Niet luisteren? Dan organiseren we een referendum

We zijn tig crises verder, maar de onverschillige, naïeve houding van onze politici tegenover Brussel is nog altijd niet veranderd. Daarom moeten burgers aan de bel trekken, vindt Thierry Baudet.

Illustratie Ruben L. Oppenheimer Illustratie Ruben Oppenheimer

Nederlandse politici hebben de gewoonte om de voortgang van het Europese project onbevangen over zich heen te laten komen; ze maken zich doorgaans weinig zorgen over de nadelige gevolgen die besluiten van de EU voor Nederland kunnen hebben en verlenen eigenlijk altijd wel hun steun. Zo ging het bijvoorbeeld met de open grenzen en met de invoering van de euro: men ging er (blijkbaar) van uit dat het wel goed zou komen. Het waren slechts zwartkijkers die problemen zagen!

Inmiddels zijn we meerdere financiële crises, honderden miljarden steungelden, een omvangrijk vluchtelingenprobleem en een explosie van de grensoverschrijdende criminaliteit verder. Toch is deze onverschillige, naïeve houding van onze politici tegenover Brussel nog altijd niet veranderd. Deze zomer was het weer raak. Zonder noemenswaardig debat ratificeerde ons parlement het ruim driehonderd pagina’s tellende associatieakkoord met Oekraïne. Het zou slechts gaan om economische ‘samenwerking’, een ‘aangeklede vrijhandelsovereenkomst’ volgens VVD-woordvoerder Ten Broeke. Het zou zorgen voor grotere ‘stabiliteit’ in de regio, aldus D66-woordvoerder Sjoerdsma. Ze maken een grote vergissing.

Het akkoord zorgt niet voor stabiliteit

Het akkoord bestaat uit twee delen: het één is economisch, het ander politiek. Oekraïne ratificeerde het politieke gedeelte in maart 2015 – maar heeft tot op heden het economisch gedeelte nog niet ondertekend. Dat is ook niet zo vreemd, want het akkoord met de EU zou de betrekkingen met handelspartner Rusland in gevaar brengen – en daar gaat 25 procent van zijn totale export heen. Begrijpelijkerwijs ziet Rusland niet hoe het de open grenzen met Oekraïne kan handhaven wanneer Oekraïne ook alle producten uit de EU zomaar binnenlaat. In een driepartijencoalitie wordt nu gesproken over een manier om de economie van Oekraïne open te houden voor Rusland (voor Oekraïne van levensbelang) terwijl ook Europa vrijelijk producten in en uit kan voeren – maar het akkoord is op dat punt dus inmiddels achterhaald. Het argument van Ten Broeke snijdt geen hout.

Het politieke gedeelte is wél geratificeerd. Maar dit maakt de situatie in de regio niet ‘stabieler’, zoals D66 denkt. Neem de coördinatie van het defensie- en veiligheidsbeleid waarin het verdrag voorziet. Artikel 4 bepaalt dat Oekraïne en de EU gaan ‘samenwerken’ op het gebied van ‘veiligheid en defensie’. Omdat in het Verdrag van Lissabon (art. 28 A) is bepaald dat het gemeenschappelijk veiligheids- en defensiebeleid „gestalte krijgt in – en in overeenstemming [blijft] met – de in het kader van de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie aangegane verbintenissen”, betekent dit een halve toetreding van Oekraïne tot het transatlantische bondgenootschap. Onlangs beloofde NAVO Secretaris-Generaal Stoltenberg Oekraïne een ‘sterk partnerschap’ want: ‘de NAVO staat aan jullie kant’. Terwijl Henry Kissinger deze week in ongewoon scherpe bewoordingen waarschuwde voor de ondoordachte houding van het Westen richting Rusland, werd gisteren bekend dat de Verenigde Staten de militaire trainingsmissies in Oekraïne zullen uitbreiden en intensiveren: roekeloos beleid waar wij via dit associatieverdrag mede in verwikkeld raken.

De toekomst van Oekraïne ligt in de EU

Ondertussen geeft het associatieverdrag Oekraïne ook verder zicht op toekomstig EU-lidmaatschap. Dit ontkennen Ten Broeke en Sjoerdsma – maar Herman van Rompuy stelde tijdens de onderhandelingen over dit verdrag in 2013 doodleuk dat Oekraïne ‘op termijn zal worden zoals de andere nieuwe lidstaten’ . Volgens Barroso ligt ‘de toekomst van Oekraïne in de EU’. Al in 2005 stelde het Europees Parlement dat EU-lidmaatschap voor Oekraïne in de toekomst nadrukkelijk tot de mogelijkheden behoort. Het associatieverdrag vormt slechts de volgende stap in deze geleidelijke, maar onmiskenbare toenadering.

De eerste concrete stappen die ondertussen worden gezet betreffen Europese financiële steun voor allerlei ontwikkelingsprojecten in Oekraïne én de opbouw van een „visumvrije regeling” (preambule en artikel 19). Is dat verstandig? Is dat in ons belang? Oekraïne geldt als één van de meest corrupte landen ter wereld. Verwachten we werkelijk dat ons geld goed terechtkomt? Is het werkelijk een goed idee de grenscontroles te versoepelen terwijl Oerkaïne wereldleider is in illegale vrouwenhandel, kinderprostitutie en doorvoer van drugs – en bovendien in een regelrechte (burger)oorlog is verwikkeld?

Onze politici zijn ziende blind. Daarom moeten burgers aan de bel trekken. Samen met GeenStijl en Burgercomité-EU is mijn denktank Forum voor Democratie een petitie gestart om de regering te dwingen het associatieverdrag aan de bevolking voor te leggen via een referendum. Dat kan sinds kort. Bij 300.000 handtekeningen is de Nederlandse staat verplicht een volksraadpleging uit te schrijven. We zijn vastbesloten het benodigde aantal ondertekenaars binnen de daarvoor gestelde termijn van zes weken te halen. Het associatieakkoord met Oekraïne is een ernstige vergissing en moet worden tegengehouden.