Gezocht: nieuwe generatie

Voor het eerst in tien jaar was Lowlands niet uitverkocht. Met het concept is niets mis, vindt de festivaldirecteur. „Maar het ontgaat niemand dat er iets aan de hand is.”

Foto Ossip van Duivenbode

Was dit hun laatste keer? Ze hopen van niet, klinkt het binnen het clubje van de broers Ronald (52) en Erk Willemsen (56) en hun zus Birgit (50), die zich in het gras op Lowlands hebben verzameld. Ze hebben nog niet écht overtuigende acts gezien, en het is wel gezellig, maar het is ook wel eens bijzonderder geweest.

Maar voor de vraag of ze volgend jaar weer gaan is het nog te vroeg, vinden ze: het driedaagse festival in de Flevopolder is dan, zaterdagmiddag, net op de helft. Zo blind van vertrouwen als ze in de afgelopen tweeëntwintig jaar hun kaartjes kochten, zijn ze in elk geval niet meer. Met dezelfde groep vrienden gaan ze al sinds de eerste editie naar het festival – al is de groep wel wat uitgedund. „Op het hoogtepunt zaten we in vier huisjes, dus met vierentwintig man”, vertelt Ronald Willemsen. „Nu hebben we twee huisjes.” Broer Marcel is er bijvoorbeeld dit jaar niet bij: zijn gezin ging voor. En Ronald sluit niet uit dat hij, ondanks dat hij Lowlands-adept van het eerste uur is, volgend jaar naar een ander festival gaat.

Waar het festival in topjaren 2010 en 2011 al uitverkocht raakte nog voordat de programmering bekend werd, is de trend nu dalend. Lowlands raakte dit jaar voor het eerst in tien jaar niet uitverkocht. Van de 55.000 kaarten werden er uiteindelijk „tegen de 48.000” verkocht, aldus festivaldirecteur Eric van Eerdenburg. Er was, dankzij het mooie weer, de laatste dagen nog een klein verkoopspurtje.

Hausse aan festivals

Is er iets misgegaan? Op het festival was daarvan in elk geval weinig te merken: de grasvelden lagen vol, de campings waren afgeladen en de meeste artiesten trokken gewoon stampvolle, enthousiaste tenten. „Lowlands blijft gewoon bestaan”, benadrukt Van Eerdenburg, zondagmiddag. „Ik loop hier buiten rond en zie dat het goed is: die sfeer, die uitgelatenheid. Ik denk dat er met het concept van Lowlands niets mis is.”

Ligt het dan aan de buitenwereld? De verklaring voor de terugloop is in elk geval niet op één factor vast te pinnen. Eén van de factoren is volgens de kenners de hausse aan zomerse muziekfestivals in binnen- en buitenland, elk weekend meerdere. Die keken het kunstje handig af van de festivals die al jaren succes hebben, en spreken door hun kleinschaligheid een specifieker publiek aan. Het voordeel daarvan is dat ze goedkoper kunnen zijn, en voorzieningen en kwaliteiten kunnen bieden die voor het grote Lowlands geen prioriteit meer zijn: uitstekend eten, en voor de bezoekers veel bewegingsruimte. De Lowlandsbezoeker kan daarmee net zo goed naar festivals als Into the Great Wide Open of Down the Rabbit Hole, of hij gaat naar het goedkopere buitenland.

Een andere mogelijke factor is dieperliggend: de veranderende muziekcultuur, waarin de top-40 geen noemenswaardige rol meer speelt. Internet heeft de boel versnipperd. Er is veel subtop, er zijn weinig echte topacts – de mainstream in verdwenen. Daardoor zijn er voor het breed geprogrammeerde Lowlands maar weinig potentiële (lees: betaalbare) hoofdacts over.

Op het hoogtepuntmoment op de zondagavond moet het publiek in Biddinghuizen het met Major Lazer doen. Een hit, maar niet direct een reden om toch dat Lowlandskaartje te kopen.

Ontdekkingstocht

Voor de familie Willemsen heeft Lowlands niet per se meer de aantrekkingskracht die het ooit had: het festival was een ontdekkingstocht waar zij vooral heen gingen om nieuwe bandjes te leren kennen, met net iets alternatievere muziek. Het is nu groter, publiek en muziek zijn meer mainstream. Zoals Erk zegt: „Major Lazer als dé afsluiter op de zondagavond, of wéér The Chemical Brothers prominent op de zaterdagavond op het grootste podium, daar zit ik niet echt op de wachten.”

Toch is hij daarin ook weer niet maatgevend: de gebruikers van de Lowlands-app vinkten juist die twee acts het meest aan, toen ze uit het aanbod hun persoonlijke concertagenda selecteerden.

Birgit Willemsen mist dit jaar vooral de „ruige rock, het echte gitaargeweld”. De band van formaat die daar in de zondagavondprogrammering nog het dichtst bij in de buurt komt, Interpol, heeft al jaren geen nieuwe muziek uitgebracht. De app-gebruikers verheugden zich er nauwelijks op.

Misschien is het domweg tijd voor een nieuwe generatie vaste Lowlandsgasten. En die komt ook, zegt Eric van Eerdenburg: „De gemiddelde leeftijd lag boven de dertig. Nu wordt dat weer jonger, blijkt uit ons publieksonderzoek. Dat is ook logisch, want we volgen wat er in de muziek gebeurt. We hebben veel jonge acts, Shamir, Tove Lo, en die zitten in een andere fase in hun leven dan de Lowlandsbezoeker van het eerste uur. We kunnen geen classic rock-festival worden, we moeten voorop blijven lopen.”

Waar een festival zich in de groeiende festivalcultuur steeds meer onderscheidt in de niche, en met kleinschaligheid, wil Lowlands niet krimpen. De „belangrijkste kracht” van Lowlands is volgens de directeur dat het een totaalfestival is, met acts die uiteenlopen van populaire popmuziek en hippe hiphop tot politieke speeches en filosofische colleges. Van Eerdenburg: „Je hebt in festivals de kleine niches en de grote headliners, wij zitten ertussenin. Wij brengen een boel niches bij elkaar, en daarom komen er veel mensen. Er is in Nederland geen enkel festival dat zoveel kwaliteit op zoveel terreinen bij elkaar brengt als wij.”

Maar de muziek is allang niet meer allesbepalend, vindt de familie Willemsen. Birgit komt gewoon omdat ze haar „ermee naartoe slepen”, lacht ze. En zónder zijn vaste vriendengroep zou Ronald niet gaan, zegt hij.

Er is een plan

Van Eerdenburg werd het hele weekend aangesproken door mensen, zegt hij, die aandrongen dat er „niets moet veranderen”, dat het zo goed is. Dus de stemming is dat er niets moet veranderen? „Het ontgaat niemand dat er iets aan de hand is.”

Dus er is een plan? „Er is een plan, maar geen draconische maatregel.”

Aanpassingen op detailniveau? „Kijk: ik hoor dit jaar bijvoorbeeld veel mensen zeggen dat ze het terrein vriendelijker en natuurlijker vinden aanvoelen – die aankleding is een van de dingen die we dit jaar hebben aangepast. En mensen zeggen tegelijk dat ze het eten óók lekkerder vinden, terwijl die cateraars er vorig jaar ook waren. Met details kun je dus al veel verbeteren, om te zorgen dat mensen het naar hun zin hebben en zeggen: volgend jaar weer.”

Dus Lowlands is niet de trendsetter die wordt ingehaald door de concurrentie, de kleine festivals met riante campings en culinaire catering? De wet van de remmende voorsprong gaat niet op? „Dat is natuurlijk makkelijk kritiek leveren: ik moet ook de infrastructuur opzetten om 55.000 buiken te kunnen voeden. Dan heb ik grote cateraars nodig, die wel goed en gezond eten kunnen maken, maar misschien niet helemaal hetzelfde imago hebben als een leuk foodtruckje op een ander festival. Maar als er bij die festivals goede mensen werken, kunnen ze een telefoontje verwachten.”

„Heerlijk feestje (mooi weer!)”, sms’t Ronald Willemsen zondagmiddag. Dus dat de familie Willemsen volgend jaar toch wéér naar Lowlands gaat „zit er dik in”.