Gaat het echt weer zo goed?

Eerst hadden 155 van de 380 pensioenfondsen nog te weinig vermogen. Nu denken de fondsen weer aan verhoging van de pensioenen, er is namelijk weer vertrouwen in de toekomst. Hoe kan dat?

Op pensioenen hoeft niet gekort te worden en een deel van de pensioenfondsen mag ze zelfs alweer verhogen. Dat goede nieuws bracht De Nederlandsche Bank (DNB), de toezichthouder op de sector, dinsdag. Onderliggende boodschap: de nieuwe spelregels voor pensioenfondsen doen keurig hun werk. Maar de vraag is of alle verwachtingen voor de komende jaren uitkomen.

1 Hoe staan de pensioenfondsen met problemen ervoor?

Van de circa 380 pensioenfondsen in Nederland moesten er 155 een herstelplan bij DNB indienen omdat ze te weinig vermogen hadden. Geen van die 155 pensioenfondsen hoeft te korten en alle herstelplannen zijn goedgekeurd – op één na. Van welk fonds dat is, is niet bekend, DNB noemt nooit namen. Eenvijfde van de fondsen in herstel mag de pensioenen dit jaar al een beetje verhogen omdat ze voldoende buffer hebben. En een ruime meerderheid, tweederde, verwacht in 2018 de uitkeringen weer enigszins te kunnen verhogen.

2 De nieuwe, strengere regels maken verhogen toch lastiger?

Ja. Fondsen moeten sinds dit jaar meer buffer opbouwen om pensioenen te mogen verhogen: een beetje bij een dekkingsgraad (verhouding vermogen en uitkeringen) van 110 procent en bij 135 procent genoeg om de inflatie helemaal te compenseren. Zo wil het kabinet de fondsen minder kwetsbaar maken en „risico’s en rendementen” eerlijker verdelen over generaties. De fondsen mogen meevallers minder snel uitdelen, maar daartegenover mogen ze tegenvallers meer uitsmeren over de balans (dit jaar over 12 jaar, daarna over 10 jaar) Zo hoeven fondsen in nood minder snel te korten, wat hun meer ruimte geeft om een pensioen mét koopkracht te realiseren, zegt het kabinet.

3 Denken de pensioenfondsen daar net zo over?

Veel fondsen vinden de regels te streng. De Pensioenfederatie, de koepelorganisatie van fondsen, zegt dat de regels op de lange termijn niet goed zijn voor pensioenen, zeker niet voor de jongeren van nu. Ambtenarenfonds ABP, het grootste van Nederland (2,8 miljoen deelnemers, 356 miljard euro vermogen) heeft de pensioenen al vijf jaar niet meer kunnen aanpassen aan de prijs- en looninflatie. Oud-bestuursvoorzitter Henk Brouwer zei april vorig jaar dat verhogingen er de komende vijf jaar ook niet of nauwelijks in zitten. Door de „nieuwe, strenge regels” kan ABP de ambitie voor „een waardevast pensioen” niet waarmaken, zei hij destijds.

4 Hoe kan het dan dat fondsen tóch aan verhogen denken?

Omdat de fondsen veel vertrouwen in de toekomst hebben. Uit de ingediende herstelplannen blijkt dat de fondsen „vrijwel geheel” met beleggingsrendementen op peil denken te kunnen komen, aldus DNB. Gemiddeld gaan ze uit van 4,7 procent rendement per jaar in de komende jaren. Een onbekend aantal fondsen, vooral de grotere, zegt DNB, gaat uit van de maximale rendementsverwachting die de toezichthouder toestaat: 7 procent op aandelen en 6 procent op vastgoed. De vermogensgroei die al dat „over-rendement” met zich mee brengt, moet de fondsen in staat stellen om weer te kunnen verhogen.

5 Rekenen de pensioenfondsen zich rijk?

Het grootste fonds ABP heeft sinds begin jaren negentig een gemiddeld rendement van ongeveer 7,5 procent gehaald. Nederlands tweede fonds, Zorg en Welzijn (ruim twee miljoen deelnemers, 166 miljard euro vermogen) zit sinds begin jaren zeventig op ruim 8 procent. Maar beide fondsen hadden bijvoorbeeld in 2008 een uitschieter van min 20 procent. De financiële markten raken de laatste jaren sneller op drift. En als het fout gaat, zeggen ze: ‘resultaten uit het verleden bieden geen garanties voor de toekomst’.

6 Wat vindt de sector?

De nieuwe regels lijken nu voor meer stabiliteit te zorgen, maar volgend jaar kunnen de herstelplannen er weer heel anders uitzien, zegt de Pensioenfederatie. De beurzen zijn onrustig en de rente is historisch laag. Daarbij heeft DNB net de rekenrente verlaagd waarmee fondsen hun vermogen bepalen (van 4,2 naar 3,3 procent), wat nog niet is meegerekend in de plannen. Peter Borgdorff, directeur van Zorg en Welzijn: „DNB lijkt ons te verwijten dat we uitgaan van positieve beleggingsrendementen, maar vergeet het negatieve effect van de lage rente. Dat geeft geen reëel beeld. Ik denk dat wij de komende vijf jaar nog niet kunnen verhogen.”