We doen het best oké, Big Mac wise

Beeld The Economist

Fastfoodketen McDonalds is een geliefde graadmeter. Zo bedacht de Amerikaanse socioloog George Ritzer begin jaren negentig de term McDonaldization om aan te geven hoe aspecten uit de fastfoodindustrie - efficiency, standaardisering, kwantiteit boven kwaliteit - steeds verder doorspijpelden in de rest van de samenleving en andere culturen.

Zakenblad The Economist verkoos McDonalds’ meest bekende product en introduceerde de Big Mac Index. Het idee: de Big Mac bestaat overal ter wereld uit dezelfde ingrediënten, maar heeft nergens dezelfde prijs. Door de lokale prijzen om te rekenen naar Amerikaanse dollars, kan worden bepaald of munteenheden over- of ondergewaardeerd zijn ten opzichte van de dollar.

De index dient daarmee als (“lichtvoetige”) maatstaf voor verschillen tussen landen, denk aan inflatie of hoe lang iemand voor een Big Mac moet werken. Wat blijkt uit de meest recente meting? ‘Onze’ euro is iets minder ondergewaardeerd dan die van de eurozone als geheel.

Al is onze Big Mac daarmee ook iets duurder.

* Noot: in een eerdere versie stond dat uit de meest recente index bleek dat in Nederland het koopkrachtverschil met de VS minder groot is dan in de eurozone als geheel. Dat is niet zo.