Dramatische ondergang van Oranje nu compleet

Het Nederlands elftal verloor gisteren tegen Turkije een van de belangrijkste wedstrijden in jaren (3-0). De verwarde ploeg kan zich in theorie nog plaatsen voor het EK, maar dat wordt een loodzware opgave.

Ontgoocheling bij aanvoerder Robin van Persie tijdens de EK-kwalificatiewedstrijd tegen Turkije. Foto ANP/Koen van Weel

De hel van Konya klonk al onheilspellend, maar in werkelijkheid was het nog erger. In de verhitte binnenlanden van Turkije voltrok zich het totale demasqué van een Nederlands elftal dat geen schim meer was van het land dat de voorbije jaren twee keer mee streed om de wereldtitel. Er was ontreddering, spijt en schaamte, bij een groep internationals die gisteren officieus degradeerden naar de middenklasse van Europa. Officieel kan Oranje zich nog plaatsen, maar de nederlaag in Turkije betekent dat het EK van volgend jaar verder weg is dan ooit.

In drie dagen tijd is alle hoop vervlogen. Eerst de nederlaag tegen IJsland, waar de ploeg van moest winnen, en nu het verlies tegen concurrent Turkije, wat minstens een gelijkspel nodig was. Door de nederlaag heeft Turkije nu de beste papieren om de play-offs te bereiken.

Terwijl de Turkse fans gelukkig dansten op nationale volksmuziek en Arda Turan na zijn doelpunt de heilige grond van bedevaartsoord Konya kuste, likten de Nederlandse internationals hun wonden. Controleur Daley Blind rende na afloop langs de journalisten. Hij wilde niet praten, maar was er misschien ook wel niet toe in staat. Te emotioneel.

Directeur betaald voetbal Bert van Oostveen wilde wel praten. En dat zegt genoeg. Als bestuurders een zone betreden waar normaliter alleen spelers komen, is het bittere ernst. „Misschien zijn we wel niet zo goed als we denken”, zei Van Oostveen. „Als je niet bij de beste 24 landen van Europa zit, is dat slecht voor je imago.” Trekt hij zelf zijn conclusies? „Nee, ik voel me verantwoordelijk voor dit hele proces, maar ik stap zelf niet op, dat weet ik zeker.”

Dodelijk balverlies

Wat er mis ging in de Torku Arena? Te veel. Dekkingsfouten, dodelijk balverlies, gemiste kansen en onnauwkeurige voorzetten. Al na tien minuten ging Oguzhan Ozyakup in een zee van ruimte op doelman Jasper Cillessen af. Iedereen zag de steekpass aankomen, behalve Stefan de Vrij. Die haalde Ozyakup pas weer in toen de Turk al had gescoord met een lobje. Daar ging Nederland weer. Opnieuw een bijrol in een show van een ander land.

Nu dus Turkije, dat voor de wedstrijd één punt achter Nederland stond, maar nu twee punten voor staat met nog twee duels te gaan. De Turken moeten nog tegen Tsjechië en IJsland, de nummers één en twee van groep A, maar het is een misplaatste gedachte om te denken dat Oranje alsnog het EK haalt als de Turken punten verspelen. Zelf moet de ploeg eerst zien te winnen van Kazachstan (uit) en Tsjechië: al lastig genoeg.

Een jaar na de knappe derde plek op het WK in Brazilië is Nederland een ploeg die doelpunten kinderlijk eenvoudig weggeeft. Na de 1-0 van Ozyakup was het Daley Blind die na 25 minuten gruwelijk in de fout ging. Hij kreeg de bal vanuit een inworp, leed balverlies en daar ging Arda Turan. Op weg naar Cillessen, die, voor de dramatiek van de ondergang, ook nog eens over de bal heen dook. Tranentrekkend. Praten na afloop? Cillessen rende het journaille voorbij. Waarschijnlijk uit schaamte.

Arjen Robben zei het vorige week al in aanloop naar de wedstrijd tegen IJsland: „We moeten heel goed beseffen dat die derde plek op het WK uniek was.” Na gisteravond zal niet alleen hij zich dat realiseren. Nederland is zo groot niet meer.

Het aantal sterren dunt uit en jonge spelers moeten op steeds jongere leeftijd de eer verdedigen van een natie vol verwachting. Zoals Jaïro Riedewald, die gisteren in de basisopstelling stond door de schorsing van Bruno Martins Indi. Een negentienjarig talent dat het zeker niet onaardig deed, maar het is veelzeggend voor de staat van Oranje dat (jonge) voetballers debuteren in één van de belangrijkste duels in jaren.

In een kolkend Konya moet bondscoach Danny Blind zich in een horrorscène hebben gewaand. Het einde van zijn eerste interlandperiode met Oranje: gekleineerd als een B-land. Blind had Oranje juist moeten redden. Hij was tot deze zomer assistent-bondscoach, maar de voormalige libero van Ajax maakte na de dramatische kwalificatiereeks onder Guus Hiddink vervroegd de stap die contractueel al was vastgelegd: van assistent-bondscoach naar hoofdverantwoordelijke. Aan hem de taak om orde te scheppen in de chaos onder de weggestuurde Guus Hiddink.

Tweede duel als bondscoach

In zijn tweede duel als bondscoach koos hij direct een andere opstelling dan donderdag. Tegen IJsland stond Klaas-Jan Huntelaar in de spits, in Turkije was dat Robin van Persie, omdat er meer ruimte zou komen om te voetballen, was het idee. En hij schoof Daley Blind naar het middenveld voor een hechter blok. Logisch gedacht, maar het was uitgerekend Blind die dodelijk in de fout ging. Zoals Oranje donderdag ook al verloor door persoonlijke fouten.

Was een directe ommekeer te veel gevraagd onder leiding van een nieuwe bondscoach? Misschien wel, maar ook Blind heeft bijgedragen aan het verval. Ongetwijfeld heeft hij zijn voorganger Hiddink niet continu tegengesproken en nu heeft hij als bondscoach keuzes gemaakt waar je vraagtekens bij kunt zetten. Middenvelder Davy Klaassen is een groot talent, maar met 22 jaar ook nog maar een beginnend international, terwijl de bondscoach met Nigel de Jong (30) een sloper als alternatief heeft, met twee WK’s en EK’s achter zijn naam.

Dat Oranje voor het eerst sinds 22 jaar een EK dreigt te missen, is teleurstellend, maar pijnlijker nog is het feit dat er volgend jaar in Frankrijk 24 landen deelnemen aan het EK, terwijl dat er in 1984 maar acht waren. Toen viel een gemist EK nog te verdedigen, nu dreigt reputatieschade, wetende dat ooit zo nietige voetballanden als IJsland, Wales en Noord-Ierland wél naar het EK zullen gaan.

Toplanden moesten het wel heel bont maken om het toernooi te missen en uitgerekend Oranje dreigt daarin te slagen. De nummers één en twee van de poule plaatsen zich rechtstreeks, de beste nummer drie van alle negen poules ook en bij wijze van laatste kans krijgt een groot voetballand als Nederland ook nog een beschermde status wanneer het als nummer drie de play-offs haalt. In dat geval wordt Nederland gekoppeld aan een nummer drie van minder allooi, op basis van prestaties uit het verleden.

Die prestaties lijken nu heel ver weg en je zou je kunnen afvragen of dit Oranje wel privileges verdient. Als de hel van Konya een voorbode vormt voor wat komen gaat, zeker niet.

    • Fabian van der Poll