De première is straks bij jou thuis

Tijdens het filmfestival in Venetië krijgt Beasts of No Nation een prominente plek. Een film die hier niet in de bioscoop verschijnt, maar direct op Netflix komt.

Acteur Idris Elba speelt sterk als charismatische warlord in Beasts of No Nation. Foto’s Netflix

Heeft een film die niet bestemd is voor de bioscoop, maar in de meeste landen van de wereld alleen te zien zal zijn op Netflix, wel iets te zoeken op een prestigieus internationaal filmfestival zoals Venetië? Over die kwestie vinden momenteel heetgebakerde discussies plaats in Lido di Venezia, waar de thuisbasis van het festival is. Festivaldirecteur Paolo Baratta gunde een prestigieuze plaats in de competitie van het festival aan Beasts of No Nation. De film over een Afrikaanse kindsoldaat is geregisseerd door Cary Joji Fukunaga, die als maker van de succesvolle HBO-serie True Detective uitgroeide tot een van de meest besproken jonge regisseurs in Hollywood. Maar Beasts of No Nation is aangekocht door Netflix (voor twaalf miljoen dollar) en zal alleen in de VS en het VK in de bioscoop te zien zijn. In de rest van de wereld gaat de film op 16 oktober in première op de streamingdienst.

Baratta verdedigt zijn keuze om de film te selecteren met verve, zij het meer vanuit realisme dan met groot enthousiasme. „Het is onvermijdelijk dat bedrijven zoals Amazon en Netflix een steeds grotere rol gaan spelen in zowel de productie als de distributie van films”, zei Baratta tegen vakblad Variety. „De filmwereld moet daar een antwoord op hebben, want je kunt dat toch niet tegenhouden.”

De klassieke filmstudio’s blijven bevreesd dat het bioscoopbezoek verder zal afnemen, nu bedrijven zoals Netflix en Amazon een grotere rol gaan spelen als de nieuwe makers en verspreiders van ‘content’.

Vooralsnog is het gebruikelijk dat er een periode is van vier maanden waarin een film alleen in de bioscoop te zien is, voordat de film ook op andere manieren mag worden vertoond. Door het succes van Netflix, dat met Beasts of No Nation ook een rol hoopt te gaan spelen in de race om de Oscars, zal dit gebruik vermoedelijk meer onder druk komen te staan.

Kwaliteitsseries van producenten zoals betaalzender HBO waren al langer op filmfestivals te zien in bijprogramma’s, zeker als ze zijn gemaakt door gerenommeerde filmmakers – een uitstapje waar steeds meer regisseurs op de A-lijst voor te porren zijn. Maar directeur Thierry Frémaux van filmfestival Cannes moest enkele jaren geleden nog een heuse oorlog uitvechten met de Franse filmwereld toen hij de gangsterserie Carlos van Olivier Assayas in de filmcompetitie wilde opnemen. Dat gevecht verloor Frémaux, Carlos verdween in een bijprogramma. Met de selectie van Beasts of No Nation in de competitie van Venetië lijkt die horde nu genomen.

En het is ook een goede film

Dat Beasts of No Nation over voldoende kwaliteit beschikt voor een plek in Venetië, daar is verder geen discussie over. Fukunanga werkte al voor zijn grote doorbraak met True Detective aan een plan voor een film over kindsoldaten in West-Afrika en hij is het project trouw gebleven. Door de harde, gruwelijke thematiek heeft de film in commercieel opzicht weinig rooskleurige vooruitzichten. De film laat onverbloemd en bloederig zien hoe de jonge Agu zijn vader en moeder kwijtraakt, in handen valt van een charismatische warlord (sterk gespeeld door Idris Elba) en verwordt tot moordenaar.

Zeker is dat door de deal met Netflix veel méér mensen die film zullen zien dan alleen bij uitbreng in de bioscoop. „Natuurlijk wil ik het liefst dat mensen mijn films op een groot doek zien”, zei Fukunanga in Venetië tegen de pers over zijn deal met Netflix. „Maar tegelijk wil ik ook dat zoveel mogelijk mensen de film zien. Dat laatste heeft de doorslag gegeven. Maar dat was geen simpele beslissing.”

Een film in de bioscoop blijft toch het hoogst haalbare. „Ik ben er een groot voorstander van dat serieus drama in de bioscoop te zien blijft. Maar dan moet het publiek wel komen. Al die mensen die dat ook willen, moeten wel naar de bioscoop blijven gaan.”

    • Peter de Bruijn