Mariinsky en Gergiev onweerstaanbaar

Gergiev wijdt deze editie van zijn festival in Rotterdam aan Rachmaninov Foto Robin Utrecht

Donderdag begint het Gergiev Festival van het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Het nu driedaagse festival beleeft de achtste editie sinds Gergiev zijn chefschap in 2008 staakte, stuitte opmerkelijk genoeg ondanks Gergievs banden met Poetin nooit op veel protest én biedt dit jaar met vijf Gergiev-concerten in drie dagen naar verhouding meer Gergiev dan ooit – al vliegt hij vlak vóór het festivalweekend ook nog even naar Zwitserland voor een concert.

Het orkest van het Mariinsky Theater, dat er jaarlijks ook bij is (een kostbare exercitie, maar voor de attractiviteit van het festival wel een meerwaarde), heeft sinds zes jaar ook een eigen cd-label, waarop zo’n 4 keer per jaar een liveopname wordt uitgebracht. Dit jaar zijn het er drie; deze week verscheen een nieuwe cd met Rachmaninovs Eerste pianoconcert met Denis Matsuev (zo’n beetje Gergievs vaste pianist en ook steuner van Poetin) – die ook het bonte en gevarieerde Tweede pianoconcert van Rodion Shchedrin speelt.

Het concert van Rachmaninov – op het festival dit jaar de centrale componist – krijgt onder handen van supervirtuoos en Rachmaninoff-specialist Matsuev lekker groots en monumentaal gestalte, terwijl zijn moeiteloze spel romig met het Mariinsky versmelt of juist stekelig interageert.

Een opmerkelijke recente Mariinsky-release is ook de opera Levsha (De linkshandige) van Shchedrin, gebaseerd op de gelijknamige roman van Nikolaj Leskov. De opera vertelt een modern sprookje over een linkshandige handwerker die in opdracht van de tsaar een stalen vlo vervaardigt die geraffineerder is dan het Engelse voorbeeld – al zou je dat op het eerste gezicht niet zeggen. Shchedrins partituur vertelt het met een stoet aan bonte personages, allen even excellent gezongen door Mariinsky-zangers met karaktertenor Alexej Popov en de Russische ster Maria Maksakova als opvallendste uitschieters. Zo rijk, kleurrijk en afwisselend als de opera zelf is (gaarne herneming in Amsterdam!), zo gedifferentieerd, precies en scherp is het orkestspel onder Gergiev.

Datzelfde geldt voor de derde release van dit jaar, Moessorgski’s Schilderijententoonstelling. Een stuk waar je van moet houden, maar de ronkende toon van de Mariinskystrijkers geven er een glans aan die hoe dan ook onweerstaanbaar is. Dat geldt nog iets meer voor de Liederen en dansen van de dood met Ferruccio Furlanetto – een kelderbas die toch beschikt over subtiliteit, kleuren en (belangrijkst) een vertelstem die je even in de waan brengt dat je Russisch verstaat.

    • Mischa Spel