Ik houd van nep en kom ervoor uit

Zijn vrienden willen verse salades, zelf eet Chiem Balduk liever magnetronnasi. Een betoog tegen de semi-authenticiteit van de voedingsindustrie.

Het was op een zon- en zuipvakantie aan de Spaanse Costa dat ik het ontdekte: ik houd van kunstmatige producten. Ik lust geen verse spaghetti, maar wél magnetronnasi. Ik walg van de zee, maar ben dol op chloorzwembaden. Verder geil ik op de moderne skyscrapers in Rotterdam en het gekunstelde talent van Ariana Grande. Héérlijk.

Mijn vrienden verklaren mij voor gek. Zij prefereren verse salades, zeeën, historische binnensteden en Jason Mraz. Daarom zal ik hier mijn keuzes voor één keer nader verklaren. Dit is een pleidooi vóór kunstmatige producten.

Ik weet het: het is een provocerend standpunt in deze tijden van de duurzaamheidhype. De mens is plots doodsbang voor E-nummers en suikers. Alleen met light- en zero-producten kan een merk zich tegenwoordig nog verkopen, gecombineerd met grote ‘geen geur-, kleur-, smaak- en zoetstoffen!’-stickers op de verpakking. Alsof die kunstmatige stoffen dodelijk zijn?

De reden dat de voedingsindustrie al die stoffen in onze producten geïmplementeerd heeft, is omdat men het daardoor lekker vond en verleid werd het daarom vaker te kopen. Genotsmiddelen dus, net als drugs en alcohol. Geen probleem wat mij betreft: de Fristi is er alleen maar smaakvoller van geworden. Natuurlijk, de consument wordt misleid, maar so what? Als de perceptie van aardbei en bosbes in die Fristi tot een genotzalig effect leidt – net als drugs en alcohol dat doen – hoor je mij niet klagen. Integendeel: ik geniet.

Een dergelijk zuiveldrankje komt tot stand na jarenlang productie- en marktonderzoek en wordt vakkundig in elkaar gezet – hetzelfde geldt voor een nieuwbouwcomplex in Rotterdam, de nieuwe hit van Ariana Grande of een vakantieresort in één van de Nederlandse vakantiekolonies aan de Middellandse Zee. Over elk grammetje trinatriumcitraat of hekje is nagedacht en draagt bij aan de gelukservaring die het oplevert. Het is precies wat het moet zijn en daarom zal het altijd beter en functioneler zijn dan een authentiek product.

Natuurlijk is duurzaam beter dan nep, maar wie zegt dat deze aspecten onverenigbaar zijn? De Fristi met E-nummers kan best in een gerecyclede verpakking worden geproduceerd.

Deze woorden zijn natuurlijk aan dovemansoren gericht. De consument van 2015 zweert bij fruitsmoothies, oude jaren-30-woningen en de niet-commerciële singer-songwriter. Daarbij wordt vergeten dat dit allemaal voorbeelden zijn van semi-authenticiteit. Die ‘pure fruitsmoothies’ van Innocent zijn immers ook fabrieksmatig in dat dure flesje geperst en het product is onderdeel van een grote multinational – in dit geval voor 90 procent van Coca-Cola. Die historische woningen zijn ook onderdeel geweest van een planologisch bouwproject en zo’n indiezanger heeft ook een platenlabel.

Dát noem ik misleiding.

Hoe graag wij, gegoede gezonde en geestelijk intelligente wereldburgers, het ook willen: als consument zul je altijd misleid worden door de markt. Wil je dat niet? Dan creëert de markt producten waarbij je de illusie krijgt dat je niet misleid wordt. E-nummers verdwijnen steeds vaker van de verpakking, maar niet uit het product, en worden gewoon bij naam genoemd. ‘Rodepeperextract’ klinkt immers veel beter dan E160C. En PepsiCo, Unilever en Nestlé lachen in hun vuistje.

Écht duurzaam, eerlijk of authentiek leven is bijna niet te bereiken én te betalen, of je moet ervoor kiezen om als nomadische hippie te stoppen met werken en de hele dag je moestuintje te verbouwen. Dus lieve naïevelingen van me, erken dat nep de beste oplossing is, of in ieder geval de eerlijkste. Baad jezelf in onwetendheid en geniet!