Wat ons bindt, is de vreemdeling, nietwaar?

In het Brabantse dorp Gilze worden al ruim twintig jaar asielzoekers gehuisvest. Maar niet genoeg, vindt de burgemeester. Hij stelt een ingrijpende verbouwing voor. De lokale politiek heeft twijfels.

De Kerkstraat in het Brabantse dorp Gilze. Er zijn plannen om het bestaande asielzoekerscentrum uit te breiden. Foto Imara Angulo Vidal

Twee Irakezen zitten op een bankje voor een kantoor van het asielzoekerscentrum in Gilze. Zegt de een: „Ik zal vertellen wat het humanitaire karakter van Nederland is.” Hij toont een bril met een barst in een van de glazen. „Men weigert mij geld voor een reparatie.” Zegt de ander: „We krijgen alleen een bed, een douche en eten. We zitten hier al weken en het enige wat we doen, is wachten tot we in de procedure worden opgenomen. Zonder dat iemand ons iets zegt.” Hij schudt het hoofd. „Alle aandacht gaat naar Syriërs. Waarom? Weet Nederland niet hoe gevaarlijk de situatie in Irak is?”

De burgemeester is voor...

De bossen bij het Brabantse dorp Gilze. Het asielzoekerscentrum alhier kwam gisteren ineens in het nieuws toen bleek dat burgemeester Jan Boelhouwer enkele weken geleden zijn gemeenteraad heeft ingelicht over plannen het asielcentrum om te vormen tot een zogenoemde gezamenlijke vreemdelingenlocatie, zoals nu alleen in het Groningse Ter Apel bestaat. De burgemeester voegde aan zijn brief meteen maar een notitie toe die het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA), de Immigratie- en naturalisatiedienst (IND) en de Dienst Terugkeer en Vertrek (DT&V) in de eigen organisaties hebben verspreid. Motto: „Wat ons bindt, is de vreemdeling!”. In de notitie staat de aankondiging dat Gilze, na een ingrijpende verbouwing, wordt verrijkt met een centrale ontvangstlocatie en een aanmeldbalie zoals in Ter Apel. „Hiermee wordt de instroom beter verspreid over het land.” Een derde gezamenlijke locatie zou weleens in Zevenaar kunnen komen.

...de burgers ook wel

In Gilze worden al ruim twintig jaar asielzoekers tijdelijk gehuisvest, op een voormalig luchtmachtterrein. Meestal is het rustig. Een deel van de ongeveer duizend asielzoekers sjokt of fietst dagelijks over een landelijke weg naar het dorp, vijf kilometer verderop, voorbij boerderijen en weilanden, langs eetcafé D’n Broos, waar ze soms iets drinken of eten. In het dorp doen ze de Action of de supermarkt Emté aan. Hoe groot de omzetstijging van de Action is, willen medewerkers niet zeggen. „Wij mogen niet praten. Alles kan in de media tegen je gebruikt worden.”

De asielzoekers komen in Gilze steevast door de Oranjestraat. „Er is hier veel traffic”, zegt bewoner Bart van den Broek. Hij vindt het goed dat er asielzoekers worden geholpen. „Je kunt je ogen niet sluiten voor wat er in de wereld gebeurt.” Of de asielzoekers geen geld hebben, waagt hij te betwijfelen. „Ze lopen wel met mooie telefoons te bellen.” Een dorpsgenoot vindt hen lang niet allemaal te vertrouwen. „Ik sta hier nu te schilderen, maar ik zorg wel dat ik bij mijn kwasten blijf.”

Over de koerswijziging van het asielcentrum weten de bewoners weinig. Echte vragen komen van de raadsleden uit de gemeente Gilze-Rijen. „Ik klim niet in een boom om te waarschuwen voor gevaren, want we weten nog niet wat de consequenties zullen zijn”, zegt Johan Manders van Gemeentebelangen. „Maar die wil ik wel graag weten.”

Wat de raadsleden inmiddels wél weten, is dat de burgemeester wil vasthouden aan een eerdere afspraak, dat het centrum kan worden uitgebreid tot twaalfhonderd asielzoekers. „Dat is het maximum”, laat de burgemeester via zijn woordvoerder weten. De stellige uitspraak valt goed bij de grootste partij in de gemeenteraad, Kern’75. „Twaalfhonderd is een significante hoeveelheid mensen”, zegt fractievoorzitter Walter de Vet. „De impact daarvan op kleine dorpen als Gilze kan behoorlijk groot zijn.” De Vet wil ook wel eens weten wat de veranderde samenstelling van de groep asielzoekers betekent. „Er zitten nu vrij veel mensen die min of meer weten waar ze aan toe zijn. Straks komen er mensen voor het eerst in Nederland, met al hun emoties, spanningen en verwachtingen. Dan geeft een andere dynamiek.”

Alleen de politiek twijfelt

Gilze zal de komende jaren vermoedelijk niet ineens veel meer asielzoekers langs zien wandelen. Nu nog moeten veel asielzoekers heen en weer reizen naar Den Bosch, waar een kantoor van de IND is gevestigd. Raadslid De Vet: „De bussen zitten soms zo vol dat er geen plaats meer is voor schoolkinderen.”

De gemeente en het COA hebben al eerder afgesproken dat er misschien een kantoor van de IND op het centrum komt. Zodat aan het „gesleep met asielzoekers”, zoals raadsleden het omschrijven, een einde komt.

Het COA laat weten dat de plannen voor Gilze nog lang niet definitief zijn. En wat die klagende Irakezen betreft: iedereen moet nu eenmaal zes tot acht weken wachten op het eerste gesprek voor de procedure. „En met de huidige instroom zou het me niet verbazen als dat twee tot drie maanden duurt”, zegt een woordvoerder. Dat een Iraakse bril niet wordt gerepareerd, is een „individueel geval” waarop de woordvoerder niet kan ingaan. „Maar ze hebben allemaal een basisverzekering.”