Bestelwagen op zee

In de monding van Waterweg is het altijd spitsuur. 48 uur aan boord van een containerschip dat zeereuzen van lading voorziet. Het verhaal van een schip en zijn helpers.

Als de Rotterdamse haven een bijenkorf is, dan zijn de oceaanreuzen de bijenkoninginnen. Dat zij onze belangrijkste haven aandoen, maakt van de Rotterdamse haven de motor van de economie. De invoer van containers, werd gisteren bekend, steeg in het eerste kwartaal van dit jaar weer met 10 procent en het einde is nog niet in zicht.

Maar net als in de bijenwereld zijn de containerschepen niets zonder hun voedsters. In de havenwereld heten die feeders, lijndiensten die de containers van en naar ruim duizend andere havens verschepen.

Speciaal voor de Wereldhavendagen, die vandaag beginnen, scheepte NRC in op het motorschip Energizer, één van die werkbijen. Met een capaciteit van 750 containers is het 135 meter lange schip een bestelwagentje vergeleken met de reuzen van soms 19.000 containers die het moet voeden. Caspar Naber hield een logboek bij van het leven aan boord van deze minimaatschappij waar kapitein Andrey het bevel voert over een tienkoppige bemanning.

Jessica Maas voer mee met de Procyon, het 82 meter lange moederschip van de loodsen, en zag hoe de loods aan boord ging van de Energizer.

Alle scheepvaartbewegingen worden nauwlettend in de gaten gehouden vanuit het Vessel Control Centre in Hoek van Holland, waar Frank van Dijl te gast was.

Maurice Geluk draaide een dienst mee met de roeiers, het gilde dat nog altijd met de hand, de zeeschepen vastlegt aan de wal.

En Wim de Jong zocht uit of de bemanning van schepen als de Energizer nog wel aan zijn trekken komt in het Rotterdamse nachtleven.

    • Caspar Naber