Wat leest een politicus op vakantie?

Vakantie is er voor de ontspanning, vindt men. Maar politici ploegen zich door Nussbaum, Ayn Rand en Varoufakis heen.

Illustraties Hajo

Ironischer kan haast niet. Halbe Zijlstra was deze zomer drie weken op vakantie op het communistische Cuba. En welk boek las VVD-fractieleider daar? The Fountainhead van Ayn Rand, een roman die gezien wordt als de ‘bijbel’ van ultraliberale kapitalisten. Zijlstra vond het een „fantastisch boek”.

Zijlstra is een van de politici die deze krant aan het einde van het zomerreces vroeg welke boeken ze tijdens hun vakantie hebben gelezen. Sommigen van hen wilden niet meedoen, zoals de PvdA’ers Diederik Samsom en Lodewijk Asscher. PVV-leider Geert Wilders reageerde niet op onze verzoeken. En ook premier Rutte wenste zijn vakantieboeken niet prijs te geven. Vorig jaar nam hij nog een biografie van François Mitterand mee.

Bij de politici die wel meededen, valt een aantal dingen op. Om te beginnen de grote verschillen in aantallen. Sommigen, zoals minister Stef Blok (VVD), lazen één boek. Anderen – bijvoorbeeld CDA-leider Sybrand van Haersma Buma – een hele stapel.

Wat domineert in deze steekproef is fictie. Natuurlijk, sommige politici nemen een beetje huiswerk mee op vakantie. Zo las D66-leider Alexander Pechtold, nu al negen jaar in de oppositie, een informatief boek van PvdA’er Ed van Thijn over kabinetsformaties. Maar de meeste prominente Binnenhofbewoners stopten toch een roman, een thriller of een familiegeschiedenis in de koffer.

Je kunt onze nationale politici niet betichten van gemakzucht. Vaak lezen ze kloeke en doortimmerde werken. Minister Jet Bussemaker (Onderwijs, PvdA) werkte zich door een boek van filosofe Martha Nussbaum heen. SGP-leider Kees van der Staaij zette zich aan een Italiaans magnum opus van meer dan 1300 pagina’s. En minister Lilianne Ploumen (Ontwikkelingssamenwerking, PvdA) waagde zich aan de notoir ondoordringbare Nobelprijswinnaar Patrick Modiano.

Misschien wel het meest opvallend: onze toppolitici lezen bij voorkeur boeken die hun wereldbeeld bevestigen. Zie Zijlstra met The Fountainhead. Maar ook Jesse Klaver van GroenLinks, die over de grenzen van de globalisering las. Kampioen is SP’er Emile Roemer, met boeken over graaiende bankiers en vermogensongelijkheid, een boek van de linkse Griekse oud-minister Yanis Varoufakis en een anti-kapitalistisch traktaat van een Belgische socioloog.

Wie weet horen ze genoeg oppositie door het jaar heen?