Eigen gedetineerden eerst?

Deze week arriveerden de eerste gevangenen uit Noorwegen om hun straf uit te zitten in het Drentse Norgerhaven. Het is het resultaat van een verdrag dat Den Haag met Oslo sloot om Nederlandse celcapaciteit te verhuren om buitenlandse gedetineerden in te sluiten. Eerder werd de gevangenis in Tilburg al verhuurd aan België.

Dat bericht roept gemengde gevoelens op. Staatssecretaris Dijkhoff (VVD), die over het gevangeniswezen gaat, presenteert dit als een succes, een typische win-winsituatie. Nederlandse bewaarders blijven aan het werk en een gevangenis blijft in bedrijf. En Noorwegen is blij met ons. Dat is op zich allemaal waar.

Maar het ‘afstraffen’ van gedetineerden zo’n duizend kilometer verderop is niet zonder problemen. Bezoek wordt door de afstand sterk belemmerd, wat strafverzwarend werkt. Ook voor gedetineerden geldt het mensenrecht op een gezinsleven, dat nu dus in het gedrang komt. Celstraf is verder altijd een rechtspolitieke keuze – de Noorse regering wil in eigen land dus geen celruimte vrijmaken via amnestie, thuisdetentie, enkelband, borgtocht of werkstraf. En wil kennelijk ook geen nieuwbouw. De buitenlandse celstraf kent precedenten, maar niet zulke gunstige. Ooit was het exporteren van gevangenen naar ‘de koloniën’ of buitengebieden gebruikelijk: Guyana, Australië, Siberië. Norgerhaven is ook zo begonnen.

Een klein deel van de gedetineerden kiest vrijwillig voor Nederland, maar een grote groep niet. Daarmee wordt ‘naar Nederland sturen’ dus deel van het Noorse justitiearsenaal en de afschrikkende werking van het Noorse strafrecht. Ook iets om bij stil te staan.

De tweede kanttekening bij de lege Drentse gevangenis is of die eigenlijk wel terecht leegstaat. Ontegenzeggelijk daalt in Nederland het aantal celstraffen en gedetineerden, neemt de veiligheid toe en raken cellen dus leeg. Het aantal gedetineerden ging terug van 17.700 in 2010 naar 13.800 in 2014. Maar dat wil niet zeggen dat er ook een ‘tekort’ aan Nederlandse (aspirant-)gedetineerden is. Onze cellen zouden een stuk voller zijn als justitie erin slaagde de executieachterstanden in te lopen.

Dijkhoff schreef de Tweede Kamer dat er nu 2.843 openstaande zaken zijn. Vaak schrijven deze veroordeelden zich uit bij hun gemeente, waardoor ze onvindbaar zijn. Justitie en politie maken er alleen werk van als het om straffen van langer dan vier maanden gaat. Vorig jaar werden er zo 460 voortvluchtigen met langere straffen opgepakt. Wie echter met een kortere straf langer dan twee jaar onvindbaar blijft, wordt van de actieve opsporingslijst afgevoerd. Die ontspringt definitief de dans. Zo’n Noorse importgevangenis is behalve een succes dus ook een bewijs van falen. In eigen land.