‘Wij staken geen winkels in brand, man’

OMG speelt zijn vader in ‘Straight Outta Compton’. Anders dan pa Ice Cube groeide hij op in Baldwin Hills. Maar ook hij kijkt uit voor de politie.

Soms klinken er nog wel schoten in Los Angeles’ voorstad Compton. En in drugs wordt er ook nog gehandeld. Maar tegenwoordig is er ook een Chipotle, voor hip en verantwoord Mexicaans fastfood. Kinderen spelen onbezorgd op straat. De middenklasse groeit, gentrificatie dreigt: laatst werd er voor het eerst een huis van een miljoen dollar verkocht. Burgemeester Aja Brown, een zwarte vrouw van 33, noemt haar stadsdeel zelfs met dromerig optimisme „het nieuwe Brooklyn”.

Maar rapper en acteur Ice Cube (46) vertrok al heel lang geleden. Hij oogt tijdens een ontmoeting in Hollywood nog altijd licht dreigend in zijn ruime jeans, glimmende gympen en zonnebril, die hij ook binnen niet afzet. Maar hij is nog net iets dramatischer veranderd dan zijn geboorteplaats. Cube (geboren als O’Shea Jackson) is steenrijk en succesvol: met vrouw en kinderen woont hij nu achter een hoog hek in de upperclasswijk Baldwin Hills.

Dezer dagen speelt hij in familievriendelijke Hollywood-films. Ice Cube zegt blij te zijn dat hij Compton is ontvlucht. Het is „een zegen” dat zijn zoons en dochter niet hoeven op te groeien in de grauwe ellende die de nieuwe speelfilm Straight Outta Compton in beeld brengt. Niet dat hij wil vergeten dat hij uit het getto komt: zijn faam dankt hij immers aan de muziek over de bendecultuur van toen.

De film, vernoemd naar het eerste album van zijn rapgroep N.W.A (Niggaz Wit Attitudes) uit 1988, raakt een snaar in de VS. Na de première begin augustus is Straight Outta Compton al drie weken op rij Amerika’s topfilm: een voorlopige opbrengst van 134 miljoen dollar is opmerkelijk voor een film met bescheiden budget en onbekende acteurs die niet geschikt is voor families.

In lovende recensies wordt gewezen op de actualiteit en relevantie: deze biopic over rapgroep N.W.A toot namelijk vooral hoe deze pionierende gangstarappers met hun muziek reageerden op het politiegeweld in LA. En hoe de behandeling van zwarte Amerikanen een voortdurende bron van woede en confrontatie is: het gevoel altijd en overal verdacht te zijn, zelfs in je eigen buurt. Destijds was er N.W.A, met de protestsong Fuck Tha Police. Nu is er de politiek veel opbouwender Black Lives Matter-beweging, maar bij de protesten in Ferguson en Baltimore duiken ook T-shirts met de boze songtitel weer op.

Rap is intussen bijna mainstream geworden in Amerika. Rappers als Ice Cube, Dr. Dre of Kendrick Lamar zijn steenrijk, al loopt het soms slecht af, zoals onlangs met Suge Knight, de van moord betichte producent van Death Row Records: ook afkomstig uit Compton, en in de film al een brute schurk. De tv-serie Empire, over een zwarte muzikale familie, is een hit op Fox, op Broadway is de historische hiphopmusical Hamilton een sensatie. En nu dus de Comptonfilm, over de begindagen van de West Coast-rap in de jaren tachtig. Met als gevolg denkstukken en columns, roddelverhalen en interviews, waarin wordt geconcludeerd dat hiphop nu al zo Amerikaans als appeltaart is.

Dat mag zo zijn, maar volgens Ice Cube is desondanks heel weinig veranderd in het Amerika van Obama: vandaar het succes van Straight Outta Compton. „Zo veel armoede. Nog steeds criminaliteit, moorden, mishandeling, drugsgebruik, black-on-black criminaliteit, brown-on-black criminaliteit.” Hij grinnikt. „En de politie doet gewoon nog steeds wat ze altijd al doet.” In de film zijn de agenten een soort bezettingsmacht. Ze wonen niet in de wijken die ze patrouilleren en behandelen elke zwarte man als verdachte. De gangstarap van N.W.A weerspiegelt de woede daarover.

De 24-jarige zoon van Ice Cube speelt zijn vader in Straight Outta Compton. O’Shea Jackson Jr. luistert naar de rap-naam OMG (‘Oh My Goodness’). Zijn blik broeit al even verleidelijk als die van zijn vader: door de sterke gelijkenis lijk je naar de jonge Ice Cube te kijken. Jackson groeide op in het comfortabele Baldwin Hills, met weinig criminaliteit en politiegeweld. Maar als zwarte jongeman weet hij net als zijn vader wat het is om te worden aangehouden vanwege driving while black en ander ‘verdacht’ gedrag, vertelt Jackson.

„Een vriend van mij is overleden door excessief politiegeweld”, zegt de acteur, die zijn filmdebuut maakt. „We weten allemaal: kalm blijven. Als ze je willen opsluiten, laat je maar opsluiten, dat is beter dan doodgaan om een verkeersovertreding. Dat is niet alleen iets van Compton, iedereen kent het getreiter en de mishandelingen.”

En Compton? Na de Tweede Wereldoorlog vertegenwoordigde de wijk even de droom van zwarte emancipatie: een welvarende, kalme plek waar een Afro-Amerikaanse middenklasse kon opbloeien. In de jaren zestig volgde een uittocht, daarna decennia van verloedering, misdaad en wetteloosheid. Nog altijd is Compton beslist geen Brooklyn, al zijn juist in de armste buurten van de VS de criminaliteits- en misdaadcijfers de afgelopen decennia sterk gedaald – volgens onderzoek van bekende criminologen als Franklin Zimring vooral door computer-gestuurd, zorgvuldig politiewerk. Of ook door selectieve aandacht, hoge straffen en massale detentie van zwart Amerika?

„Dat we überhaupt moet zeggen dat zwarte levens tellen, black lives matter, laat zien dat het probleem nog lang niet weg is”, zegt Ice Cube. Hij hoopt dat zijn succesverhaal een alternatief biedt voor straatgeweld en rellen, woede omzet in iets positiefs. „Dat je op moet staan, dat je moet knokken, want anders beland je laag op de totempaal”, zegt hij. „Maar wij deden het creatief, zonder molotovcocktails. Wij staken geen winkels van buurtgenoten in brand. We maakten platen.”

Want heeft de hardcore gangstarap van N.W.A, met zijn verheerlijking van bendecultuur, woede en geweld wel zo’n positieve invloed gehad op de jongeren? „Het was maar muziek, man. Ik hoop dat jonge mensen geïnspireerd raken.”