...en dat kan ook de economie van Nederland raken

Ook de AEX dook gisteren in het rood. Heeft de Chinacrisis gevolgen voor Nederland?

Overal ter wereld laat de Chinese crisis zich voelen. Ook in Amsterdam. Daar sloot de AEX-index gisteren 5,2 procent lager, na een zeer roerige dag waarop de index zelfs even op min 8 procent stond. Vanochtend veerde de AEX weer op, met rond de 2 procent. Maar de verliezen van de afgelopen twee weken betekenen dat het Damrak alle opgebouwde winst van dit jaar kwijt is.

De trend op andere Europese beurzen is vergelijkbaar, allemaal in het kielzog van de ravage op de beurs van Shanghai. Die sloot vandaag 7,6 procent lager, bovenop het verlies van 8,5 procent op maandag. Dat was de Chinese Black Monday, zeiden analisten gisteren, verwijzend naar de wereldwijde beurscrash van 19 oktober 1987.

De koersdalingen begonnen op 11 augustus, de dag waarop China onverwacht de yuan in waarde liet dalen. Beleggers vatten dit op als een teken dat de groei in China veel lager kan uitvallen dan de door de regering voor dit jaar voorspelde 7 procent.

Maar hoe werken de problemen in China precies door op het Damrak? Kan ‘China’ ook het economisch herstel in Nederland gaan raken?

De koersverliezen op de AEX gaan maar voor een deel over de schade die individuele beursgenoteerden lijden door de crisis in China, zeggen analisten. China is over het algemeen niet zo’n heel belangrijke exportmarkt voor Nederland, anders dan voor Duitsland met zijn auto-industrie. Nederland exporteert meer naar, pakweg, Polen dan naar China.

Dat wil niet zeggen dat Nederlandse bedrijven niet actief zijn in China. Unilever haalt 42 procent van zijn omzet in Azië. Ook andere Aziatische landen worden hard geraakt door het terugvallen van de Chinese groei. Unilever verloor in een maand bijna 14,5 procent van zijn waarde op de AEX.

Nederlandse multinationals zijn bovendien actief op de markt voor grondstoffen. Vooral omdat de Chinese vraag achterblijft, zijn de grondstofprijzen de afgelopen weken fors gekelderd. „Shell, AkzoNobel, DSM, allemaal hebben ze hun groeiplannen in China moeten terugschroeven”, zegt Ivan Moen, hoofd beleggingen bij Optimix vermogensbeheer. Het aandeel Shell verloor in een maand zo’n 10 procent, dat van DSM 11. Moen voegt eraan toe dat, in het geval van Shell, de koersdaling ook komt door de lage olieprijs. De effecten vanuit China zijn soms „moeilijk te isoleren”.

De verliezen op het Damrak zijn heel breed. Ook bedrijven die weinig te maken hebben met China krijgen klappen. „De flinke correctie laat zien dat beleggers verwachten dat ‘China’ zijn weerslag zal hebben op de conjunctuur in het Westen in het algemeen”, zegt Moen.

Daar komt ook nog een typisch beurseffect bij, zegt Cees Smit, directeur van vermogensbeheerder Today’s. De aandelen die de afgelopen tijd fors in waarde stegen, zoals van technologiebedrijf ASML (van 70 euro in oktober naar 104 in juni en nu 74) worden snel verkocht door handelaren die „nú nog even hun winst willen pakken”. Zo daalt de AEX nog verder.

Krimp op de beurs betekent nog geen krimp in de reële economie. En dat beleggers verwachten dat de economie in het Westen schade zal ondervinden van de Chinese groeivertraging , is „iets anders dan dat het echt gebeurt”, zegt Nico Klene, econoom bij ABN Amro. Hij gaat ervan uit dat de Chinese regering zal ingrijpen om een ‘harde landing’ van de economie te voorkomen.

Maar de Nederlandse economie is wel sterk afhankelijk van de wereldhandel. En sinds 2000 hebben opkomende landen, waaronder China, bijgedragen aan driekwart van de wereldwijde economische groei, schreef de Europese Centrale Bank onlangs. „Stel je voor dat die groei sterk vertraagt. Dat zal zeker effecten hebben op open economieën als Nederland”, zegt Moen van Optimix. Weliswaar is de directe export van Nederland naar China beperkt, maar Nederlandse bedrijven zijn wel belangrijke leveranciers van Duitse bedrijven. Klene: „Via de haven van Rotterdam pikt Nederland bovendien van veel handel van China met Europa een graantje mee.”