Hoe China de Westerse beurzen raakt

Niet alleen Beijing gooide er miljarden tegenaan om de beurzen te steunen. ECB-topman Draghi beloofde deze week in wezen hetzelfde.

En weer marcheerde Mario Draghi donderdag de straat al in, terwijl van de rest van het orkest nog weinig te bekennen was. De topman van de Europese Centrale Bank zegde tegenover de pers toe om de huidige ‘kwantitatieve verruiming’ – het aankoopprogramma van obligaties ter waarde van maandelijks 60 miljard euro desnoods te intensiveren of te verlengen. Deze belofte was niet besproken tijdens de vergadering van de ECB-top van donderdag. En dus zit diezelfde ECB-top, waaronder ook de Nederlandse en Duitse centrale bankiers, wederom met een voldongen feit. De financiële markten gaan er nu van uit dat de ECB er desnoods een schepje bovenop zal doen. Op straffe van een vertrouwenscrisis, als het niet gebeurt. Zo herhaalde Draghi zijn tactiek van vorig jaar, toen zijn collega’s in het ECB-bestuur niet meer onder de ‘kwantitatieve verruiming’ uit kwamen die hij al had rondgebazuind.

Doorgeladen monetair pistool

Heeft de eurozone daar nóg meer van nodig? De voorspellingen voor de inflatie zijn verlaagd, maar grondstoffen en energie maken daar een flink deel van uit, hun effect is tijdelijk. Intussen kwam gisteren ook het nieuws dat de index voor inkoopmanagers voor de eurozone (de purchasing managers index) over augustus opwaarts is bijgesteld tot 54,1. Dat houdt een zeer gezonde expansie in van de economie van de eurolanden. Zijn dat omstandigheden voor een centrale bank om nu al grote beloften te doen?

Dat geldt ook in de VS. Daar wordt deze maand beslist of de rente voor het eerste sinds de crisis weer omhoog gaat. Twijfel en verdeeldheid regeren, zowel in het bestuur van de ‘Fed’ als op de financiële markten. Ja, de inflatie is maar 0,4 procent, maar de werkloosheid bleek gisteren te zijn gedaald naar 5,1 procent en de economische groei over het tweede kwartaal bedroeg 3,7 procent.

Waarom slapen de centrale bankiers dan toch nog steeds met een doorgeladen monetair pistool onder hun kussen? Daar zijn veel theoretische redenen voor – structurele stagnatie, het schrikbeeld van Japan of de jaren dertig. Maar de meest acute factor is op dit moment China – en dan vooral de impact van een mogelijke Chinese crisis op het Westen. De beurskoersen in Europa en de Verenigde Staten gingen de afgelopen maanden fors op en neer met de sprongen van de beurs in Shanghai. Maar is die angst voor financiële vogelgriep wel rationeel?

Financiële vogelgriep

Directe besmetting is er nauwelijks. Er zijn weinig Westerse beleggers actief in Shanghai – en degenen die dat wél zijn zullen na alle recente repressie en arrestaties in beurskringen wel twee maal uitkijken of ze willen blijven, laat staan uitbreiden. Bovendien stelt de Chinese beurs nog niet ze veel voor. De marktkapitalisatie van alle Chinese beursgenoteerde bedrijven samen is slechts een vijfde van alle Amerikaanse. Voor de vergelijking van Shanghai met de eurozone geldt dat in, iets mindere mate, ook.

In economische zin is de besmetting iets waarschijnlijker. Tijdens de Azië-crisis van 1998, die overigens grotendeels aan China voorbij ging, was de Chinese economie nog een onbeduidende factor. Zij maakte 3,4 procent uit van de wereldeconomie. Dat is vergelijkbaar met Italië nu. Maar na zeventien jaar forse groei maakt China nu al 15 procent uit van de wereldeconomie. Dat is vergelijkbaar met de gehele eurozone. Een forse economische crisis in China heeft nu wel degelijk een flinke invloed op de rest van de wereld. Maar of die aan de hand is? Daar is de grootst mogelijke onduidelijkheid over.

Aan de ene kant zijn er sceptici, met als boegbeeld de Amerikaanse hoogleraar Christopher Balding die doceert aan de universiteit van Beijing, die al jaren niets geloven van de hoge Chinese groeicijfers.

Maar aan de andere kant: vorige week maandag, toen Wall Street Shanghai in een angstwekkend tempo naar beneden volgde, belde Apple-topman Tim Cook zelf naar de beurszender CNBC. Chinese crisis? De iPhones verkopen er nog steeds prima.

Daarmee raakte Cook indirect aan een van de grote ontwikkelingen in China: de overgang van een onhoudbare economie die wordt gedreven door (over-)investeringen, naar één waar consumptie de hoofdrol krijgt.

Het wakkere draakje

Die overgang is noodzakelijk, maar het zou knap zijn als Beijing dat soepel kan laten verlopen. Ook hier geldt: heeft een eventuele crisis nu zo’n grote impact op het Westen dat de beurzen daar één op één met Shanghai op moeten reageren? Het antwoord is voorlopig: nee. De heftige reacties op Wall Street worden inmiddels steeds vaker herleid tot computergestuurde handel, die voor steeds grotere fluctuaties zorgt. Misschien dat de impuls uit China komt, maar dat is toch echt een Westers probleem. Er zijn ergere zaken om zorgen over te hebben bij een Chinese crisis. De militaire parades, inclusief de nieuwe DN21 ‘carrier killer’-raket, worden er doorgaans langer door.

Monetaire paniekreacties lijken dan ook misplaatst. Zoals die, op donderdag, van Draghi – wiens naam zich overigens passend laat vertalen als: ‘draken’. Voordat iemand Beijing nog een keer verwijt met geld te smijten om de financiële markten te steunen: kijk ook eens naar Frankfurt.

    • Maarten Schinkel