Winnen in april, op het podium in juli en nu nog de beste

Alejandro Valverde wint de vierde rit en kijkt uit naar meer. Geen renner van zijn generatie blijft zo gemotiveerd.

Natuurlijk, prachtige overwinning in de eindsprint van een selecte groep op het venijnige slotklimmetje van de vierde etappe in de Vuelta. „Ik wist dat ik ging winnen”, sprak Alejandro Valverde gisteren in finishplaats Vejer de la Frontera. Liever keek hij direct vooruit. Donderdag weer kans op ritwinst? Wie weet. Maar de bergrit van vrijdag naar de Alto de Capileira telt volgens hem pas echt. „Een etappe die belangrijk zal zijn voor het algemeen klassement met de eerste grote aankomst bergop.” Ritzeges zijn leuk en aardig, maar de 35-jarige Spanjaard stelt zijn doelen nooit te bescheiden. Drie keer derde, twee keer tweede, eindwinnaar in 2009. En zes jaar later opnieuw?

Meer, meer, meer. Ook na zoveel volle jaren aan de wereldtop vindt El Imbatido steeds weer nieuwe uitdagingen om alles te halen uit zijn grote kwaliteiten als wielrenner. Waar zijn de andere uitblinkers van het klassieke voorjaar vier maanden later? Alexander Kristoff, John Degenkolb of wereldkampioen Michal Kwiatkowski toonden zich wel in de Tour en ook daarna, maar hun vormpiek lijkt lang voorbij. Valverde had na zijn dubbelslag in de Waalse Pijl en Luik-Bastenaken-Luik als enige klassieke winnaar nog genoeg over om in de Tour te duelleren met de besten en voor het eerst in zijn carrière als derde het podium te halen in Parijs. En na zo’n topseizoen ook nog strijden om de eindzege in de Vuelta, dat doet helemaal niemand hem na.

„De wielersport stelt op topniveau tegenwoordig extreem zware eisen aan de renners”, verklaarde Sky-manager David Brailsford in de Tour de trend dat toppers na een periode van succes steeds vaker een terugval lijken te kennen. De preparatie van extreem hard trainen en streng dieet is bijna niet onbeperkt vol te houden. Zie hoe een toprenner als Fabian Cancellara, generatiegenoot van Valverde, in de Vuelta al na de derde rit moest opgeven met een virusinfectie. „Een compleet gebroken man”, omschreef Sporza-commentator José de Cauwer de gesteldheid van de Zwitser, die eerder dit jaar zwaar ten val kwam in de E3 Prijs Harelbeke en de Tour.

Van de generatie van Valverde, in de Vuelta van 2003 al winnaar van twee ritten en derde in het klassement, zijn op zijn landgenoot Joaquim Rodriguez na geen klassementsrenners meer over. Wellicht ligt de basis voor zijn altijd voortdurende gedrevenheid in het Centro de Alto Rendimiento in de Sierra Nevada, vlakbij de finishplaats van vrijdag. Hier legde Valverde zichzelf een meedogenloos trainingsregime op nadat hij in 2010 was geschorst wegens doping, om een sterke comeback te maken in 2012. Nog altijd trekt hij zich er graag een paar weken terug voor een hoogtestage ter voorbereiding op een topprestatie.

Boegbeeld

Gisteren toonde het boegbeeld van Movistar – waar hij het kopmanschap net als in de Tour deelt met Nairo Quintana – in de finale zijn veelzijdigheid. Hij handhaafde zich makkelijk vooraan in de aanloop naar het slotklimmetje, wie durft Valverde in de weg te rijden? Op de eerste steile stukken zat hij goed uit de wind tussen klassementsrenners als Froome, Rodriguez, Quintana en Van Garderen. Toen het parcours technisch werd, met wat bochtige stukjes bergaf, koos hij precies de juiste lijn. Om in de laatste paar honderd meter, met stijgingspercentages boven de tien, het verschil te maken en in de laatste flauwe bocht naar de finish af te rekenen met Peter Sagan, die voor de zestiende keer dit seizoen als tweede eindigde.

„Deze aankomst lag me wel”, zei Valverde. „We wisten dat Sagan een van mijn grootste rivalen zou zijn dus hielden we hem in het vizier.” Negende ritzege in tien Vuelta’s, achtste overwinning van dit seizoen? „Zo’n zege geeft rust maar verder verandert er niets.” Vierde is hij nu in het klassement, op naar meer. Voor Valverde is het nooit genoeg.