Zo gebruik je Facebook, Twitter en ja, ook Instagram voor je carrière

foto Jorien de Waard

Mies is ‘muismattenuitklopper’. Met een vliegenmepper gaat ze bij bol.com de bureaus langs om stof uit de muismat te slaan. Ze krijgt er 826 euro per uur voor. Het bedrijf zoekt ook nog een ‘koffieroerder’ (789 euro per uur) en een ‘complimentengever’ (744 euro).

Serieuze banen? Natuurlijk niet. Maar de webwinkel heeft er wél aandacht en likes mee getrokken.

ABN Amro pakt het degelijker aan. Op hun Instagram-account staan filmpjes van lachende trainees, keurig in pak gestoken, microfoon in de hand.

Onze trainees hebben voor jullie onderzocht wie je tijdens je traineeship begeleiden. #traineecheck #studenten #traineeship

Een video die is geplaatst door Werken ABN AMRO (@werken_abnamro) op

Wat we kunnen leren van bedrijven

Bedrijven profileren zich steeds beter op sociale media. Daar kunnen wij wat van leren. Want zo zorgvuldig als zij hun ‘merk’ bewaken, zo slordig zijn wij. Facebookpagina’s waar iedereen kan zien dat je de Buzzfeedtest ‘Wie ben jij in Friends?’ hebt gedaan. Een LinkedIn-profiel zonder foto, een Twitteraccount waarop je alleen een boze tweet naar een telecommaatschappij hebt staan.


Recruiter Jacco Valkenburg, auteur van het boek ‘Recruitment via sociale media’, ziet het allemaal langskomen.

“Mensen besteden slechts drie minuten aan het invullen van een profiel, en dat zie je. Het voornaamste probleem is dat hun communicatie niet helder is. Je weet niet wie ze zijn en wat ze kunnen.”

Gemiste kans. Een goede online presentatie is voor iedereen belangrijk. Danitsja Bulatoff, expert op het gebied van netwerken: “Op het moment dat jij een kwalitatief netwerk hebt, word je meteen een stuk interessanter voor een werkgever, ook voor je huidige baas. Via sociale media is nou eenmaal goed te zien hoe ver je online netwerk reikt.”

Niet zomaar wat online pleuren

Maar voor een ‘levend’ online netwerk is méér nodig dan collega’s op Twitter of LinkedIn volgen of af en toe ergens op reageren. Je moet juist zélf interessante dingen online zetten.

Maar hoe? Marketingdeskundige Carlijn Postma:

“De tijd dat je opviel door gewoon een grote mond te hebben en alles wat je dacht op internet te pleuren is voorbij.”

Zo, dus

Postma adviseert over jezelf na te denken alsof je een magazine bent. “Dat klinkt even heel gek, maar het werkt ontzettend goed.” Binnen welk genre past jouw magazine? Is het een lifestylemagazine? Opinie? Wetenschappelijk?
Bepaal vervolgens ook een aantal thema’s die bij je passen, vier of maximaal vijf. Dan weten mensen wat ze van je kunnen verwachten. Zo van: we volgen Thomas omdat hij altijd over boeken schrijft. Heb je iets leuks bedacht, dan verdeel je je ideeën in verschillende vormen op verschillende kanalen. Postma:

“Wees niet bang om iets zowel op Twitter, Instagram als Facebook te zetten. Als ik iets op Twitter deel, weet ik dat slechts een fractie van mijn volgers dat leest. Dus doe ik het ook op Facebook, of Instagram. Natuurlijk zullen een paar mensen het dan dubbel zien, maar er zijn veel meer mensen die het anders zouden missen.”