Wat de politie wél had kunnen doen voor verpleegkundige Linda

Geweld tegen vrouwen komt te vaak voor. De kennis van effectieve maatregelen hiertegen dringt niet door tot de politie. Maar de instrumenten om in te grijpen zijn er wel, betoogt Renée Römkens.

Foto Thinkstock

Sinds de moord op verpleegkundige Linda van der Giessen (28) op de parkeerplaats van het TweeSteden-ziekenhuis in Waalwijk, gepleegd door haar ex, zijn er tenminste drie nieuwe, soortgelijke gevallen bekend. De toon in de berichtgeving wekt de indruk dat het voor de politie moeilijk is adequaat op te treden (‘complexe relatie’). Vooropgesteld: het pleit voor de politie dat ze onderzoek instelt naar wat misging. Critici spreken ferm over fouten en schuld. Wat overheerst is een beeld van trieste incidenten waarbij agenten uit onwetendheid en onvermogen niet wisten wat te doen. Uit onderzoek blijkt echter dat er wel degelijk effectieve maatregelen zijn. Dat die kennis nauwelijks doordringt is zorgelijk. Het verschijnsel is niet nieuw, de terugkerende verbijstering wel.

Een op de drie geweldincidenten waar de politie voor uitrukt betreft huiselijk geweld. Het huis is vooral gevaarlijk voor vrouwen. Daar lopen zij het grootste risico, laat een vergelijking van kennisinstituut Atria zien. Ten minste een op de vijf vrouwen is thuis ooit fysiek mishandeld door de partner. Jaarlijks gaat het om ruim 230.000 vrouwen. Ten minste een op de negen is ooit verkracht door de partner, en voor jongere vrouwen ligt dit rond de 15-20 procent.

Geweld gaat niet alleen vaak door na het verbreken van de relatie maar wordt ook erger (stalking). De World Health Organisation typeert huiselijk geweld tegen vrouwen als een ernstige bedreiging van de volksgezondheid. Het hangt samen met stereotiepe beeldvorming, en ongelijkheid in macht en controle tussen vrouwen en mannen. Hoewel een aantal vrouwen ook relationeel geweld tegen mannen gebruikt, is het meestal onvergelijkbaar in ernst en omvang. Vrouwen lopen disproportioneel grotere risico’s. Ondanks de gestage stroom van onderzoeksgegevens roepen deze uitkomsten vaak nog ongeloof en bagatellisering op.

De speciale rapporteur van de VN over geweld tegen vrouwen meldt dat van alle vrouwen die wereldwijd worden gedood, 38 procent slachtoffer is van de (ex-)partner. In Nederland blijkt dat een op de drie moorden en doodslagen het gevolg is van huiselijk geweld en vrouwen zijn daarvan vaker slachtoffer dan mannen. Tussen 1996-2006 lag het gemiddeld aantal partnerdodingen op 32 vrouwen (en 7 mannen) per jaar. Juist in de scheidingsperiode, als vrouwen willen ontkomen aan geweld, lopen ze het grootste risico.

De dood van deze verpleegkundige is dus bepaald geen uitzondering – eerder een schoolvoorbeeld. Als op een kruispunt ruim dertig doden per jaar vallen, zal acuut worden ingegrepen. De schaal waarop partnerdoding voorkomt schreeuwt om maatregelen. Met de recente ratificatie van het verdrag van de Raad van Europa over preventie van geweld tegen vrouwen en huiselijk geweld (de Istanbul Conventie) heeft Nederland zich daartoe ook verplicht. Enkele voorbeelden van wat uit onderzoek effectief is gebleken:

1Investeren in professionele deskundigheid. Geef aandacht aan de genderdynamiek: vrouwen en mannen lopen in verschillende mate risico. Een systematischere risicotaxatie per melding is essentieel. Artikel 51 van de Istanbul Conventie verplicht tot een taxatie met aandacht voor de kans op dodelijk geweld. Onze politie maakt al een risicotaxatie bij overwegingen tot een huisverbod. Die kan breder en eenvoudiger. In de VS zijn kortere instrumenten ontwikkeld om het risico op dodelijk geweld in te schatten en vervolgens adequaat bescherming te bieden.

2De korpsleiding moet uitdragen dat bestrijding van huiselijk geweld een politietaak is die prioriteit verdient. Veel geweldcriminaliteit gebeurt in huiselijke kring in een context van angst en intimidatie waar vooral vrouwen de dupe van zijn. De term ‘complexe relatie’ is een misplaatst eufemisme.

In New York nam na 2000 het aantal partnerdodingen af nadat de korpsleiding degradatie van agenten invoerde als bleek dat de ernst van de dreigementen onvoldoende was ingeschat.

3Ook preventieve wetgeving is mogelijk. In Engeland is Clare’s Law ingevoerd, die het mogelijk maakt voor de bedreigde én voor mensen uit de omgeving om melding te doen van dreigend partnergeweld. De politie is verplicht die melding te onderzoeken. Het maakt het mogelijk in een vroeger stadium gevallen van (doorgaans illegaal) wapenbezit te ontdekken en in te grijpen. Effectief ingrijpen is dus wel degelijk mogelijk. Laten we deze kennis gebruiken. Er staan te veel levens op het spel. Waar een wil is, is een weg.