In Zuid-Soedan is nu vrede. Maar voor hoelang?

Vredesakkoord

Er bestaat grote twijfel of de vrede een einde zal maken aan de stammentwisten.

Salva Kiir tekent het akkoord, terwijl president Kenyatta (links) van Kenia en premier Desalegn van Ethiopië toekijken. Foto Jok Solomun/Reuters

Na veel tegenstribbelen en grote internationale druk hebben alle strijdende partijen gisteren een vredesverdrag voor Zuid-Soedan getekend, waar bijna twee jaar geleden een burgeroorlog uitbrak. Maar er bestaan twijfels of het akkoord werkelijk tot vrede zal leiden in het land dat zich in 2011 afscheidde van Soedan. Gedurende een interimperiode wordt de macht gedeeld en de hoofdstad Juba gedemilitariseerd.

Zuid-Soedan is vier jaar na zijn onafhankelijkheid op de knieën. De jonge natie wordt geteisterd door een gewelddadige machtsstrijd tussen politieke leiders en een door stammenstrijd vergiftigde samenleving. Er vielen tienduizenden doden door honger en moordpartijen. Tienduizenden angstige burgers leven opgesloten in kampen en honderdduizenden vluchtelingen in buurlanden. De olie-export is door de strijd voor tweederde komen stil te liggen en het land lijdt onder een ernstige economische crisis.

Verdeling van de macht

Het vredesverdrag, waarover in de Ethiopische hoofdstad Addis Abeba anderhalf jaar is onderhandeld, voorziet in een wapenstilstand en een verdeling van de macht tussen de strijdende groepen van de voormalige rebellenbeweging en nu regeringspartij van Zuid-Soedan, de Soedanese Volksbevrijdingsbeweging (SPLM). De hoofdfiguren in de sinds december 2013 woedende broederstrijd zijn president Salva Kiir en zijn vroegere vicepresident Riëk Machar. Kiir verdedigt de belangen van de grootste tribale groep, de Dinka, Riëk die van de Nuer.

Het akkoord voorziet in een interim-bestuur van tweeënhalf jaar, geleid door Kiir en Riëk. Op nationaal niveau krijgt de regering 53 procent van de posities, Riëks rebellen 33 procent. In de overgangsfase zal het land twee legers kennen. Juba krijgt een neutrale troepenmacht.

Naleving van het akkoord zal worden bemoeilijkt door interne verdeeldheid in beide kampen. Kiirs legerleider Paul Malong Awan wil niets weten van een deal met Riëk en dreigde eerder met een staatsgreep als er toch wordt getekend. In Riëks rangen liepen eerder deze maand de twee hoge generaals Peter Gadet en Gathoth Gatkuoth weg uit protest tegen de vredesdeal. In Kiirs kamp hebben Dinka’s in de regio Noord-Bahr-el-Ghazal zich tegen de president gekeerd en ook in de door de regering gecontroleerde regio Equatoria is een guerrilla begonnen. Aan Riëks tribale zijde vecht de factie Bul Nuer tegen de regering. Met deze interne verdeeldheid is het de vraag of iedereen zich aan het gesloten akkoord gaat houden.

Gevecht om regionale invloed

De strijd in Zuid-Soedan is ook een strategisch gevecht voor regionale invloed. Met name Soedan en buurland Oeganda staan tegenover elkaar, hoewel beide landen deelnamen aan het vredesoverleg. De Oegandese president Yoweri Museveni liep eerder deze maand boos weg van de onderhandelingen in Addis Abeba omdat hij de deal ongunstig achtte voor bondgenoot Salva Kiir, die hij met Oegandese militairen bijstaat op het slagveld van Zuid-Soedan. Soedan geeft beperkte wapen- en andere hulp aan Riëks rebellen.

Ook het economisch snel groeiende Ethiopië roert zich. Het ambieert meer gewicht in de regio en verzet zich tegen de ambities van Oeganda. Wat alle buurlanden gemeen hebben is dat ze voor economisch gewin Zuid-Soedan willen openleggen voor handel. Daarom maakten ze plannen voor een spoorweg, een oliepijpleiding en een autoweg naar de Zuid-Soedanese hoofdstad Juba.

De machtstrijd heeft de latente stammentegenstellingen aangewakkerd. Ook in de oorlog tegen het gearabiseerde Soedan (1983-2005) raakten SPLM-facties onderling slaags, met als gevolg tribale oorlogen tussen Dinka en Nuer en tussen de Nuer onderling. Met het door de regering geïnstigeerde bloedbad in december 2013 onder Nuers in Juba, waarbij meer dan 10.000 Nuers werden vermoord, en de daarop volgende moorden onder Dinka’s door Riëks rebellen, zijn de wraakgevoelens nog nooit zo intens geweest en de wens tot verzoening zo klein.

Volgens voorstanders van het akkoord, zoals de kerken in het grotendeels christelijke Zuid-Soedan, kan in de interimfase aan verzoening worden gewerkt. Volgens critici is de vredesdeal een recept voor verdere desintegratie van het land.