Flexplekken voor de rechters

Bij zeven rechtbanken is voortaan alleen nog plaats voor eenvoudige zaken. De rechtspraak moet moderniseren, maar vooral bezuinigen.

Niet alleen bij de politie en het openbaar ministerie wordt gereorganiseerd, ook de rechtspraak is aan de beurt. De ingrijpende bezuinigingen bij het ministerie van Veiligheid en Justitie van Rutte II hebben na een paar jaar uitstel nu ook gevolgen voor de rechters. Gisteren maakten de Raad voor de Rechtspraak en de gerechtsbesturen de plannen bekend voor een reorganisatie die bezuinigingen moet combineren met modernisering van de rechtspraak. Door verregaande digitalisering zijn er straks minder mensen nodig, en minder gebouwen, legt voorzitter Frits Bakker uit.

In 2013 zijn er 23 zittingslocaties gesloten. De overgebleven zittingslocaties zouden volwaardige rechtbanken blijven, beloofde toenmalig minister Opstelten aan het parlement. Wordt die belofte niet geschonden, nu zeven voormalige arrondissementsrechtbanken worden gereduceerd tot nevenvestigingen?

„Helaas staat de wereld niet stil. Het parlement behandelde de herziening van de kaart in 2011-2012. Sindsdien is er veel veranderd. Er zijn twee redenen voor deze reorganisatie. In de eerste plaats is de rechtspraak bezig met een grote operatie, KEI, om te zorgen dat de rechtspraak bij de tijd is, en gedigitaliseerd. Het gevolg is dat er minder administratief personeel nodig zal zijn, maar ook dat iedereen flexibeler gaat werken: minder afhankelijk van tijd en plaats. De rechtspraak heeft nu al 20 procent te veel huisvesting, en dat gaat naar 30 procent. Daarnaast moet er simpelweg bezuinigd worden. De rechtspraak moet het in 2020 met 90 miljoen minder doen. We willen liever op gebouwen bezuinigen dan op mensen.”

Het parlement had die belofte afgedwongen om de toegang tot het recht voor burgers te waarborgen. Komt die nu dan niet in gevaar?

„Nee. Op de zeven locaties waar het over gaat, wordt nu 90 procent van het totale pakket aan zaken behandeld. Dat gaat terug naar grofweg, gemiddeld, 75 procent van de zaken – in volume. Dus voor de meest voorkomende zaken kunnen mensen uit de regio van deze zeven rechtbanken daar nog gewoon terecht. De Tweede Kamer heeft zich uitgesproken over het type zaken dat op deze locaties moet worden behandeld, en daar houden wij ons aan. Voor de gewone burger verandert er niet veel. Vooral bedrijven en gedetineerde verdachten zullen wat verder moeten reizen, want de handelszaken en de grotere strafzaken zullen alleen nog bij de hoofdvestiging van het arrondissement worden gedaan.”

Maar ook bijvoorbeeld familierecht gaat toch naar de hoofdrechtbank?

„Nee, veel familiezaken zullen nog bij deze zeven zittingslocaties worden gedaan. Voor de meeste familiezaken mogen de rechtbankbesturen zelf kiezen of ze die alleen op de hoofdlocatie willen houden, of ook elders. We gaan ervan uit dat de meeste rechtbankbesturen voor het laatste zullen kiezen. Voor sommige familiezaken kan dat niet, omdat er te weinig zaken per zittingslocatie zijn. Dan speelt het behoud van de kwaliteit van de rechtspraak een rol. Dat geldt bijvoorbeeld voor ondertoezichtstellingen. Die zullen alleen op de hoofdlocatie worden behandeld.”

Dus als advocaten, rechters en gemeentebestuurders in Almelo protesteren tegen de ontmanteling van hun rechtbank, dan hebben ze ongelijk?

„Ja. Zeker vanuit de burger bezien. Vanuit het personeel voelt het misschien wel een beetje zo. De rechters zullen in de nieuwe organisatie geen vaste kamers meer hebben. Overal komen flexplekken. Daar wordt, voorzichtig gezegd, niet iedereen heel enthousiast van. Op de hoofdlocaties komen genoeg flexplekken voor alle rechters. Daar zullen bijvoorbeeld ook de teambijeenkomsten zijn, en de opleidingen worden verzorgd. Maar op de andere zittingslocaties zullen er minder werkplaatsen nodig zijn.”

Gaan deze zeven rechtbanken straks dicht, om elders in de stad een klein zaaltje te huren?

„Nee, hoewel het afhangt van de situatie. Zoals gezegd zullen er op de zeven zittingslocaties nog zoveel zaken worden behandeld, dat de rechtbank niet met een zaaltje zal toekunnen. Maar ze zullen minder zittingsruimte nodig hebben. En als zich een nieuwe huurder meldt die bijvoorbeeld de hele rechtbank wil huren, en er is dichtbij een geschikte andere locatie voor de rechtbank, dan is denkbaar dat er bestaande locaties worden gesloten.”

De president van de rechtbank Noord-Nederland, Evert van der Molen, is in verband met dit plan opgestapt, werd gisteren bekend. Waarom?

„Hij vond dat we de procedure anders hadden moeten inrichten. Er had eerder een mogelijkheid tot inspraak moeten zijn, in plaats van consultatie achteraf. En hij vindt dat de reorganisatie te snel volgt op alles wat de rechtspraak de laatste jaren over zich heen heeft gekregen.”

Zelfs als alles zo loopt als dit plan voorziet, heeft de rechtspraak in 2020 30 miljoen te weinig bezuinigd. Hoe lost u dat op?

„Daar moeten we over praten met de minister. Eens in de drie jaar hebben we een prijsonderhandeling over de rechtspraak. En de onderhandelingen voor 2017-2019 gaan eind dit jaar van start. Dan zullen we aan de minister voorleggen wat wij denken dat er nodig is voor kwalitatief hoogstaande rechtspraak.”

    • Elsje Jorritsma