Treurige realiteit tot een happy end

De Japanse fotografe Momo Okabe wint de prestigieuze Foam Paul Huf Award. Haar werk is een combinatie van rauwe intimiteit en tederheid.

Yoko in 2009 na haar borstamputatie. Foto uit de serie 'Dildo' van Momo Okabe.

Aan de wand hangen metershoge foto’s van een penisconstructie en van twee onnatuurlijk verschrompelde vrouwenborsten, vol pleisters en blauwe vlekken. In een andere zaal zijn kleinere afdrukken te zien van een operatie waarbij een baarmoeder wordt verwijderd. Foam, het fotografiemuseum Amsterdam, waarschuwt dat de tentoonstelling Bible and Dildo van Momo Okabe (Tokio, 1981) voor kinderen wellicht minder geschikt is.

De Japanse fotografe is de winnaar van de prestigieuze Foam Paul Huf Award, een prijs waarvoor dit jaar honderd fotografen waren genomineerd en die in het verleden onder meer is toegekend aan Taryne Simon en Pieter Hugo. De jury viel voor Okabes intieme fotoseries van haar geliefden Kaori en Yoko, twee vrouwen met een verstoorde genderidentiteit, die zij volgde tijdens hun proces van vrouw naar man.

Net als Nan Goldin, de Amerikaanse fotografe die in de jaren tachtig haar aan harddrugs verslaafde vriendenkring vastlegde, heeft Okabe haar dagelijkse ervaringen en bijbehorende gevoelens als uitgangspunt gekozen. Haar wereld is nauwelijks minder zelfkant dan die van Goldin: de mensen op Okabes foto’s lijden aan persoonlijkheidsstoornissen, soms mede veroorzaakt door drugsgebruik of problemen om geaccepteerd te worden in de maatschappij.

Een verschil met Goldin is dat de techniek van Okabe nauw aansluit bij haar rauwe onderwerpskeuze. Haar foto’s zijn vaak onscherp en slordig van compositie, ze zitten vol ontwikkelvlekken en zijn vreemd nostalgisch van kleur. Niettemin gaat van haar beelden een grote aantrekkingskracht uit. Volgens de jury van de Paul Huf Award opereert Okabe vanuit een traditie binnen de Japanse fotografie, maar creëert ze met haar combinatie van rauwe intimiteit en tederheid een „unieke esthetiek”.

Naast een geldbedrag van 20.000 euro is een expositie vast onderdeel van de prijs. Okabe was gisteren voor de opening in Amsterdam. De verrassing is groot als de fotografe met haar tolk aanschuift. Zo rauw als haar foto’s zijn, zo delicaat is haar verschijning: verlegen als een dertienjarige, de nagels gemanicuurd, tiptop gekleed, en met een chique designertas aan de arm. Is dit echt de fotografe die close-ups maakt van penisconstructies?

Op verzoek diept Momo Okabe uit de handtas haar fototoestel op: een zwart pocketcameraatje uit het pre-digitale tijdperk. „Een camera moet vooral licht zijn”, zegt ze met een giechellachje.

Okabe zegt niet te weten of ze een kunstenaar is. „Ik wil vooral eerlijk en integer zijn ten opzichte van de mensen die ik portretteer. Met mijn foto’s koester ik de tijd die we samen doorbrachten. Ze zijn zoals de foto’s in een familiealbum – liefdevolle herinneringen.”

Haar lovers hadden er vrede mee dat zij intimiteiten vastlegde en naar buiten bracht, zegt de fotografe. „Ze vertrouwden dat ik foto’s nam om met mijn camera de treurige realiteit tot een happy end te laten komen.” Afgezien van de waardering van haar beroemde vak- en landgenoot Nobuyoshi Araki heeft haar werk in Japan weinig los gemaakt. De waardering die ze in het Westen oogst komt dan ook als een verrassing, zegt ze.

In de serie Bible combineert Okabe naaktportretten met foto’s die zij in 2011 in Noord-Japan maakte, in het gebied dat door een tsunami getroffen werd. Met zachte stem legt ze uit waarom transseksualiteit en natuurgeweld voor haar gevoel zo dicht bij elkaar liggen. „Die vernietigende kracht van de tsunami voelde verwant aan de gewelddadige energie die mijn geliefden voelden ten opzichte van hun eigen lichaam.”