zeggen, maar zien wat ze daadwerkelijk doen. Je moet zoveel mogelijk optrekken met de mensen naar wie je onderzoek doet.” Veldwerk gaat om nabijheid én distantie, zegt De Koning. „Je mag er best bovenop zitten als onderzoeker. Zolang je de vrijheid hebt om te schrijven wat je wil. Die heb ik.”

Ging hij sympathie voelen voor sommige mensen, vraagt de rechter. „In sommige gevallen heb ik sympathie voor personen. Niet voor denkbeelden en acties.”

‘Groep was weinig succcesvol’

De rechter: „Was u van nut voor hen?”

Martijn de Koning: „Op punten wel. Ik bracht hun boodschap ongeschonden naar buiten. Ze waren zeker niet altijd blij met me. Zo vond ik de groep weinig succesvol in hun activisme.”

Martijn de Koning ziet de groep Haagse moslims die hun denkbeelden op opvallende wijze uitdroegen – op straat en via social media - in de eerste plaats als activisten. „Ze hebben een boodschap en verkondigen die.” De Haagse moslims, net als andere radicaal islamitische groepen als Sharia4Belgium en Sharia4Holland, slagen er goed in het grote publiek te bereiken. De Koning: „Als je met z’n allen gaat bidden, weet je zeker dat er veel foto’s worden gemaakt en je veel aandacht trekt. Met zwarte vlaggen zwaaien werkt ook heel goed. Het is spektakelactivisme.”

De groep die de komende weken terechtstaat, behoorde tot de ‘inner circle’, zegt De Koning. Die was niet de hele dag met jihad bezig. Hij vindt het te ver gaan om te zeggen dat ze opruiden en direct opriepen tot de gewapende strijd in Syrië. „Ze hebben mogelijk wel bijgedragen aan het klimaat waarin afreizen mogelijk werd.”

    • Sheila Kamerman