Ruige woordlawines

Op Lowlands vorig jaar was het Engelse duo Sleaford Mods een opvallende verschijning. Beatmaker Andrew Fern deed niets anders dan halve liters bier drinken en soms een knopje van zijn laptop indrukken, terwijl druktemaker Jason Williamson zijn vuige straatpoëzie met veel misbaar in de microfoon spuwde. Hun arbeideristische punkrap gaat heftig tekeer tegen alles wat Williamson niet zint in de kapitalistische maatschappij, met nadruk op de onthechting die de gewone man in het moderne Britse leven ondervindt. Hun achtste album Key Markets doet geen concessies aan de markt voor toegankelijke popmuziek en klinkt nog net zo krakkemikkig en ruig als hun eerdere werk, met zoemende baslijnen en blikkerige beats van een drumcomputer uit het jaar nul. In de furieuze straatpoëzie van ‘Cunt Make It Up’ en ‘Tarantula Deadly Cargo’ is Williamson op zijn best, met voor niet-Britten moeilijk te doorgronden woordlawines die door hun ritme en echtheidsgehalte een onweerstaanbare overtuigingskracht hebben.

    • Jan Vollaard