Oppositie en Palestijnen bepleiten vergeefs dat Israël meer Syriërs opvangt

Ruim 2,5 van de 4 miljoen Syrische vluchtelingen hebben onderdak gevonden in een van de buurlanden: Turkije, Libanon, Jordanië en Irak. Het vijfde buurland van Syrië, Israël, vangt daarentegen geen enkele Syriër op. Hier moet verandering in komen, vindt oppositieleider Isaac Herzog van het Zionistische Kamp. Volgens Herzog kunnen Joden „niet onverschillig zijn terwijl honderdduizenden vluchtelingen een veilig toevluchtsoord zoeken”, waarmee hij refereerde aan de vluchtgeschiedenis van zijn eigen volk. Hij kreeg bijval van enkele andere parlementsleden van linkse en centrumpartijen.

Ook de Palestijnse president Abbas heeft gezegd dat hij vluchtelingen wil opvangen, en dan vooral (de nazaten van) Palestijnen die in 1948, tijdens de Arabisch-Israëlische oorlog, naar Syrië zijn gevlucht. Omdat Israël de binnenkomst van mensen op de Westelijke Jordaanoever en in de Gazastrook controleert, kan Abbas dit plan niet eigenhandig ten uitvoer brengen.

Premier Netanyahu zei in een reactie dat Israël „te klein” is om Syrische vluchtelingen op te vangen. En de terugkeer van Palestijnse vluchtelingen uit 1948, ook naar de Palestijnse gebieden, is onbespreekbaar. Er is de rechtse coalitie van Netanyahu veel aan gelegen om de ‘demografische dreiging’ van Arabieren tussen de Middellandse Zee en de Jordaan het hoofd te bieden. Als het om Joden gaat, is Israël immers niet „te klein” – de premier doet geregeld een oproep aan alle Joden in de diaspora om naar Israël te komen. (NRC)