De boeren zijn boos, maar wie heeft er een oplossing?

Boeren uit heel Europa protesteerden gisteren in Brussel. Hun geldproblemen delen ze, maar hoe lossen ze dat op? Lidstaten zijn diep verdeeld.

Een protestmars van boeren in Brussel eindigde met rellen op het Schumanplein. Foto Pieterjan Luyten

De boeren moesten er hard aan trekken. Met knalvuurwerk, koebellen en loeiende lawaaimachines waren ze gisteren uit allerlei Europese landen naar Brussel getrokken. Ruim duizend toeterende tractoren zetten straten af. Al uren voor het besloten crisisoverleg van Europese landbouwministers gingen de eerste autobanden in de fik. Spandoeken op hooivorken riepen op tot ‘verzet’, ‘vechten’ en ‘oorlog’. De oproerpolitie wachtte de boze boeren op met wegversperringen vol prikkeldraad. Zij werd bekogeld met eieren en stenen, en reageerde met waterkanonnen en traangas.

Maar de boeren krijgen ook wat. De Landbouwraad steunde gisteravond na vijf uur vergaderen het voorstel van de Europese Commissie om de agrarische sector met 500 miljoen euro te helpen. Dit geld komt bovenop de ruim 50 miljard die Brussel al aan jaarlijkse subsidies en tijdelijke hulpgelden uitkeert. Een deel van het nieuwe steunpakket komt in 28 ‘nationale enveloppen’ die lidstaten naar eigen believen kunnen besteden, binnen de richtlijnen van het pakket. Met het geld kunnen ze boeren bijvoorbeeld een hoger voorschot op hun directe inkomenssubsidie geven, de binnenlandse consumptie promoten of export naar landen buiten de Europese Unie bevorderen.

Aan de vergadering van de Europese landbouwministers ging een hele zomer vol boerenprotesten vooraf. Want de landbouwsector verkeert in diepe crisis. Vooral de melkvee- en de varkenhouders kampen al een jaar met lage prijzen. Oorzaken zijn de overproductie en afnemende vraag in Europa, de Russische boycot, tegenvallende vraag in China en hogere productiekosten door strenge eisen voor het milieu en dierenwelzijn.

Die problemen zijn deels conjunctureel. Melkveehouders wisten van tevoren dat door het afschaffen van het Europese melkquotum de prijzen heviger zouden schommelen. Toch waren ze vóór, en hebben ze zelf de productie opgevoerd, met prijsdaling tot gevolg. De varkenshouders zitten net op de bodem van het dal van de varkenscyclus, een prijsdip die de sector elke vier of vijf jaar treft. En ook zij breiden maar uit en uit, terwijl economen juist menen dat krimp de enige structurele oplossing is. Een politiek antwoord op deze problemen is niet makkelijk geformuleerd. De Europese lidstaten zijn diep verdeeld. Het kamp van Frankrijk, België, zuidelijke en nieuwe lidstaten wil meer subsidie en marktinterventie. Noordelijke landen als Duitsland, Nederland, Denemarken en Zweden zijn voor structurele maatregelen als het stimuleren van innovatie, kostenverlaging en verruiming van de mededingingsregels. Kortom: klassieke staatssteun versus marktwerking en modernisering.

Cash versus quotum

Het voorstel van de Europese Commissie lijkt een compromis. Wel wat extra geld, niet terug naar marktverstorende mechanismen als garantieprijzen. Maar wie de winnaars en de verliezers zijn, is nog onduidelijk. Details van het voorstel, zoals criteria voor de verdeling, moeten nog worden uitgewerkt. Duidelijk is al wel dat het meeste steungeld afkomstig zal zijn uit het ‘superheffingenpotje’, van boetes die melkveehouders betaalden als ze meer produceerden dan het melkquotum toestond. Het grootste deel van het steungeld is ook voor melkveehouders bestemd.

Het protest was gisteren net als de lidstaten verdeeld in twee kampen. Bij station Brussel-Noord verzamelde zich de grootste groep boeren die pleit voor garantieprijzen, opslagmaatregelen en financiële compensatie. Van de andere kant kwamen de melkveehouders, die ijveren voor productiebeperking in tijden van crisis. Samengevat: cash in de hand versus ouderwetse instrumenten, als het melkquotum waarvan de EU juist afscheid heeft genomen.

Veel boeren reageerden gisteravond verbolgen op het Brusselse voorstel. Te weinig, te laat. Sommigen geloven helemaal niet in heil uit Europa. „Politici wilden democratie brengen in Oekraïne, daarom gooide Rusland de grens dicht en wij betalen het gelag”, brieste de Belgische melkveehouder Michel Vanongeval (48). „En die politici doen nu niks!” Hij heeft zijn 200 koeien in het Waalse Bassilly toch een dag alleen gelaten. „Om te tonen dat wij niet akkoord zijn. Wij vragen geen subsidies, alleen een degelijke prijs voor onze waar.”

Hoe dat te bereiken, weet Vanongeval niet. „Wij werken ons kapot om nog een inkomen te behouden. Maar de landbouw is failliet. Het is heel triest, en psychisch zwaar. We zien om ons heen steeds meer echtscheidingen en zelfmoorden. We bloeden dood.” De komende week zal de Commissie haar reddingsplan verder uitwerken. „Wie wat krijgt en waarom” is volgens staatssecretaris Dijksma (Landbouw, PvdA) nog inzet van „strijd”.

    • Leonie van Nierop