Erasmus Universiteit vraagt verblijfsvergunning aan voor Márcia

Márcia Venturo Tiago dreigt te worden uitgezet, omdat haar vader mogelijk in zijn thuisland Angola als militair misdaden heeft gepleegd. Dat een kind dreigt te worden gestraft voor een vermeende fout van een ouder, is de overheid op felle kritiek komen te staan.

De 18-jarige Marcia en de 13-jarige Glaucio Foto ANP / Defence for Children

De Erasmus Universiteit in Rotterdam heeft een aanvraag voor een verblijfsvergunning ingediend voor Márcia Venturo Tiago. De tiener, wier ouders uit Angola komen, zou vanochtend met de colleges voor haar rechtenstudie beginnen, maar werd vrijdag met haar familie van haar bed gelicht en in een detentiecentrum geplaatst. Ze dreigt te worden uitgezet, omdat haar vader als militair mogelijk ernstige misdaden heeft gepleegd in zijn thuisland.

De universiteit vindt het “van belang voor haar studie” dat de 18-jarige Márcia zo snel mogelijk kan beginnen en heeft dat ook aan de Immigratie- en Naturalisatiedient (IND) laten weten. Dat schrijft de onderwijsinstelling op Facebook:

Update Márcia Venturo TiagoDe Erasmus Universiteit Rotterdam heeft vandaag de aanvraag voor een verblijfsvergunning…

Posted by Erasmus University Rotterdam on Monday, August 31, 2015

Automatisch verdacht

Door de mogelijke misdaden van de vader van Márcia valt de familie onder het zogeheten 1F-artikel van het vluchtelingenverdrag. Dat weerhoudt hen van het Nederlanderschap. Ook het 13-jarige broertje van Márcia, Gláucio, dreigt te worden uitgezet.

In het vluchtelingenverdrag staat dat landen geen asiel hoeven te geven aan vermoedelijke oorlogsmisdadigers. De vader van Márcia en Gláucio was voor zijn komst naar Nederland militair van het ‘foute’ Angolese regime. Omdat dat oorlogsmisdaden beging, wordt de vader daar automatisch ook van verdacht – ook al vervolgt de Nederlandse overheid hem hier niet voor. Het gevolg: zijn hele gezin krijgt na vijftien jaar in Nederland geen verblijfsvergunning.

Kinderombudsman Marc Dullaert noemde de uitzetting van de tieners onacceptabel. De zaak illustreert dat het Nederlandse asielrecht nauwelijks rekening houdt met de belangen van kinderen, zegt hij.

“Met het kinderpardon heeft de Kamer gezegd dat kinderen die hier langer dan vijf jaar zijn, hier mogen blijven. Maar in de uitvoeringspraktijk zie je dat het pardon bewust is ingeperkt. Zo worden kinderen uitgesloten die asiel hebben aangevraagd om bijvoorbeeld medische redenen of omdat hun moeder slachtoffer is van mensenhandel. Kinderen worden gewoon behandeld als bagage: die zijn erbij, maar we houden geen rekening met ze.”