Dump oma bij de tempel, dan krijgt ze in elk geval te eten

Steeds vaker willen moderne Indiërs af van hun inwonende ouders. Ze brengen hen naar een tempel, waar onderdak en voedsel worden geboden, of naar tehuizen. Tot verdriet van de ouderen.

In India groeit het aantal ouderen explosief. Meer dan 100 miljoen zijn de zestig gepasseerd, 51 miljoen leven onder de armoedegrens. Foto Abhisek Saha/Corbis

Een oude vrouw met spierwit pluishaar bonkt met haar hoofd tegen de tralies. Tussendoor slaakt ze ijselijke kreten. „Ik wil naar huis. Laat me gaan.”

Het hek vormt de toegang tot het enige bejaardentehuis van Guruvayur, in de zuidelijke Indiase deelstaat Kerala. „Ze is in de war”, vertelt een verzorgster. „Natuurlijk mag ze naar buiten, maar we zijn bang dat haar dan iets overkomt. We kunnen haar niet naar huis brengen. Ze weet niet meer waar ze woont. Haar kinderen hebben haar hier achtergelaten, bij de tempel.”

In India worden kinderen geacht hun ouders thuis tot de dood te verzorgen. Een gemeentelijk bejaardentehuis is een zeldzaamheid. Maar in Guruvayur is het bittere noodzaak. In de stad staat een enorme tempel voor Krishna, een van de meest aanbeden goden in het hindoeïsme. De laatste jaren laten kinderen hun oude vader of moeder steeds vaker stilletjes bij de tempel achter. Ze krijgen twee keer per dag gratis eten van de tempelorganisatie, net als de pelgrims. Ze zullen er niet verhongeren, denken hun kinderen.

Het tempelbestuur wil niet zeggen hoeveel ouderen bij de tempel worden gedumpt. „Op dit moment zijn er geen achtergelaten ouderen in onze tempel”, zegt de voorzitter. „Eerder wel, maar met hulp van de politie hebben we hen ondergebracht in zorgcentra voor ouderen.”

„We proberen ze op te vangen”, bevestigt P.S. Jayan, de communistische burgemeester van Guruvayur. „We hebben een tehuis moeten stichten. Wat kunnen we doen? Het is een probleem van de jonge generatie. Mensen ervaren de zorg voor hun ouders als een last, omdat ze een drukke baan hebben. Ze verliezen hun menselijkheid. Een negatieve bijwerking van de economische groei.”

In de hoofdstad New Delhi kan Vinod Gupta zich niet voorstellen dat ouderen aan hun lot worden overgelaten. Een bejaardenhuis is een zonde „in onze cultuur”. Hij staat in zijn apotheek in Mayur Vihar, waar veel Indiërs uit de opkomende middenklasse wonen. Vinod (42) woont met vrouw en twee jonge kinderen bij zijn vader. Geheel volgens de traditie is zijn vrouw meteen na de bruiloft bij hem en zijn ouders ingetrokken. „Zodat we voor hen kunnen zorgen.” Zijn moeder is overleden. De zorg voor zijn vader kost veel tijd. „Maar onze ouders hebben ook veel tijd gestoken in ónze opvoeding.”

Vader Gupta (77) zit achter de balie, bij de piepende matrixprinter die dienstdoet als kassa. Hij scheurt de bonnetjes af voor de klanten en beheert de kas. „Ach ja, mijn vader is traag en maakt fouten”, zegt zoon Gupta. „Maar zonder hem had ik deze apotheek niet gehad.”

Explosie van ouderen

Hoewel de helft van de Indiërs onder de 25 jaar is, groeit het aantal ouderen explosief door de stijgende levensverwachting: meer dan 100 miljoen Indiërs zijn de 60 gepasseerd. Volgens HelpAge India, een ngo voor ouderen, leven 51 miljoen van hen onder de armoedegrens. De kwetsbaarste groep van 80-plussers groeit het hardst: in 2050 zal die zijn vervijfvoudigd ten opzichte van peiljaar 2006.

Saja Pal (74) wandelt over de binnenplaats van een bejaardencentrum in Noord-Delhi. „Ik ben nooit getrouwd, heb geen kinderen en mijn familie is overleden. Ik wilde niet vereenzamen. Ik vind het hier heerlijk. De dokter komt elke twee weken op bezoek. We krijgen yoga en er wordt voor me gekookt.” Als het over zijn medebewoners gaat, zucht hij. „Er wordt veel geklaagd over harteloze kinderen.”

Veruit de meeste bewoners hebben niet zelf gekozen voor een verblijf in het centrum, vertelt de manager, Mahin Nan. „De meesten zijn geplaatst door hun kinderen. Vaak hebben ze een goede baan in het buitenland. Hun ouders willen niet weg uit India. Tegenwoordig betekent dat niet meer automatisch dat je je carrière opgeeft om voor je ouders te zorgen.”

In weerwil van de traditie waarover veel Indiërs zo hoog opgeven, wonen volgens HelpAge India 30 miljoen ouderen op zichzelf. Er zijn lang niet genoeg bejaardencentra. In New Delhi zijn vier bejaardentehuizen van de overheid. De laatste vijf jaar zijn daar volgens manager Nan 44 particuliere bejaardencentra bij gekomen, met een capaciteit van nog geen 5.000 bewoners. Verwaarloosbaar op een bevolking van een kleine 17 miljoen mensen. „Het is een ontluikende markt”, zegt Nan. Een levenslang verblijf in zijn tehuis kost 800.000 roepie (10.500 euro), ruim tien keer een gemiddeld jaarsalaris. Een particulier bejaardencentrum is elitair.

Ook het leven van de 70 miljoen ouderen die thuis worden verzorgd is minder mooi dan je op grond van de traditie zou denken. In een uitgebreide enquête onder 80-plussers door HelpAge India meldde ruim 80 procent dat ze door hun kinderen werden mishandeld. Uitschelden, verwaarlozing en fysieke mishandeling werden het vaakst genoemd. „Wat als degenen die bescherming moeten bieden zich gaan gedragen als daders”, vroeg P.C. Sen, vicevoorzitter van HelpAge, zich in februari af.

Op het terrein van de Krishna-tempel in Guruvayur maken twee oude besjes met rinkelende zilveren enkelbandjes zich boos. Het zijn tempeldanseressen die de toneelstukken verbeelden over het luisterrijke leven van Krishna, incarnatie van de god Vishnu, bewaarder van de schepping. „Alle achtergelatenen worden door de politie afgeleverd bij bejaardencentra. Schande. De meesten willen Krishna dag en nacht eren. Laat ze met rust. Wij kunnen voor ze zorgen.”

Lonappan Jacob probeert gedumpte ouderen te helpen. Hij loopt speurend over het tempelterrein. Bij een overdekt gedeelte voor het podium van de tempeldanseressen, houdt hij halt. „Hier vond ik vroeger veel radeloze ouderen, achtergelaten door hun naasten. Maar de politie heeft de tempel weer eens schoongeveegd. Ze sturen alle ouderen weg die hier niet met hun familie zijn, met de opdracht zich te melden bij de bejaardencentra.” Naast het centrum van de gemeente telt Guruvayur zo’n tien kleine centra van liefdadigheidsorganisaties, zoals de christelijke kerk waarvoor Jacob werkt.

In zijn huis te midden van weelderige palmbomen dist hij de ene na de andere anekdote op. Zoals het verhaal van de achtkoppige familie die naar de Krishna-tempel afreisde en daar oma achterliet. Hij vond haar, overmand door verdriet. Hij zorgde ervoor dat haar verhaal verscheen in de lokale pers. „Na een week meldde haar jongste dochter zich bij me, woedend. Ze heeft haar moeder opgehaald. Ze wist niet dat haar broer en zijn vrouw haar moeder zo minachtten.”

In tegenstelling tot het tempelbestuur in Guruvayur noemen de bestuurders van een tempel in Ochira wel cijfers. Volgens de tempelsecretaris verblijven er 250 gedumpte ouderen. „Tien jaar geleden waren dat er nog geen twintig”, zegt hij per telefoon. Ook volgens Jacob, die de kost verdient met het repareren van naaimachines, neemt het dumpen van ouderen toe. „In twintig jaar tijd heb ik zeker duizend achtergelaten bejaarden ondergebracht. De meesten de laatste vijf jaar.”

Sieraden, spaargeld, huis: alles kwijt

Laxmi Gautama (83) werd een jaar geleden door een dochter achtergelaten bij de Krishna-tempel in Guruvayur. Jacob bracht haar naar het gemeentelijke bejaardentehuis. Ze draagt een keurige witte sari met daaronder een groen hemdje. Haar zilvergrijze haar is strak naar achteren gebonden in een knot. „Mijn jongste dochter en haar man waren bij mij ingetrokken. Ze hebben me geterroriseerd: geslagen, opgesloten. Ze wilden dat ik documenten tekende waarin ik afstand deed van mijn sieraden, mijn spaargeld en mijn huis. Ik heb het gedaan. Daarna hebben ze me achtergelaten bij de tempel.”

Ze kent haar oude adres uit haar hoofd, in een stad die maar vijftig kilometer verderop ligt. Maar ze wil nooit meer terug. „Ik bid elke dag tot Krishna dat ik mijn dochter nooit meer hoef te zien”, zegt ze. „Hier zal ik sterven, zonder angst voor mijn kinderen.”